*

 
dossier

Archief

Afschaffen Ziektewet heeft op korte termijn weinig gevolgen

GEORGE MARLET − 09/02/96, 00:00

AMSTERDAM - Ziek zijn na 1 maart: je directe chef aan de deur om te vragen wat eraan schort, nog maar 70 procent van je salaris krijgen en als je pech hebt per ziekmelding een vrije dag kwijt zijn.

Dit schrikbeeld - althans voor werknemers - kan werkelijkheid worden, maar in de praktijk zal het voorlopig zo'n vaart niet lopen. Het afschaffen van de Ziektewet heeft op korte termijn weinig gevolgen voor werknemers die nu ziek zijn of dat binnenkort worden. Zo lang zij zich aan de spelregels houden, wordt hun loon volledig doorbetaald.

Volgens wat in het Haagse dieventaaltje de 'Wet uitbreiding loondoorbetalingsplicht bij ziekte' (WULBZ) heet, zijn werkgevers vanaf 1 maart verantwoordelijk voor het een jaar lang doorbetalen van 70 procent van het loon van zieke werknemers. Het ziekengeld moet tenminste 70 procent van het wettelijk minimumloon bedragen en maximaal 70 procent van het maximum-dagloon van 289 gulden. Nu de Eerste Kamer met het wetsvoorstel akkoord is gegaan, lijkt niets invoering van deze wet en dus afschaffing van de vertrouwde Ziektewet in de weg te staan.

Zelf langs de deur

Het korte-termijneffect is beperkt. Als in collectieve arbeidsovereenkomsten (CAO's) is vastgelegd dat het ziekengeld tot 100 procent wordt aangevuld, blijft die situatie bestaan. Dat geldt ook voor bedrijven die het volledige Ziektewet-jaar al voor eigen rekening namen, de zogeheten eigen risico-dragers. Daarvan zijn er een kleine negenhonderd, overwegend grotere bedrijven. Wie op of kort na 1 maart ziek wordt, heeft niets te vrezen. Het oude regime (twee of zes weken doorbetaling door de werkgever en de rest door de bedrijfsvereniging) geldt dan namelijk nog vier weken. Ook de controle zal in de meeste gevallen in handen blijven van arbodiensten, al staat de WULBZ werkgevers toe om zelf langs de deur te gaan.

De wet kent uiteraard de nodige spelregels voor werkgevers en werknemers. Zo vervalt het wettelijk recht op ziekengeld als de werkgever op goede gronden meent dat een werknemer niet ziek is, de ziekte opzettelijk veroorzaakt is of bij indiensttreding verzwegen. Ook het belemmeren of vertragen van genezing en het weigeren van passende arbeid bij het eigen of een ander bedrijf kan leiden tot uitsluiting. Bij onenigheid kan de bedrijfsvereniging een second opinion geven en de kantonrechter zonodig een juridisch oordeel.

De Ziektewet blijft wel als 'vangnet' bestaan voor zwangere en bevallen vrouwen, herintredende (ex)arbeidsongeschikten, werknemers die ziek zijn vanwege orgaandonatie, zieke werknemers die zonder werk raken door een faillissement en tijdelijke werknemers met een contract van minder dan 52 weken. Bij elkaar gaat het om zo'n 15 procent van alle werknemers. Aan het vangnet dragen werkgevers en werknemers per jaar 1,9 miljard gulden bij via een opslag op de WW-premie. Daar staat tegenover dat de Ziektewet-premie van maximaal 1 procent komt te vervallen.

Ondanks dat de werkgever zelf het ziekengeld volledig moet betalen, geldt vanaf de dertiende week een verplichte melding bij de bedrijfsvereniging en het indienen van een 'reïntegratieplan' waarin de werkgever aangeeft hoe de zieke werknemer kan terugkeren. Werknemers die onder de vangnet-constructie vallen, moeten hun werkgever uiterlijk op de tweede dag inlichten en die op zijn beurt weer de bedrijfsvereniging.

De controle kan in handen blijven van de arbodiensten, die nu al tijdens de eerste twee dan wel zes weken bij zieke werknemers langs gaan. Maar de werkgever mag dat - binnen zekere grenzen van “redelijkheid en goed werkgeversschap” - ook zelf gaan doen. Van een werknemer eisen dat hij vanwege controle elke dag thuis moet zijn, valt dus buiten de termen.

Op wat langere termijn kan het beeld wel veranderen. Werkgevers in bedrijfstakken en ondernemingen waarvan de CAO binnenkort afloopt, zullen gretig citeren uit de aanbevelingen van de Stichting van de Arbeid, het overlegorgaan van werkgeversorganisaties en vakbeweging. Dat kwam eind 1991 al met het advies om in CAO's 'arbeidsvoorwaardelijke prikkels' met als doel het ziekteverzuim terug te dringen. Dat kunnen positieve prikkels zijn, zoals het met extra geld of vrije tijd belonen van een laag ziekteverzuim.

Schade

Maar de discussie spitste zich vier jaar geleden al snel toe op de negatieve prikkels: invoering van wachtdagen en het inleveren van loon dan wel vrije dagen. De schade is op een enkele uitzondering na redelijk beperkt gebleven. In grote sectoren als de bouw en de metaalnijverheid is afgesproken om een vrije dag in te leveren als een werknemers zich binnen een jaar meerdere malen ziek meldt.

Bij de komende CAO-onderhandelingen (onder meer in de metaalindustrie, de grafische industrie en bij Philips, Unilever, Heineken en de verzekeringsmaatschappijen) is te verwachten dat werkgevers op negatieve prikkels zullen inzetten. Niet voor niets stellen de werkgeversorganisatie in een recente notitie fijntjes dat “ook negatieve stimulansen niet door vakbonden op voorhand onbespreekbaar kunnen worden verklaard”.

Tegen deze achtergrond is de 'belofte' van FNV-voorzitter Stekelenburg veelzeggend. De FNV zal proberen om de gevolgen van afschaffing van de Ziektewet zoveel mogelijk te verzachten: een indirecte waarschuwing aan het adres van werkgevers die de aanvulling van het ziekengeld ter discussie willen stellen. En als de voortekenen niet bedriegen, is dat ook een oorlogsverklaring.

mailIcon print |