*

 
dossier

Archief

Keuze voor milieu nu of milieu straks bij A73

Door: redactie − 03/03/95, 00:00

Van onze parlementsredactie DEN HAAG - Nemen we nu een beslissing over de A 73 die verantwoord is voor het milieu of pakt die alleen voor de korte termijn goed uit en leiden natuur en milieu op de lange duur juist meer?

Dat was de vraag waar de Tweede Kamer zich gisteren voor gesteld zag. 'Schijnwinst', was het begrip dat de SGP'er Van de Berg hanteerde.

Het kabinetsvoorstel om de A 73 als snelweg op de westoever van de Maas aan te leggen en tegelijkertijd de knelpunten te halen uit de weg op de oostzijde, lijkt goed voor natuur en milieu. De natuur op de oostkant blijft zo veel mogelijk gespaard, al gaf ook minister Van Aartsen (VVD, natuurbeheer) gisteren toe dat wel schade optreedt.

Blijft dat ook zo, vroeg Van de Berg zich af. Het risico is immers groot dat ook op die oostkant dan veel verkeer blijft rijden, zodat op termijn ook daar een autoweg of een snelweg nodig is.

“Limburg krijgt in feite anderhalf tot twee wegen”, constateerden diverse fractiewoordvoerders. Juist die vrees bracht minister De Boer (vrom) er in de kabinetsbesprekingen toe om een voorkeur voor een autoweg op de oostoever uit te spreken.

Intensief verkeer

CDA, VVD, GroenLinks en SP, hoe verschillend ook in hun voorkeur voor west of oost, wezen allen op dat gevaar. “Daar waar het kabinet vooraf steeds heeft benadrukt milieuwinst te maken ontstaat nu de situatie van twee intensieve verkeersstromen aan de beide kanten van de Maas”, zei CDA'er Reitsma.

Ook de SGP'er Van de Berg en Schutte (GPV) maken zich zorgen over dit fenomeen. Zij wilden van minister Jorritsma (VVD, verkeer en waterstaat) de verzekering dat zij over enkele jaren niet opniew geconfronteerd zullen worden met de plannen voor aanleg van een weg in die regio.

Herhaling

Het debat was vooral een herhaling van zetten. D66 en PvdA bleven benadrukken dat de weg op de westoever moet komen. Van Gijzel (PvdA): “Aan de oostkant ligt zeer waardevolle natuur. Het gaat om natuurgebied dat wij vorig jaar nog als waardevol cultuurlandschap hebben bestempeld, dat alleen in uitzonderlijke gevallen mag worden aangetast. Er is een andere oplossing, dus moeten we die benutten. De prijs die wij betalen voor de weg is een minimale ingreep”.

D66-woordvoerster Augusteijn had meer moeite met het verdedigen van haar 'ja' tegen het kabinetsbesluit. Rosenmöller herinnerde haar aan uitspraken van haar voorganger, thans staatssecretaris van volkshuisvesting, Tommel. Deze zei vorig jaar nog dat er geen meter snelweg meer bij mocht in Nederland. “Waarom slikt u dat dan nu wel”, vroeg de GroenLinkser. Augusteijn kwam er niet uit. “De wereld staat niet stil, het verkeer staat niet stil”, zei ze.

CDA en VVD keerden zich zoals verwacht tegen het besluit. De in het debat opvallende VVD-woordvoerster Verbugt wees op de planologische voorbereidingen die in Limburg de afgelopen tien, twintig jaar zijn getroffen voor een A 73 over de oostoever. “De bedrijven zitten daar, de mensen wonen daar, het bestuur wil oost. Waarom moeten wij het beter weten?”

Geen geheim

De drie bewindslieden maakten er in het debat geen geheim van dat in het kabinet uiteenlopende meningen gelden over deze kwestie. VVD-minister Jorritsma verdedigde het besluit echter van harte. ,Ik schaam me er niks voor dat ik mijn eerste opvatting niet voor elkaar krijg. Als blijkt dat niemand in het kabinet voor zijn eigen mening een meerderheid vindt dan moet je kijken of je second best wel bij een ieder gedaan krijgt''.

Snelweg

De bestuurders in Limburg hebben volgens Jorritsma niets te klagen. “Het wordt nu een autosnelweg, dat is ook wat waard”. De Boer verklapte later nog dat haar uit gesprekken met betrokkenen was gebleken dat men in Limburg “het liefst een snelweg wil en dan maakt het nog niet eens zoveel uit waar”.

Jorritsma probeerde de vrees voor de groei van het autoverkeer op oost weg te nemen door te wijzen op onderzoeken. “Daaruit komt dat beeld niet naar voren”. Van de Berg (SGP) en Schutte (GPV) namen met dat antwoord geen genoegen. Om te kunnen bepalen of zij wel of niet een motie van CDA en VVD voor oost zouden steunen, wilden zij meer weten over het verwachte verkeer op oost.

“De minister heeft inhoudelijk geen sterk verhaal gehouden”, constateerde Van de Berg.

Er valt weinig zinnigs te zeggen over die verkeersstromen, meldde Jorritsma. Zij gaf toe dat het risico op twee drukke wegen, mèt bijbehorende bedrijvigheid, wel bestaat. “Het is maar waar je in gelooft. Het heeft veel te maken met wat de regio doet. We kunnen het onvoldoende inzien. De angst die u uit is niet helemaal ongerechtvaardigd”.

Voor Schutte was dat het teken de CDA-VVD-motie te steunen. “De minister heeft onvoldoende aangetoond dat dit ook voor de lange termijn een goede beslissing is”. Van Van de Berg kreeg het kabinet wel het voordeel van de twijfel.

Daarmee werd de stemming kantjeboord. Uiteindelijk steunden CDA, VVD, GPV, CD, het Kamerlid Hendriks, Unie 55+ en drie van de vijf AOV-Kamerleden de motie.

PvdA, D66, GroenLinks, SP, RPF en twee AOV'ers stemden tegen. De motie werd met 71 stemmen voor en 70 tegen aangenomen.

mailIcon print |