ALGIERS (AFP, Reuter) - In het centrum van de Algerijnse hoofdstad Algiers is gisteren een grote autobom ontploft. De aanslag kostte zeven mensen het leven. 48 Mensen raakten gewond. Velen zijn er zeer slecht aan toe.
Ooggetuigen zeiden dat de auto stond geparkeerd bij de universiteit van Algiers, in de buurt van het hoofdpostkantoor. Tussen die twee complexen is een busstation. Na de ontploffing brak er paniek uit. Auto's en een stadsbus vlogen in brand. Ordetroepen zetten de omgeving af. In december vielen in Algiers zeker achttien doden door twee aanslagen met in auto's geplaatste bommen. Algerije gaat sinds vijf jaar gebukt onder ernstig politiek geweld. De gewelddadigheden begonnen toen de autoriteiten begin 1992 verkiezingen annuleerden die islamitische fundamentalisten van de Fis-partij op het punt stonden te winnen. Het geweld heeft tussen de zestig- en de honderdduizend mensen het leven gekost. Van hen zouden naar schattinge veertienhonderd zijn omgekomen bij bomaanslagen.
Algerijnse veiligheidseenheden hebben in het dorp Douadoua, 30 kilomete ten westen van Algiers, gevechten geleverd met de zeer moorddadige fundamentalistische militie GIA. Een dag eerder had de GIA daar achttien mensen vermoord, onder wie een baby van zes maanden. De slachtoffers was de keel doorgesneden. De inwoners van het dorp klaagden dat de autoriteiten hun geen wapens hadden gegeven om zich tegen de GIA te verdedigen. In andere dorpen zijn er 'zelfverdedigingsgroepen' opgezet, die wel van de autoriteiten wapens krijgen. Vaak zijn die van een bedroevend slechte kwaliteit. Deelname aan de zelfverdedigingsgroepen geldt als een regelrechte oorlogsverklaring aan de vaak piepjonge terroristen van de GIA.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.