*

 
dossier

Archief

Spijkerwartier wil af van overlast door hoeren en dealers

WALTER BAARDEMANS − 20/01/96, 00:00

ARNHEM - Ze zijn het spúúgzat. De bewoners van de Arnhemse wijk het Spijkerkwartier pikken niet langer dat hun buurt kapot gaat aan tippelaarsters, junks, dealers en hoerenlopers.

“Hier worden de bewóners gedoogd door de junks en dealers. Dat is de wereld op z'n kop.” Tot 21 maart geeft het Actiecomité Spijkerkwartier de politiek en politie respijt. Maar daarna is gedaan met de 'prikacties'. Dan is het D-Day.

Het Spijkerkwartier lijkt tegen het middaguur nog niet ontwaakt. Behalve een Turkse groenteboer die zijn waren uitstalt en de postbode is er weinig activiteit. In de bordelen zitten al een paar dames achter de ramen, maar de klandizie is, op een enkele automobilist na, schaars. Tippelaarsters, junks, dealers en rondrijdende hoerenlopers laten zich nog niet zien. “'s Ochtends is het hier rustig”, zegt Arnold Brouwer, lid van het Actiecomité Spijkerkwartier. “Een enkeling komt voor een lunchwip, maar pas tegen de avond wordt het drukker. Al is het door onze acties wat rustiger geworden. De junks en dealers mijden sindsdien de wijk een beetje.”

Sinds november voeren de Spijkerkwartierders acties. De bewoners zijn de spuiten in portieken, de criminaliteit en bedreigingen spuugzat.

Wat overlast betekent wil het Actiecomité Spijkerkwartier morgen met een tippelactie duidelijk maken voor de huizen van de burgemeester, wethouders en raadsleden. Woensdag zullen ze zwijgend een raadscommissievergadering bijwonen. Want de politiek moet zelf maar met plannen komen om de problemen op te lossen, is de gedachte.

Hun buurt verloedert, vinden de Spijkerkwartierders. Historicus en actievoerder Brouwer: “Een meute ontheemden, psychiatrische patiënten, junks en hoeren hier in de straten zijn maar met één ding bezig: overleven. Daarvoor stelen ze, dealen ze en verkopen ze hun lichaam. Die onderkant van de samenleving, die eigenlijk hulp nodig heeft, zorgt voor enorme en toenemende overlast. Maar politiek en politie hebben die overlast bij ons gedumpt. Nu wij in verweer komen hebben zij óók een probleem. Maar wij kampen daar al veel langer mee.”

Een opmerking van politiezijde dat de zaak beheersbaar was, was volgens Brouwer “het startsein voor de acties. De buurt wàs al zwanger van ongenoegen. Misschien dat het in politie-ogen beheersbaar leek, maar wij lijden al drie jaar dagelijks onder de overlast.”

Van de totnutoe zes acties tegen de tippelprostitutie-overlast plus randverschijnselen, wordt het stadhuis al snel wat nerveus. Na het oproer in de wijk Klarendal, waar enkele jaren geleden buurtbewoners het recht in eigen hand namen tegen de drugsoverlast en het politieke debâcle bij de instelling van een tippelgedoogzone, die er nooit kwam, ligt het onderwerp in Arnhem uiterst gevoelig.

En ditmaal is er breed verzet. Het Spijkerkwartier, de oude stadswijk ten zuiden van de Steenstraat, is al sinds de stadsvernieuwing in de jaren zeventig gewend aan de raamprostitutie. Daarna betrok een doorsnee van de Arnhemse bevolking de opgeknapte woningen, maar nu wonen er relatief veel studenten, kunstenaars en hoger opgeleiden. Brouwer: “De mensen die de acties voeren, zijn een afspiegeling van de bevolking. Opa's en oma's, kinderen, verontruste ouders, studenten: alles wat er woont, doet mee. Daarbij speelt politiek links of rechts geen rol: iedereen vindt dat tippelprostitutie niet in een woonwijk hoort. Wij spreken ook geen partijen aan, maar houden de hele raad en de politie verantwoordelijk.”

De gemeente acht een gesprek met het actiecomité pas zinvol na de commissievergadering, waar de aanpak van de problemen centraal staat. Maar burgemeester Scholten waarschuwt het comité dat ook de politiek niet van de ene op de andere dag de grootstedelijke problemen kan verhelpen. Hij wijst verder op eerdere maatregelen zoals de verhoogde politie-inzet, de opening van een wijkpost, een verscherpt aanhoudingsbeleid van tippelaarsters en hun klanten, de langere openstelling van de drugssoos, de invoering van verblijfsontzegging voor drugsverslaafden en de inzet van een politiebus. En vorige week opende de burgemeester bij station Velperpoort een permanente politiepost van waaruit zes gebiedsagenten in het Spijkerkwartier werken.

Brouwer is niet erg enthousiast. Hij zegt er weinig van te hebben gemerkt. “De overlast is er niet minder door geworden. En zo'n politiepost vind ik eigenlijk meer een publiciteitsstunt. Daarmee los je de problemen in de wijk niet op. Verslaafden zijn tegenwoordig zo brutaal, die gebruiken gewoon op de trappen van de politiepost. En dan wordt er nog niet opgetreden door de politie.”

“Grote kul”, reageert gebiedsagent Theo Smits, die sinds drie dagen op Velperpoort werkt. “Wij treden op als er wordt gedeald of gebruikt. Dan spring ik hier over het bureau en sprint ik door rood. Ik ben er om boeven te pakken. Als ik niet meer zou optreden, nam ik direct ontslag.”

Smits en zijn collega's weten dat zij niet alle problemen in de wijk kunnen voorkomen. Daar ontbreken de middelen voor. De bezuinigingen bij de politie zijn daar ook reden voor. Smits: “Binnen onze mogelijkheden doen wij zoveel mogelijk om de overlast te beperken. Tippelen wordt niet gedoogd. Dan grijpen wij in.”

Het zal Brouwer om het even zijn hóe het probleem wordt opgelost, àls het maar wordt opgelost. Daarvoor geeft het actiecomité politiek en politie tot 21 maart de tijd. Brouwer: “Ga op grote schaal drugs verstrekken of plaats ze massaal in rijkswerkinrichtingen. Voor mijn part schud je Nederland wakker door verslaafden drie dagen vast te zetten in een hal. Dan roept iedereen oh en ah. Maar leg het probleem waar het thuishoort: bij de politiek en niet in onze buurt. De politiek moet haar eigen problemen oplossen. In elk geval moeten voor 21 maart de junks, tippelaarsters en dealers hier zijn verdwenenn. Die datum is gekozen omdat dan de lente begint. Dat is normaal het begin van de drukke periode. Nu is dat voor ons D-Day. Als we nòg overlast ervaren, treden we zelf op. Vreedzaam, maar wèl efficiënt. Dan gaan we over tot actieve verwijdering. Als er een overmacht aan bewoners aankomt, vertrekken de junks wel. Dan moet een andere buurt ze maar weer doorsturen naar de politiek.”

mailIcon print |