Willem Wijnbergen krijgt vanavond een passend cadeau aangeboden bij zijn afscheid van het Koninklijk Concertgebouworkest als zakelijk directeur. Het is een boek met 41 brieven, gericht aan zijn voor-voor-(etc)voorganger, Hendrik Freijer. De documenten werden geselecteerd uit een pakket met 197 brieven en kaarten dat begin december geveild zou worden in Haarlem.
Rond die transactie speelde zich enige commotie af, verwekt door Willem Wijnbergen. Toen hij kort voor de veilingdatum de tip kreeg van Frits Zwart, de muziekconservator van het Haags Gemeentemuseum, dat een interessant deel uit de geschiedenis, de periode 1905 - 1922, op de markt kwam, liet Wijnbergen beslag leggen op de stukken. Die waren weliswaar afkomstig uit privé-bezit, maar hij meende dat ze toebehoorden aan het orkest. Ze moeten door Hendrik Freijer zijn meegenomen toen die in 1922 zijn functie neerlegde. De meeste brieven waren weliswaar aan hem geadresseerd, maar het betrof inhoudelijk steeds het orkest. Vandaar Wijnbergens reactie: 'Die brieven zijn van ons'.
Hij moest er wel diep voor in de buidel tasten om zowel de erfgenamen (20.000 gulden) als het veilinghuis (8.000) financieel tevreden te stellen, zo blijkt uit het artikel over de rappe aankoop in het februari-nummer van het orkestblad Preludium. Sponsors hielpen daarbij.
De 197 brieven en kaarten werden verstuurd door 108 componisten, uitvoerende musici, beeldend kunstenaars en journalisten. Onder hen de componisten Mahler, Debussy, Schönberg, Strauss, de dirigenten Arthur Nikisch en Bruno Walter en solisten als Arthur Schnabel, Alfred Cortot en Eugène Ysaûye. Ze schreven over concertprogramma's, over honoraria, over data en solisten, kortom over alles wat te maken heeft met optreden.
Het is knap dat het Concertgebouworkest er in geslaagd is om op zo'n korte termijn de belangrijkheid van de aankoop te onderstrepen met een boekuitgave. Dat past in het door Wijnbergen geinitieerde beleid om de geschiedenis van het orkest op internationaal podium aan de man te brengen. Daarom verschijnt de brieven-uitgave onder de titel 'Keep these letters, please' met toelichtingen in het Engels. Qua formaat en opzet sluit zij aan bij het boek over Bruckner en het orkest, en de Engelstalige monografie 'New Sounds, New Century' over de vijfde symfonie van Mahler en het orkest. Voorname en fraai ogende drukwerken.
'Keep these letters, please' biedt een kijkje in de keuken van het reilen en zeilen van een orkest. Zo'n historisch kijkje is natuurlijk interessant. Maar het heden is veel spannender! Oftewel: wanneer krijgen we in boekvorm het reilen en zeilen te lezen over bijvoorbeeld de vijf jaren dat Willem Wijnbergen zakelijk de leiding had, en hij drie jaar in een ongemakkelijke samenwerking leefde met Jan Zekveld in de artistieke leiding?
Dat behalve het opstappen van Zekveld destijds, ook het vertrek van Wijnbergen (hij wordt algemeen directeur van het Philharmonisch Orkest van Los Angeles, Californië) de kunstpagina's groot haalde, geeft aan hoe zo'n zakelijke functie gewicht heeft gekregen in het huidige muziek/kunstbestel. Welke abonnee van het Concertgebouworkest besefte ooit dat dertig jaar geleden, op 1 januari 1968, A.M. van Dantzig in dienst trad als zakelijk leider? Hij oefende die functie op zeer rustige en degelijke wijze uit, altijd gesteund door lurkjes aan zijn pijp, naast artistiek leider Marius Flothuis, en vanaf 1974 naast Hein van Royen. Met Van Dantzigs vertrek medio 1983 veranderde het beeld, doordat het bestuur uit zuinigheidsoverwegingen het zakelijk beheer in handen legde van Van Royen. Het bleek geen gelukkig besluit, want zakelijk raakte het orkest uit koers; de tekorten stapelden zich op tot circa 3,5 miljoen tegen 1992. Het was de jonge, energieke manager Wijnbergen die na zijn komst in 1993 een goed zakelijk plan uitwerkte. Dat zijn flamboyante karakter niet paste in het samenspel met de getalenteerde, maar veel kalmere Jan Zekveld, maakte van de zakelijk directeur 'nieuws', evenals zijn afscheid door de opvallende benoeming in Los Angeles, waar hij ook bouwheer wordt van een nieuwe concertzaal. Zullen artistieke bijzonderheden en zakelijke stabiliteit harmonisch hand in hand gaan nu het bestuur gekozen heeft voor een doorknede orkestenman aan de top als algemeen directeur? Spitsvondige orkestleden hebben al gewezen op het feit dat de nieuwe directeur Loot de voornamen van zijn duo-voorgangers draagt: Jan en Willem.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.