Ida van Dam, Wim Koopman en Joop Schaffers: Dagactieve nachtvlinders. Wetenschappelijke Mededeling nr. 213. Uitgave Stichting Uitgeverij Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging, Utrecht / De Vlinderstichting, Wageningen 1995. Paperback 79 blz., 31 kleurplaten van rupsen en vlinders, ¿ 29,50 (te koop in de boekhandel, ook te bestellen voor ¿ 35,50 (inclusief verzendkosten) via giro 13028 van KNNV UItgeverij, Utrecht, met vermelding 'WM 213 Dagactieve nachtvlinders'.
Die atalanta is wel heel vroeg. Ik kan me niet herinneren er ooit een eerder gezien te hebben. Die zwarte vlinder met vuurrode banden en witte vlekken is helemaal uit het Middellandse-Zeegebied hierheen gevlogen. Een afstand van al gauw duizend kilometer. En daarbij zag hij er zo puntgaaf en fluwelig glanzend uit alsof hij net uit de pop was gekomen.
Dan tonen de eerste distelvlinders eind mei wel anders: de wieken gerafeld, de kleuren weggesleten tot een vage tekening als een verschoten aquarel. Distelvlinders komen ook van nog veel verder. Uit Marokko, het Atlasgebergte. Vliegend naar het noorden moeten ze eerst de Middellandse Zee over, later de passen van de Pyreneeën. Ze leggen zo'n 2500 kilometer af, voordat ze hier zijn. Dat doen ze niet elk jaar, zoals de atalanta's. Je hebt jaren dat het hier krioelt van de distelvlinders, in andere jaren zie je hier geen een of maar een enkele.
Ook het gammauiltje is terug. Die nachtvlinder leeft in hetzelfde gebied als de atalanta en trekt net als deze elk jaar naar het noorden, waar ze paren en eieren leggen. Ze zijn al lang dood als de tweede, in ons land geboren generatie rondvliegt. Dan zijn we in de zomer beland. De winters aan de Middellandse Zee zijn milder dan de onze, al lijken de verschillen tegenwoordig kleiner dan vroeger. Gammauil en atalanta kunnen onze winter niet overleven en trekken in de herfst net als de zomervogels terug naar het zuiden.
Dagvlinders krijgen veel meer belangstelling dan nachtvlinders. Door hun kleurige verschijning en het rondvliegen in de zon. Dat is eigenlijk onterecht, want de dagvlinders vormen maar vijf procent van onze vlinderfauna, die ongeveer 2200 soorten telt. De overige vijfennegentig procent zijn uiltjes, spinners, spanners, beervlinders, pijlstaartvlinders, wespvlinders en motten. Daar zijn er heel wat bij, die in schoonheid met menige dagvlinder kunnen wedijveren. Dat ze minder bekend zijn, ligt aan hun nachtelijke leefwijze. Maar dat geldt toch niet voor alle soorten. De gammauil is een goed voorbeeld van een nachtvlinder die vooral overdag vliegt, in de volle zonneschijn nog wel.
In snorrende vlucht bezoekt de gammauil nu de bloemhoofdjes van rode klaver, later in het jaar ook composieten zoals heelblaadjes en afrikaantjes. Onder de vele licht en donker grijs getekende nachtuiltjes valt de gammauil op door de zilveren vlek op de voorvleugels, die op de Griekse letter gamma of op een ouderwets ruiterpistool lijkt. Vandaar de naam pistooltje, waarmee de gammauil vaak wordt aangeduid.
Veel opvallender zijn de sintjansvlinders, glanzend kevergroen met bloedrode stippen. Vanaf eind juni (Sint-Jan is op 24 juni) bezoeken ze in de brandende zon rolklaver, zandblauwtje en blauwe knoop. Wie ze wil fotograferen, moet wachten op een koele dag. Dan zijn de vlinders een stuk rustiger. Slomer, mag je ook zeggen. Sintjansvlinders zie je het meest op de Waddeneilanden en in het zuiden en oosten van het land.
