Van een onzer verslaggevers AMSTERDAM - Justitie zou meer aandacht moeten schenken aan minderjarige zedendelinquenten. Tijdig signaleren van en adequaat reageren op seksueel afwijkend gedrag is de beste methode om ernstiger vormen in de toekomst te voorkomen.
Mr. drs. M. Boelrijk schrijft dat in zijn proefschrift 'Minderjarige zedendelinquenten en het strafrecht - De strafrechtelijke aanpak van minderjarige plegers van seksuele delicten', waarop hij donderdag hoopt te promoveren aan de Vrije Universiteit van Amsterdam.
Boelrijk vindt dat te veel zaken geseponeerd worden en zou het een goede zaak vinden als rechters jeugdige daders vaker tot gedwongen behandeling veroordelen. Hij pleit voor de terugkeer van het verdwenen specialisme van zedenrechercheurs bij de politie. Jaarlijks verhoort de politie in Nederland vier- tot vijfhonderd minderjarige verdachten van seksuele delicten.
Niet bekend
Uiteindelijk kwam een kwart van de verdachten (47) voor de rechter, die in slechts twee gevallen behandeling van de delinquent voorschreef. Veertig procent van de jonge verdachten had in relatief korte tijd meerdere personen misbruikt.
Volgens Boelrijk kan de aanpak verbeteren door gedragswetenschappelijke inzichten duidelijk mee te wegen bij justitiële beslissingen. De 'vroeghulpverlener' van de Raad voor de kinderbescherming zal nauwkeurig moeten nagaan of er een risico van recidive bestaat. Om de kans op herhaling van een seksueel delict door dezelfde pleger te verkleinen, pleit Boelrijk ervoor dat de rechter aan de hand van de rapportage van forensische seksuologen bepaalt of behandeling van een minderjarige delinquent nodig is.
Het meest effectief lijkt volgens de onderzoeker de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen, te vergelijken met de TBS-maatregel voor volwassenen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.