*

 
dossier

Archief

Een waterbron ruilen tegen een weg

Inez Polak − 10/12/99, 00:00

De waterputten en verbindingswegen van de Golanvlakte zijn al sinds het eind van de Eerste Wereldoorlog inzet in conflicten tussen Syrië en Israël. Inzet van de huidige vredesbesprekingen zijn zes onderhandelingspunten, waarbij de geschiedenis van de grens meespeelt. Als Israël de Golanvlakte gaat teruggeven is de vasthoudendheid van de Syrische premier Assad beloond.

Niet alleen de Golan zelf, ook de grenzen van de Golan vormen een twistpunt. Israël spreekt dan nog wel niet openlijk over het ontruimen van heel de Golan, maar heeft een duidelijke voorkeur voor de internationale grens van 1923. Die is het meest oostelijk. Syrië geeft de voorkeur aan de scheidslijnen van 4 juni 1967, de dag voor de zesdaagse oorlog waarin Israël de Golan veroverde. Die zijn voor Damascus het voordeligst.

De kwestie van de grenzen gaat terug tot na de Eerste Wereldoorlog, toen de overwinnaars onder westerse koloniale mogendheden hun buit wilden verdelen. Begeleid door Senegalese soldaten trokken de Britse luitenant-kolonel Newcombe en zijn Franse tegenpool, luitenant-kolonel Paulet, door de Golan, langs het meer van Tiberias tot aan het zuidelijke puntje, Al Hamma. Hun missie: het vaststellen van de grens die het Britse mandaat over Palestina zou scheiden van de Franse heerschappij over Syrië en Libanon. Als Klein Duimpje lieten de kolonels een spoor van witte stenen achter, ter afbakening van hun territorium.

Londen had toen al in een slepend overleg met Parijs de Golan prijs gegeven in ruil voor de Jarmoekvallei. Die diende de Britse zaak beter met het oog op hun geplande spoorlijn en een oliepijplijn naar Irak.

Newcombe en Paulet genoten bij het leggen van hun stenen behoorlijk wat speelruimte. De Brit was er duidelijk op uit alle belangrijke waterbronnen binnen zijn gebied te houden. Zo kwamen de rivier de Jordaan en het meer van Galilea onder Britse controle. De Fransman, een pompeus figuur die de lange weg in zijn keurige blauwe uniform aflegde, had meer oog voor de doorgangswegen. Syrië kon tenslotte zijn water betrekken uit Eufraat en had de bronnen op de Golan niet nodig.

Toch botsten de twee, want in het noorden van de Golan-hoogvlakte doorsneed de weg van Beiroet naar Koeneitra het gebied van twee belangrijke waterbronnen, de Banias en de Hatsbani.

Newcombe schreef naar huis om geld om de weg om te leggen en tenminste de Banias te behouden. Vijfduizend Britse ponden waren nodig. Het regenrijke Londen vond het te duur. Dus werd de Banias Frans, en later Syrisch en een bron van schermutselingen.

De Frans-Britse grens van 1923 is officieel de internationale grens tussen Israël en Syrië. De witte stenen, de 'broodkruimeltjes' van Newcombe en Paulet, zijn allang opgeslokt door de natuur. Maar ook hebben legers van Israël en Syrië de grens al talloze malen verlegd. In de oorlog tussen Syrië en Israël in 1948 wist het Syrische leger een paar stukken land te bemachtigen ten westen van de grens. Het compromis luidde uiteindelijk dat Syrië de veroverde gebieden zou ontruimen en demilitariseren en dat ter compensatie ook Israël wat gebied zou demilitariseren. De vraag van wie de door Syrië gedemilitariseerde gebieden nu eigenlijk waren, bleef onbeantwoord.

Geheime besprekingen tussen hoge officieren begin jaren vijftig losten ook niets op en tot 1967, toen Israël de Golanhoogvlakte veroverde, speelden beide landen landje-pik in de omstreden zones. De Israëlische generaal en latere minister Mosje Dajan biechtte ooit op dat Israël meer dan eens een grensincident uitlokte door een landbouwtractor naar het betwiste gebied te sturen om dan 'terug te kunnen slaan' en nog wat gebied in te pikken. Maar ook de Syriërs lieten zich niet kennen. Het maakt de huidige grenstwisten behoorlijk onoverzichtelijk.

Het compromis dat nu achter de schermen in de maak zou zijn, zou luiden dat Syrië bereid is Israël een soort smalle zone te laten ten oosten van het meer van Galilea, in ruil voor het zuidelijk gelegen Hamma. Dat zou voor Israël geen geringe aderlating zijn, want ook Al Hamma is een strategisch knooppunt van rivieren. Elke grensbepaling zal dan ook gepaard moeten gaan met een akkoord over de waterverdeling. De tijden van de Britse Newcombe, die alleen water wilde en de Franse Paulet die alleen wegen wilde, zijn voorbij.

mailIcon print |