In de duinen vind je 's zomers de geel en zwart geringde zebrarupsen op het kruiskruid, dat ze helemaal kaal vreten. Nu hangen schommelend aan de sprieten van de helm de zwart met karmijnrode vlindertjes die eruit komen, de sintjacobsvlinders. Beervlindertjes, die 's nachts rondvliegen om een partner te zoeken en overdag eieren leggen. Ze dwarrelen vaak voor je uit als je ze in hun rust hebt opgeschrikt. Beste vliegers zijn het niet. Heel wat anders dan die zeldzame trekker, die mij al heel wat brieven van lezers heeft opgeleverd: de kolibrievlinder. Ook zo'n Zuideuropeaan, die lang niet elk jaar verschijnt. Als de vogel waar hij naar genoemd is, blijft de kolibrievlinder met snorrende vleugels voor de bloemen hangen om met zijn lange tong de nectar eruit te zuigen. Ook weer in de felle zon, wat andere pijlstaartvlinders - want daar behoort hij toe - nooit doen. Die andere pijlstaarten vind je wel vaak overdag, rustend op een muur of op een boomstam, of in paring aan elkaar gekoppeld, het grote vrouwtje stevig vastgehaakt aan een tak, het kleinere mannetje vrij in de lucht hangend met als enige houvast de ineengeschoven geslachtsdelen.
Een opvallend getekende overdag actieve nachtvlinder is de bonte grasuil, die je 's zomers op de hoge gronden kunt aantreffen op allerlei bloeiende composieten. In 1987 zag je ze massaal op bloeiende distels in het Deelerwoud, waar de rupsen de wortels wegvraten van de bochtige smele.
Veel spanners rusten overdag tussen planten, waar ze verschrikt uit opvliegen als je door de vegetatie banjert. Zo kom je ze ook tegen als je onderzoek doet aan dagvlinders. Vrijwilligers van De Vlinderstichting in Wageningen zijn daar al twaalf jaar mee bezig. Een heel nuttig project, vooral om meer te weten te komen over het voorkomen en de verspreiding van dagvlinders in ons land. Uit het project kwam in 1989 de 'Atlas van de Nederlandse Dagvlinders' voort. Vooral aan dit project is te danken dat negentien dagvlindersoorten nu wettelijk beschermd zijn.
De Vlinderstichting wil nu ook op nachtvlinders laten letten. Op alle soorten is ondoenlijk, vooral ook omdat er zoveel zijn, meest moeilijk te herkennen door hun bescheiden tekening. Probeer maar eens een willekeurige spanner, die je bij de lamp in huis aantreft, met een volledige geïllustreerde gids op naam te brengen. Tien tegen een dat je dat niet lukt. Daarom is ervoor gekozen alleen de overdag actieve nachtvlinders in een gidsje met goede kleurenfoto's bij elkaar te brengen.*) Daar zijn behalve gammauil, kolibrievlinder, sintjansvlinder en grasuil ook nachtvlinders bij die niet rondvliegen, maar vaak uit hun overdagse schuilplaats tussen de planten worden opgejaagd of die nogal opvallend aan grassprieten hangend of tegen boomstammen zittend afwachten tot de schemer invalt. Iedereen die toch al naar dagvlinders kijkt, kan nu tegelijk letten op 176 soorten nachtvlinders die gemakkelijk waargenomen kunnen worden en goed te herkennen zijn. Ook een aantal opvallende rupsen is in de gids opgenomen.
Waarschijnlijk zijn veel nachtvlinder net zulke indicatoren van de kwaliteit van verschillende biotopen als dagvlinders. Wie aan het onderzoekproject wil meedoen, kan een formulier aan De Vlinderstichting vragen bij Kars Veling, telefoon 08370-24224.
