*

 
dossier

Archief

'Den Haag vindt ons een soort Limbabwe'

Door: redactie − 03/03/95, 00:00

Van een onzer verslaggeefsters SWALMEN - “De A 73?”, vraagt in Reuver de pompbediende. “Wat is daar dan mee?” Ze leest eigenlijk nooit kranten, ook niet de kranten die in het rek staan bij tankstation Geerlings-Teunissen, met op de voorpagina die dag, in vette koppen het kabinetsbesluit over de snelweg.

“Alleen naar de plaatjes kijk ik. Erg hè.” Dat de Kamer op hetzelfde moment debatteert over een snelweg die vlak langs haar dorp komt te lopen, wist ze niet.

In de dorpen langs het oostelijk tracé van de A 73 maken de inwoners zich niet erg druk over het debat. Minder dan je zou verwachten. “We wachten de uitkomst wel af”, zegt Ferd Geerlings, de jonge eigenaar van het pompstation langs de N 273. Hij is erbij gehaald door de pompbediende, want: “Ferd weet het vast wel, over de A 73. Hij volgt het.”

Als om dat te bewijzen draagt Geerlings een verse krant bij zich, die hij net wil gaan lezen. Niet dat hij zijn nagels afbijt van spanning. Het maakt hem weinig uit: west of oost. “Het verkeer blijft toch wel komen, waar de snelweg ook komt. Ik ben niet zo bang om klanten te verliezen.” Emoties maakt de A 73 blijkbaar niet los.

“Er wordt al twintig jaar over die snelweg gepraat. We zijn er een beetje moe van geworden. En ons Limburgers wordt toch niets gevraagd. Sorry dat ik het zo cru zeg, maar in Den Haag vinden ze ons een soort Limbabwe.”

In Belfeld, ook langs de eventuele A 73, is de stemming al even lauw. De één heeft geen mening, de ander ziet de snelweg liever op de westelijke Maasoever. Mevrouw M. van Neerven denkt dat de snelweg er al ligt. Ze bedoelt de tweebaans 'streekweg' die sinds een paar jaar achter het dorp langs loopt, als een soort voorloper van de A 73. De streekweg, die straks verdubbeld wordt, ligt pal achter haar huis. “Maar ik heb er geen last van.”

Het gemeentebestuur van Belfeld heeft alle reden om de Kamerdebatten te volgen. Er staan grote financiële belangen op het spel. Belfeld (5 300 inwoners) heeft vijf jaar geleden een 'bovenlokaal' industrieterrein aangelegd langs de geplande A 73. Als de snelweg op de westoever van de Maas komt te liggen, blijft de gemeente achter met een strop van minstens 2 miljoen gulden.

Burgemeester F. J. van Beeck (CDA) drentelt rusteloos door het stille gemeentehuis. Bijna alle ambtenaren hebben vakantie. De burgemeester steekt de ene sigaret met de andere aan. Maar hij blijft vrolijk.

Vooral de ondernemers op de oostoever wensen de snelweg vurig aan 'hun' kant. Middenstander J. Konings heeft daar zelfs voor over, dat de natuur rond zijn woonplaats Swalmen wordt doorkliefd door een snelweg. “Zo erg is dat niet. De milieulobby overdrijft.”

Op de achtergrond klinkt minister Jorritsma, maar de tv staat niet aan omdat Konings het debat per se wil volgen. Hij verkoopt tv's. Buiten klinkt de herrie van continu autoverkeer. “Elke dag 24 000 auto's door de straat, dwars door het centrum van Swalmen”, raadt Konings de vraag. “Voor de winkel is dat goed, want iedereen ziet ons.” Durft hij te hopen dat de Kamer het kabinetsbesluit verwerpt, en toch voor 'oost' kiest? Ook deze Limburger wacht af. “Eerst zien, dan geloven.”

Tegenstanders van de snelweg langs de oostoever zijn er ook. De familie Zaeijen in het gehucht Asselt, onder Swalmen, kijkt nu nog uit op een glooiend landschap. Asselt ligt idyllisch aan de Maasoever. Vlakbij zijn de dassenburchten waar de milieu-organisaties zuinig op zijn en 17e eeuwse boerenhoeves. Ria Zaeijen vraagt zich af wie er eigenlijk een snelweg op de oostoever wil. “Als je de kranten leest, is het net of heel Limburg massaal voor 'oost' kiest. Ik vraag het me af. De ondernemers willen het, dat is duidelijk. Maar waarom zouden de inwoners van Swalmen en Asselt blij moeten zijn, zelfs al ligt de A 73 in een tunnel?”

Ze vindt dat het gebied door autoverkeer toch al is verpest. “Vijftien jaar geleden fietste ik dagelijks langs de provinciale weg naar mijn werk in Roermond. Drie auto's kwam je dan tegen. Hooguit.”

Tegenwoordig staan er in de ochtend- en avondspits lange files. Zelfs nu het vakantie is, kruipt het verkeer langzaam door het Maasdal. Opschieten is er niet bij. En dat, zegt turbo-rijder Marc Gelissen, is precies waarom hij graag de snelweg op de oostoever ziet. Hij staat voor het verkeerslicht bij Roermond. “Aan een snelweg op de westoever heb ik niets. Als ik naar Venlo wil, duurt me dat nog steeds te lang.”

Juist op dat moment klinkt uit de autoradio het bericht dat de Kamer heeft gestemd. Het wordt 'oost'. “Mooi”, zegt Gelissen, “En kunnen ze nu meteen de A68 tussen Roermond en Weert even afbouwen?”

mailIcon print |