*

 
dossier

Archief

Directie krijgt laatste woord in ziekenhuis

Door: redactie − 18/04/97, 00:00

Van onze parlementsredactie DEN HAAG - Minister Borst van volksgezondheid is volledig door de knieën gegaan voor de wens van een ruime Kamermeerderheid om in haar wetsontwerp over de integratie van medisch specialisten in de ziekenhuizen duidelijker te regelen dat de directies het laatste woord hebben in hun organisatie. Wel zal de autonomie van de specialisten, hun eigen verantwoordelijkheid tegenover de patiënten, in de wet apart worden vastgelegd.

Dit bleek gisteren tijdens het debat op hoofdlijnen over het wetsvoorstel om de medisch specialisten te integreren in de ziekenhuizen, waardoor een einde wordt gemaakt aan hun eigen 'winkeltjes' binnen de ziekenhuizen. Het wetsvoorstel is een uitvloeisel van de aanbevelingen van de commissie-Biesheuvel om het ziekenhuis om te vormen tot één medisch-specialistisch bedrijf, waardoor een efficiënter organisatie ontstaat.

Volgens het wetsvoorstel dat gisteren werd besproken zouden patiënten een wettelijke aanspraak krijgen op specialistische zorg 'door of vanwege een ziekenhuis dan wel door of vanwege een samenwerkingsverband tussen een ziekenhuisorganisatie en de daar werkzame medisch specialisten'.

De Kamer vond deze formulering veel te vaag, omdat niet duidelijk was of de ziekenhuisdirecties, bij voorbeeld in onderhandelingen met de verzekeraars, eindverantwoordelijk waren. De Kamermeerderheid zag liever dat Borst de oorspronkelijke wetstekst in ere zou herstellen waarin alleen sprake was van een aanspraak op zorg 'door of vanwege een ziekenhuis'.

De Kamermeerderheid steunde een wijzigingsvoorstel van het PvdA-Kamerlid Oudkerk om dit te regelen. Bovendien kreeg Oudkerk steun voor zijn voorstel dat ziekenhuisdirecties niet met verzekeraars kunnen onderhandelen dan nadat zij hebben overlegd met de specialisten binnen hun organisaties. Op die manier wordt de professionele autonomie, de verantwoordelijkheid van de specialist ten opzichte van de patiënt, wettelijk verankerd.

Zonder slag of stoot ging Borst met deze voorstellen akkoord. Binnen drie weken zal zij bekijken hoe zij deze vorm kan geven in een gewijzigd wetsvoorstel. Nadat de minister door de bocht was gegaan sprak het D66-Kamerlid Van Boxtel - partijgenoot van Borst - zijn 'sympathie' uit voor het voorstel van Oudkerk. Ook het VVD-Kamerlid Kamp, voor wie het voorstel van Borst niet onacceptabel was, maakte geen bezwaren tegen het overnemen van de suggestie van Oudkerk.

Borst ontkende dat zij onder druk van de medisch specialisten haar oorspronkelijke wetsvoorstel had veranderd, nadat de Raad van State het al had goedgekeurd. Na de wijziging stuurde zij het gewijzigde voorstel naar de Tweede Kamer zonder nog de Raad van State te raadplegen. Maar volgens de minister ging het niet om een 'wezenlijke verandering'. “Had ik dat gedacht dan was ik weer naar de Raad van State gegaan.” Volgens de minister ging het haar zowel in haar eerste als in haar tweede versie om de eindverantwoordelijkheid van de ziekenhuisdirecties te regelen en om de autonomie van de specialisten in hun beroepsuitoefening veilig te stellen. Maar volgens haar kwam die autonomie in de oorspronkelijke tekst onvoldoende tot uiting. Ook was het er Borst om te doen dat specialisten de mogelijkheid behouden als vrije beroepsbeoefenaren binnen de ziekenhuizen te werken. Dat de wijziging zou zijn doorgevoerd omdat de fiscus de specialisten anders niet zou erkennen als vrije beroepsbeoefenaren, ontkende zij. Hun fiscale positie staat volgens haar los van het wetsvoorstel en kan apart worden geregeld.

In een eerste reactie staan de organisaties van specialisten, ziekenhuizen en verzekeraars sympathiek tegenover de wijzigingen die door Oudkerk zijn voorgesteld. Voorzitter Kingma van de Orde van medisch specialisten betreurt weliswaar dat in de wet niet meer wordt gesproken over een samenwerkingsverband van ziekenhuis en specialist. “Maar Borst was positief over het belang van de autonomie van de specialisten. Dat is grote winst.” De vereniging van ziekenhuizen is tevreden, omdat de positie van de directies is veilig gesteld. De verzekeraars zijn blij, omdat zij te maken krijgen met één onderhandelingspartner.

mailIcon print |