NATUUR DEZE WEEK
De elzevlieg is een donkerbruin insekt met grof geaderde, half doorzichtige vleugels, dat leeft aan de waterkant. Deze verwant van de tere groene gaasvliegen legt haar zwartbruine eieren in plakkaten op de brede bladeren van oeverplanten zoals kalmoes, riet en gele lis. De larven laten zich direct na het uitkomen in het water vallen en leven voort in de modder. - De kleurige en harige rupsen van de basterdsatijnvlinder hebben hun grijswitte winterspinsels verlaten. Ze vreten de net uitbottende duindoorns kaal. Soms zijn ze ook te vinden op andere struiken en bomen: meidoorns, vogelkersen, eiken en vruchtbomen.
De witte vlinders vliegen in juli en augustus. - Kleine rupsenspinsels zijn al te vinden op kardinaalsmutsen, meidoorns en vogelkersen. In de loop van de lente groeien deze spinsels mee met hun bewoners, grijze en vuilgele rupsjes van de spinselmotten. Als zilverig plastic bedekt het spinsel dan hele struiken en boomstammen. - Glinsterend groene brandnetelsnuittorren zitten in grote aantallen op brandnetels. De kleur komt van schubjes, die gemakkelijk van de zwarte torretjes zijn af te wrijven. - Op zwoele meiavonden kwaken de rugstreeppadden in de poldersloten in het lage westen. Hun koorzang, dat op een soort ratelen lijkt, zwelt aan en ebt weg over de weilanden. - In de bossen van oude landgoederen staan nu veel stinzenplanten in volle bloei: gevlekte en Italiaanse aronskelk, voorjaarszonnebloem, donkere ooievaarsbek, daslook, prachtframboos en knikkende vogelmelk zijn er een paar van. Langs wegen en dijken bloeien nu smeerwortel, scherpe, kruipende en knolboterbloem, voederwikke, gewone bereklauw, zachte ooievaarsbek, dagkoekoeksbloem, veldzuring en fluitekruid volop. Kruldistel en rode klaver beginnen net te bloeien. - De eerste jonge merels zijn zojuist uitgevlogen.
EN VERDER
In het Von Gimborn Arboretum, Vossensteinsesteeg 8 in Doorn, staan de rhododendrons uitbundig in bloei. Vandaag en morgen worden er om 11 en 14 uur anderhalf uur durende rondleidingen gegeven door de beheerder. Er is ook een schriftelijke Nederlandse bomenroute en een puzzeltocht voor kinderen. Verder zijn er kwekers, die informatie geven en materiaal verkopen. Leden van de Utrechtse Vogelwacht vertellen over de wilde vogels van de tuin, die open is van 10 tot 16 uur. CN- bussen 50 en 51 stoppen vlakbij (halte Stamerweg). Toegang ¿ 2,- voor volwassenen, kinderen onder 12 jaar gratis.
- Morgen begint een IVN-wandeling in de Eempolders om 14 uur van het parkeerterrein achter de Oude Kerk, op loopafstand van NS- station Soest-Centrum, ook bereikbaar met Midnet-bus 73. Ook geschikt voor rolstoel en kinderwagen. - Dinsdagavond geven natuurgidsen een excursie door het natuurpark Holy in Vlaardingen om 19.30 uur. Nu telefonisch aanmelden: 010- 2484516 of 2484517.
- Donderdagavond kan men met gidsen van het IVN Veenendaal twee uur lang naar de zang van de nachtegalen luisteren in de kasteeltuin te Renswoude. Verzamelen om 20 uur op de parkeerplaats van de hervormde kerk naast het kasteelpark. - Van 19 tot 21 mei houdt de Jeugdbond voor Natuur- en Milieustudie voor jongeren tussen 12 en 25 jaar een weekendkamp in de Schoorlse duinen. Info: Mathijs de Boer, 02265-2304. - Volgende week zaterdag organiseert dezelfde jeugdbond een excursie naar de Blauwe Hel bij Veenendaal. Info: Rudolf Vos, 074-426966. - Donderdag begint een cursus van drie avonden van het IVN Amsterdam, 'Water in en om Amsterdam'. Excursies naar Botshol en de provinciale waterleidingduinen staan ook op het programma. Informatie en opgave: Ronald Rave, El. Wolffstraat 65 c, 1053 TS Amsterdam, tel. 020-6837843/6161399.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.