Van een onzer verslaggevers Het Elfstedenbestuur heeft in zijn bijna 88-jarig bestaan slechts zelden de sanctie van diskwalificatie toegepast. Incidenten rond de Elfsteden-wedstrijden zijn talrijk, maar uitsluiting overkwam voor zover valt na te gaan eigenlijk alleen de gebroeders Siep en Wierd Wijnia uit het Friese Edens, in 1947.
Daarbij ging het om 'opleggen' (zich laten duwen, of pal achter elkaar rijdend elkaars schouders vasthouden). De Wijnia's werden er bovendien van beschuldigd dat ze zich tijdens die barre tocht stukjes in een auto hadden laten rijden. Ze hebben die aantijging altijd met klem ontkend; hun vader riep zelfs in een krantenadvertentie mensen op die konden bewijzen dat zijn zoons in een auto waren gestapt. De beloning: 500 gulden. Niemand heeft de, voor die tijd toch forse, som ooit opgeëist.
De tocht van '47 was er één met tal van misdragingen. Vast staat dat vele toerrijders hebben gesjoemeld. Ze lieten zich hele stukken per auto of achterop de fiets vervoeren. Wedstrijdrijders Joop Bosman uit Breukelen en Klaas Schipper uit Steenwijkerwold, die als eersten aankwamen, liepen hun prijs mis. Het Elfstedenbestuur wees na talloze vergaderingen Jan van der Hoorn uit Ter Aar, die als vijfde - na de broers Wijnia - binnen was gekomen, als de winnaar aan.
Heibel was er al bij de tweede Elfstedentocht in 1912. De legendarische Coen de Koning uit Arnhem werd 's avonds laat na zijn overwinning in Leeuwarden aan de bestuurstafel in 'De Harmonie' ontboden. Er waren beschuldigingen dat hij door een gids die met hem meeschaatste, zou zijn getrokken. De Koning ontkende met klem, waarop het bestuur het tegen hem ingediende protest verwierp.
Maar de winnaar was zo boos dat hij de gouden medaille weigerde in ontvangst te nemen. In zijn dagboek schreef hij: “Ik deelde de voorzitter mee dat al mijn medailles die ik in mijn sportloopbaan had gewonnen, eerlijk verdiend waren. Ik wenste geen enkele medaille in mijn bezit te verkrijgen waaraan ook maar enige smet zou kleven.” De Koning eiste een grondig onderzoek en volledige rehabilitatie in de drie voornaamste dagbladen van Nederland. Die kreeg hij, alsmede de gouden medaille.
In 1956 was het opnieuw hommeles in Leeuwarden. Vijf koplopers hadden bij Vrouwbuurstermolen de afspraak gemaakt dat ze gezamenlijk over de finish zouden gaan. Geen sprint. Kalm aan.
Een grote menigte zag toe hoe de vijf hand in hand onder het finishdoek doorgleden. Een enorm gejuich brak pas los toen even later de populaire Jeen van den Berg uit Nijbeets (winnaar in 1954) aankwam. Het bestuur stond voor een moeilijke beslissing. Het wedstrijdreglement voorzag in twee mogelijkheden: loting of diskwalificatie. Het bestuur week echter af van het reglement en kwam met de beslissing dat er ditmaal geen prijzen zouden worden uitgereikt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.