Van onze correspondente GRONINGEN - Districtschef M. ter Harmsel van de regiopolitie Groningen vindt dat de politie in de nacht van 30 op 31 december terecht besloot niet in te grijpen bij de rellen in de Oosterparkwijk.
De chef van het district Groningen-Haren schrijft dat in een vertrouwelijk rapport aan de korpsleiding, zo meldt het ANP. Ter Harmsel zou daarin ook beweren dat burgemeester Ouwerkerk die nacht wel degelijk goed is geïnformeerd over de situatie in de wijk, toen hem om toestemming voor ME-inzet werd gevraagd.
Zowel Ouwerkerk, die zich de dag na de rellen van de politie distantieerde, als Ter Harmsel (tot nu toe tegen publiciteit beschermd) krijgen flinke kritiek in het recent verschenen rapport van J. Beelaerts van Blokland. Ter Harmsel, die de bewuste avond en nacht thuis bleef, verklaarde tegenover Beelaerts dat hij de gebeurtenissen heeft onderschat. “Hij heeft de dreiging van de jongeren voor de bewoners niet bevroed”, aldus de oud-commissaris van de koningin in Utrecht, die de gebeurtenissen in de Oosterparkwijk in opdracht van de gemeente onderzocht.
Beelaerts voerde gesprekken met alle betrokkenen. Hij vindt dat zowel Ouwerkerk als de districtschef zich 'diepgaander' hadden moeten bezighouden met de ordeverstoring in de Groningse Oosterparkwijk. Ter Harmsel had naar het hoofdbureau moeten komen, in plaats van de hele klus aan de officier van dienst over te laten, aldus de onderzoeker.
Nadat de officier van dienst de burgemeester toestemming voor ME-inzet (en eventueel gebruik van traangas) had gevraagd, had ook Ouwerkerk naar het bureau moeten gaan of tenminste zelf nog eens moeten bellen. Te meer, stelt Beelaerts, omdat bekend was dat de Oosterparkwijk een 'bijzondere wijk is, die extra aandacht verdient'. Hij noemt het verder 'merkwaardig' dat geen van beiden zich afvroegen of de officier van justitie was ingelicht.
Ouwerkerk, eindverantwoordelijk voor de openbare orde in de stad, verklaart in een recente brief aan de raadscommissie veiligheid, die morgen over de kwestie debatteert: “Doordat niet de korpschef of de districtschef, maar de officier van dienst zich bij mij heeft gemeld, ben ik ervan uitgegaan dat de politie de toestand onder controle had. Ik heb er geen moment rekening mee gehouden dat de politie ondanks dringende buurtbewoners niet in actie zou komen. Als ik dat geweten had zou ik onmiddellijk met de districtschef contact hebben opgenomen.”
Verder beroept de burgemeester zich erop dat hij zich ervan had verzekerd dat districtschef Ter Harmsel op de hoogte was en dat de inzet van de ME een operationele kwestie is.
“Daardoor was er voor mij geen aanleiding mijzelf er verder nog bestuurlijk mee bezig te houden”, aldus Ouwerkerk. Eerder al verklaarde hij die avond vlak voor twaalven slechts 'summier' te zijn ingelicht over de situatie waarvoor ME-inzet werd gevraagd.
Plaatsvervangend korpschef H. Munting schrijft in een definitief rapport over de rellen dat de op het bureau aanwezige politieleiding die nacht 'de stellige indruk had dat de raddraaiers doelbewust en alleen uit waren op een directe confrontatie met de politie'. Hoewel er die nacht een 'hausse' aan telefonische meldingen uit de Oosterparkwijk binnen kwam, drong het niet tot de politie door dat het geweld van de groep jongeren mede op bewoners en hun huizen was gericht.
Munting ontkent dat de telefoon er bij de politie werd opgegooid, toen burgers opbelden. Wel werden bewoners 'kortaf en ontoereikend' geïnformeerd over wat er stond te gebeuren. De communicatie tussen de regionale meldkamer en de operationeel leidinggevenden op het hoofdbureau was gebrekkig. Na half elf kwam er van politiezijde geen informatie meer uit de buurt, omdat de politie zich had teruggetrokken.
Wel was bij de politie op het hoofdbureau bekend, dat de bewoners angstig en wanhopig waren. Die emoties hadden meer betrokken moeten worden bij de afweging of het verantwoord was om in te grijpen, zegt Munting. Toch heeft hij begrip voor het besluit om niet op te treden, al vindt hij het nog steeds 'niet te rechtvaardigen'.
Volgens Munting was het besluit mede gebaseerd op informatie dat de relschoppers beschikten over 'wapens en mogelijk vuurwapens'. Verder hadden de jongeren in de buurt barricades opgeworpen, waardoor de politie zich 'vrijwel onmogelijk' had kunnen terugtrekken. Hij wijst er op dat menig politieman 'traumatische ervaringen' heeft opgedaan bij geweldincidenten.
De plaatsvervangend korpschef stelt dat de politie geen aanwijzingen had dat er in de Oosterparkwijk rellen op stapel stonden. Eerdere ongeregeldheden in die week vatte de politie op als uiting van de gebruikelijke onrust rond de jaarwisseling.
Overigens vindt Munting dat het rapport-Bakkenist ten onrechte met de Oosterparkwijk-rellen in verband is gebracht. “De bestuurlijke verhoudingen in de regionale beheersdriehoek hebben op geen enkele wijze een rol gespeeld bij de besluitvorming inzake de ordeverstoringen.”
Ook Beelaerts van Blokland vindt dat de veiligheid van de bewoners een grotere rol had moeten spelen in de risico-analyse, en dat leidinggevenden met meer verantwoordelijkheid erbij gehaald hadden moeten worden. Maar ook hij toont begrip voor de positie van de politie. Door het toenemend geweld tegen agenten, zegt hij, “is het geen wonder dat zij zich in toenemende mate onzeker en bedreigd voelen”. Hij wijst erop dat de ambtsinstructie de politie voorschrijft zeer voorzichtig te zijn met tegengeweld.
Beelaerts vindt verder dat de verantwoordelijkheid voor ongeregeldheden te gemakkelijk bij de politie wordt gelegd. “Vaak is degene die agressie bedrijft nog lang niet meerderjarig, nochtans is er van ouderzorg weinig te merken”, schrijft hij. “Voor hetgeen de jeugd op straat uithaalt dienen ouders aanspreekbaar te zijn.”
Tijdens de rellen is er voor 100 000 gulden schade aan woningen aangericht. De gedupeerde bewoners hebben van de gemeente inmiddels financiële vergoedingen voor de schade op hun bankrekening bijgeschreven gekregen. Drie woningen werden geplunderd en grondig vernield. Deze zwaarst getroffen Oosterparkers, onder wie het SP-statenlid S. Lammerts, kregen tevens vervangende woonruimte aangeboden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.