*

 
dossier

Archief

Een supermarkt heeft geen secretaresse voor hele dagen nodig

EDWIN KREULEN − 22/01/97, 00:00

“Hoe meer diploma's, hoe beter,” zei Eveline Jongerius twee jaar geleden. Ze zat toen middenin in haar basisopleiding voor administratief medewerker en ze wilde graag werken op een kantoor. “De sfeer trekt mij aan, maar ik vind typen ook leuk. En zelfstandig bezig zijn.” Over haar kansen op een baan twijfelde ze. “Wie wil er nu een zestienjarige als administratieve kracht?”

“Hoe meer diploma's hoe beter? Dat vind ik nog steeds,” zegt de inmiddels zeventienjarige Jongerius. Ze heeft de daad bij het woord gevoegd. Van het voorbereidend beroepsonderwijs in Nieuwegein is ze doorgestoten naar de MEAO op het Utrechtcollege.

Jongerius is een goedlachse tiener die niet houdt van lange verhalen. Er moet gewerkt worden, leerde ze al in het familiebedrijf, een supermarkt in Utrecht. Op haar nieuwe school hebben ze een iets andere mening. Er moet behalve gewerkt ook nog gestudeerd worden.

De praktische basisvakken heeft Jongerius geleerd op haar vorige school, het voorbereidend beroepsonderwijs (dat vroeger 'lager beroepsonderwijs' heette). Twee jaar zat ze op het Anna van Rijn-college. Typwerk en de bedrijfsadministratie bijhouden behoren inmiddels tot haar vaardigheden. Op het Utrechtcollege blijkt dat bij het voeren van een secretariaat meer komt kijken. Jongerius haalt een krappe voldoende voor de meeste vakken in de secretariële richting die ze heeft gekozen. “Het is lastig hier op school, je krijgt veel meer theorie dan ik gewend ben. Volgend jaar krijg ik les in de praktijk, dat lijkt me leuker.”

De vorige school van Jongerius werkte veel met 'simulaties'. De leerlingen moesten doen alsof ze in een levensecht bedrijf werkten. Ze moesten telefoneren, faxen, bestellingen verzorgen en overleggen met allerlei instanties. De handen van Jongerius jeuken om opnieuw de praktijk te simuleren. “Dat kan hier op school wel iets meer gebeuren, vind ik.”

De talen, dat gaat nog wel, maar 'zoiets als economie en management' is het grote struikelblok voor de studente. Ze haalt een studieboek economie tevoorschijn en bladert zuchtend door de hoeveelheid theorie. Daarvoor zal ze deze zomer waarschijnlijk de 'bufferweken' moeten gebruiken om toch nog aan een voldoende te komen. De MEAO-opleiding van Jongerius duurt drie jaar.

Informatica en vooral tekstverwerken zijn haar grote liefde, getuige het rapportcijfer negen dat inmiddels op haar conto prijkt. “Zo moeilijk is dat niet, een paar stukjes typen. Als je het maar zorgvuldig doet.” Ze verzorgt inmiddels ruim tweehonderd aanslagen per minuut. “Er zijn veel vooroordelen over het werk op een kantoor. Dat het vreselijk saai zou zijn. Dat je alleen maar tussen stapels papieren zit. Je moet ervan houden. Mij trekt dat wel.”

Iedere dag moet Jongerius op school verschijnen. Ze heeft een tijdje 's middags vrij gekregen omdat het Utrechtcollege te weinig lokalen had. Het college is een vrij recent samenvoegsel van een aantal scholen. Binnenkort gaat een andere groep leerlingen op stage, dus komen de lokalen vrij voor de lichting van Jongerius. Dat betekent regelmatig les tot na vijf uur.

Na schooltijd zit Jongerius thuis nog dagelijks een uur te blokken. Het bevalt haar goed bij haar ouders. “Voorlopig blijf ik thuis wonen. Het leven is al duur genoeg. Ik ben nog geen achttien, dus ik krijg nog geen studiebeurs en moet ook voor de tram betalen. Ik geloof dat ik maandelijks ongeveer negentig gulden krijg. Daarvan kun je niet leven.”

Jongerius vult haar inkomen aan door op zaterdag- en dinsdagmiddag in de supermarkt van haar vader en oom te werken. Ze zit achter de kassa en vult de vakken bij. Twee jaar geleden dacht ze al dat haar toekomst niet in het familiebedrijf ligt, en dat is zo gebleven. “Ik zou hoogstens de administratie kunnen doen. Maar daarvoor hebben ze al iemand. En een supermarkt heeft geen secretaresse voor hele dagen nodig.” De rest van het gezin werkt ook in de ouderlijke supermarkt.

“Ik vind het in de supermarkt best leuk,” zegt Jongerius. “Maar ik moet ook andere ervaring krijgen. Op kantoor. Dat is moeilijk, want het uitzendbureau heeft alleen van die baantjes als folders bezorgen. En door de week zit ik op school. Het is moeilijk om een administratief bijbaantje te krijgen.”

Jongerius vraagt zich nog steeds af of de werkgevers voor haar in de rij zullen staan. “Je moet toch ervaring hebben. Dat zie je ook steeds bij advertenties in de krant. Ik weet nog niet met welke baan ik het liefst wil beginnen. Als ik mijn MEAO-diploma haal en ik weet het nog steeds niet, dan moet ik misschien nog verder leren. Misschien heeft het arbeidsbureau wel een baan. Er moet maar net iets komen.”

Jongerius heeft nog even gedacht om op de MEAO voor de richting te kiezen die opleidt voor het bankwezen en verzekeringen. “Dat leek me ook wel aardig. Maar op mijn vorige school zeiden ze dat in die richting weinig banen zijn. Dus werd het de secretariële richting. Daarin zijn nog aardig wat banen vrij.”

Haar hoogste ambitie is de functie van directiesecretaresse. “Je bent dan de rechterhand van de baas, dat lijkt mij leuk. Soms ben je zelf de baas, dat is natuurlijk nog leuker. Ik vind het ook prettig om veel contacten te hebben met je naaste collega's. Op kantoor gebeurt dat. In een winkel praat je meestal met de klanten, maar af en toe met de andere medewerkers. En je hebt altijd lastige klanten.”

Jongerius vindt niet alle activiteiten van de directiesecretaresse even aantrekkelijk. “Je moet representatief zijn, je bent het visitekaartje van het bedrijf. Dat zie ik mij nog wel doen. Maar je moet ook presentaties houden en vergaderingen inleiden. Daar ben ik niet goed in.”

Jongerius zal zich waarschijnlijk bij een bedrijf moeten opwerken tot directieniveau. “Dat kan wel jaren gaan duren.” Of het bedrijf luiers verkoopt of aardappelen, maakt haar weinig uit. De secretaresse-opleiding bij Schoevers ziet ze niet zitten, die is moeilijk en haar te duur. De HEAO is een andere weg, maar Jongerius vreest dat daar de door haar gevreesde theorie helemaal centraal staat. “Als je ziet hoeveel moeite ik nu al heb met al die boeken, lijkt me de HEAO lastig.”

De functie van directiesecretaresse is niet het enige doel in het leven van Jongerius. Trouwen en kinderen krijgen zitten ook in haar toekomstbeeld. “Maar eerst moet er gewerkt worden.”

mailIcon print |