ZEDDAM - Nederland heeft er een nieuwe troef bij als het veldrijdersgezelschap over drie weken neerstrijkt in München voor het WK. Het was niet wereldkampioen Adri van der Poel die gisteren na het nationale onderonsje het ereschavot beklom. Ook zijn iets frissere ploegmaat Richard Groenendaal moest in de laatste ronden het verzet staken. Zeddam was in de ban van het mirakel uit Oosterhout: Wim de Vos.
De coup van de outsider leidde op het mager bevolkte Achterhoekse heuvelparcours - door de ijzelprognoses had de ordedienst min of meer een vrije dag - al tot een euforische stemming, maar de prestatie van De Vos moet tot ver buiten de landsgrenzen indruk gemaakt hebben. Voor rijders als Paul Herijgers en Mario Declercq (gisteren de nummers een en twee bij het Belgische equivalent) of de Italianen Pontoni en Bramati wordt het leven er op deze manier beslist niet vrolijker op. De machtige pedaalslagen van Van der Poel en Groenendaal waren deze winter al nauwelijks te pareren, nu moet zowaar ook die dekselse Wimke de Vos in de gaten gehouden worden.
“Het is een strijd van twee tegen een, dat is zeker, maar waarom zou een klein mannetje hier niet kunnen winnen?”, had de dappere solist zich een dag voor het NK reeds laten ontvallen. Het was niet opschepperig bedoeld, want de Brabander relativeerde zijn kansen terstond met een droog “het wordt vanzelf weer maandag”. Zo nuchter was De Vos niet toen hij na een solo van 25 minuten de finishlijn naderde. Hij legde de laatste meters al roffelend op zijn borst af en had de grootste moeite zich in bedwang te houden toen hij achter de meet zijn familieleden trof.
In het verhaal dat De Vos ondanks de zware inspanning opvallend snel paraat had, draaide alles om de woorden 'frustratie' en 'motivatie'. De renner had zich de laatste maanden mateloos geërgerd aan de eenzijdige aandacht voor de Rabo-ploeg: “Iedereen praat maar over Rabo, terwijl ook VKS een professionele organisatie is. Zien ze de uitslagen dan niet die ik rijd? Goed, ik verloor in Sint Michielsgestel, maar ze (Van der Poel en Groenendaal) hadden wel handen en voeten nodig om me af te stoppen. Je krijgt op deze manier langzamerhand het idee dat je niet gewaardeerd wordt.” Een uitspraak van Van der Poel op nieuwjaarsdag in Lieshout zorgde voor extra olie op het vuur. De Vos boekte er zijn eerste zege van het seizoen, waarna de wereldkampioen doodleuk beweerde slechts op 75 procent van zijn kunnen te hebben gereden. De Vos: “Alle dingen die ze gezegd hebben, heb ik vandaag tegen ze gebruikt. Ik heb vier weken geleefd als een kluizenaar, ben met jongens als Martin van Steen en Jeroen Blijlevens op de weg en de baan tot het uiterste gegaan. Alles met maar één doel voor ogen: deze rit. 'Laat ze maar 25 keer winnen', dacht ik. In Superprestige en wereldbeker was mijn rol toch al uitgespeeld. Daarom kon ik me volledig richten op Zeddam en München.”
Het 'uurtje Zeddam' kreeg een verloop dat zelfs een gediplomeerd ziener niet had kunnen voorspellen. De Vos kreeg al meteen na de start hulp uit onverwachte hoek. Erik Boezewinkel gaf de rit zijn 'scherpte' door onmiddellijk aan te vallen. Het paste in het ploegenspel, want voor de rijder uit Hooglanderveen lag - bij een eventueel behalen van de landstitel - per direct een contract klaar bij VKS. De Vos keek dankbaar toe en Van der Poel moest het gat dichten. Boezewinkel zou later als vijfde binnenkomen, maar ploegleider Van Kasteren besloot alsnog uit dankbaarheid voor de forcing de overeenkomst onmiddellijk te tekenen.
Het NK was enkele omlopen oud, toen de wedstrijdspeaker plotseling een alarmerend bericht over het idyllische landschap in Montferland liet schallen. Wim de Vos - even tevoren op een indrukwekkende manier gedemarreerd uit de kopgroep van vijf - was ergens op het terrein lek gereden. Het onbehagen daarover bij het publiek was alom voelbaar. Het zou toch niet gebeuren dat de strijdbaarste renner door pech buiten de prijzen zou blijven? Die ramp bleef uit door een slimmigheidje van de renner zelf. Voor aanvang had hij om een dubbele materiaalpost vlak voor de afdaling gevraagd: “En precies daar gebeurde het. Ik had nooit met die lekke voorband naar beneden gedurfd. Nu kon ik me gewoon op laten slokken. Ik heb daarna de concurrenten een tijd rustig geobserveerd.”
Als iets in Zeddam duidelijk voor het voetlicht kwam, was het wel de relatief geringe populariteit van de Rabo-stal bij de trouwe volgers. De strijd tussen de drie Brabanders was er een tussen de kleine David en twee schier onverslaanbare Goliaths. Nederlands vaste nummer drie sukkelde immers al maanden met zijn gezondheid. In zijn middenrif zit een gaatje en het omhoog kruipende maagzuur veroorzaakt keelinfecties. De situatie werd voor De Vos zelfs zo penibel, dat hij er in november serieus aan dacht zijn carrière te beëindigen. Een nieuw medicijn bracht uitkomst. De Vos: “De infecties blijven nu weg, dat biedt opeens mogelijkheden. Met het innemen van laxeermiddelen had ik onmogelijk door kunnen gaan.”
Er schijnt in Nederland zoiets te bestaan als een nationaal kampioenschap trappenlopen. Een wonderlijke, folkloristische uitwas van de sport die aan cachet zou kunnen winnen, indien Wim de Vos aan de deelnemerslijst werd toegevoegd. De veldrijder zou er in ieder geval geen slecht figuur slaan. Het beklauteren van de treden in het parcours ging hem wonderwel af, ook tot zijn eigen verbazing. Juist het overwinnen van de hoogteverschillen had hij vooraf het meest gevreesd. Het was ook niet voor niets dat hij in de aanloop naar het NK veel trainingsuren doorbracht in een sportcentrum om die lastige discipline te perfectioneren. Gisteren was de beklimming uit het dal de scherprechter. “Dáár was ik telkens sneller, dáár heb ik uiteindelijk ook het beslissende gat geslagen.”
“Het wordt vanzelf weer maandag”. De Vos werd bij de huldiging nog even aan die uitspraak herinnerd. “Een mooie maandag” preciseerde de man die na een derde plaats op het WK in Corva (1993) nog slechts in de schaduw van zijn illustere landgenoten mocht rijden. Maar de naam De Vos kan nu definitief aan de lijst van WK-favorieten worden toegevoegd. “Een goede zaak voor het Nederlandse veldrijden”, hield Adri van der Poel zich groot.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.