En toen liep de ballon weer leeg. De Nederlandse Vereniging van Journalisten had er werk van gemaakt als het antwoord van procureur-generaal Docters van Leeuwen onbevredigend was geweest. Maar gistermiddag verdwenen de beschuldigingen van politiechef Dros en officier van justitie Gonzales, dat sommige journalisten betrokken zijn bij de georganiseerde misdaad, van tafel.
Journalistiek en boefachtig Nederland moeten opgelucht adem hebben gehaald, de rust keerde terug te Den Haag en ik durf vandaag weer zonder vermomming de straat op. Zo verdween tegelijk de enige bijvalsbetuiging voor de zelfbenoemde journalisten-advocaat Spong, die vorige week zaterdag in Nova de gehele Nederlandse journalistiek opriep een klacht in te dienen wegens smaad, kwaadaardige beweringen tegen beter weten in en zonder een spoor van bewijs. (De rest van journalistiek Nederland haalt Spong er alleen bij als werkelijk alle andere advocaten in dit land zijn uitgestorven). Als Docters van Leeuwen wèl man en paard had genoemd, dan had de NVJ namelijk niet geaarzeld het zwaarste wapen in stelling te brengen: de beschuldigden zouden voor de Raad voor de Journalistiek worden gedaagd.
By the way, heeft de NVJ ook al om een uitspraak gevraagd van diezelfde raad in de kwestie Peter R. de Vries, die eind van de maand voor de rechter moet komen wegens 'journalistieke heling' en zijn verdediging daar zal baseren op zijn journalistieke plichten? Dát is pas eenduidelijk gevalletje voor de raad, vond ik een jaar geleden al. De Vries wordt er dan ook op vrij ruime schaal van verdacht een journalistieke loopjongen te zijn van een breed scala aan criminelen, die hem voor bewezen diensten - zie Bart Middelburgs boek 'De Dominee' - belonen met sappige verhalen, waarvan openbaarmaking de boeven goed uitkomt.
De verdediging van De Vries is tot nu toe dermate warrig, dat er geen reden is die serieus te nemen. De bij de Amsterdamse officier van justitie Valente gestolen spullen had hij 'in de brievenbus gevonden', zei hij in het Tros-programma Deadline, terwijl hij er een geheimzinnig gezicht bij opzette alsof hij een echte journalist is. In Nova voegde hij eraan toe dat hij slechts 'zijn plicht als journalist' vervulde: hij had alles eerst gecheckt voor hij overging tot publicatie van fragmenten uit de gestolen floppy's. Zo staat het ook in artikel 3 van de journalistieke erecode: 'De journalist doet zijn berichtgeving alleen berusten op feiten waarvan hij de bron kent'. Artikel 4 luidt nog: 'Bij het verkrijgen van nieuws, foto's en documenten zal hij op faire wijze te werk gaan'.
En tot slot (het leek wel een gewone, brave burger) had hij de gestolen waar ook nog naar de politie gebracht. Dat gebeurde overigens op bevel van de politie en pas nadat De Vries van de floppy's gebruik had gemaakt. (Hier is uw gestolen bankpasje terug, zei de eerlijke vinder, waarna bleek dat hij de rekening had geplunderd.) Wat gecheckt en bij wie dan wel? Of het werkelijk een deel van de buit van criminelen was? Of deze betrouwbare informanten hem ook volledig hadden geïnformeerd? En toen als beloning het scoopje van de onthulling van de daders maar achterwege gelaten?
Als er iemand beweert dat in Nederland journalisten mogelijk betrokken zijn bij de georganiseerde misdaad, dan knik ik nog steeds berustend. En, mijnheer de voorzitter, velen met mij, want ik heb niet echt de indruk dat de journalistiek dezer dagen veranderd is in een kolkende massa van verontwaardigde, in hun eer aangetaste inktkoelies. Even afgezien van de burelen van de NVJ.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.