Terwijl de kabinetsformatie, ondanks de actieve deelname van D66, net zo gesloten verloopt als in de tijd van de sfinxachtige Beel, een halve eeuw geleden, begint het er op te lijken dat Paars II de burgemeestersbenoeming gaat openbreken. Er tekende zich de afgelopen dagen althans een compromis af tussen de beoogde coalitiepartijen, dat voorziet in stappen in de richting van een gekozen burgemeester. Mocht het zo ver komen, dan zou dat in ons land, met zijn lange traditie van regenterij en collegiaal bestuur, een spectaculaire omwenteling betekenen. Precies om die reden past dan ook enige reserve bij de verwachte paarse daadkracht.
Er worden dan wel stappen gezet, maar behoedzaam en niet onomkeerbaar, want op dit vlak is de koudwatervrees zeer groot, net als de verdeeldheid tussen de paarse partijen. Om te beginnen zal het artikel uit de grondwet worden geschrapt dat burgemeesters door de kroon worden benoemd. Premier Kok en minister van binnenlandse zaken Dijkstal hebben een jaar geleden al een wetsvoorstel met dit oogmerk bij de Tweede Kamer ingediend, maar de fracties van PvdA en D66 hebben de behandeling daarvan bewust opgehouden, nadat hen duidelijk was geworden dat de VVD tegen zou stemmen. In dat geval zou het voorstel zo goed als zeker zijn gesneuveld en was het bezwaarlijk geweest het in de formatie alsnog op tafel te brengen.
Nu komt het mooi van pas om D66, dat het democratiseren van de burgemeestersbenoeming als harde voorwaarde stelt voor deelname aan het tweede paarse kabinet, binnenboord te houden.
Met het schrappen van de kroonbenoeming uit de constitutie - wat het roemruchte kabinet-Den Uyl in de jaren zeventig al eens probeerde - verandert er aan de procedure van benoemen zelf nog helemaal niks. Het wordt alleen maar gemakkelijker (sneller en met enkelvoudige meerderheden) daar wijzigingen in aan te brengen. Maar hoezeer Kok en Dijkstal dat in hun toelichting ook beklemtoonden, de liberalen lieten zich niet van dat neutrale karakter overtuigen.
In de senaat verklaarde VVD-fractieleider Ginjaar vorig najaar zelfs openlijk dat zijn fractie het voorstel zou afschieten. Evenals het op staatkundig terrein behoudende CDA voerde hij het grote belang van deze constitutionele buffer voor de kroonbenoeming aan.
De opstelling van de liberale senatoren kan tijdens Paars II nog een hoop politieke heisa geven, niet alleen in deze kwestie maar ook bij de behandeling van het andere troetelkind van D66, het referendum. Ginjaar gaf in hetzelfde debat aan dat zijn fractie in grondwetszaken niet het primaat van de Tweede Kamer erkent. Een wijziging van de grondwet is zo belangrijk, betoogde hij, dat de inhoud voorop dient te staan. Met andere woorden, de VVD-senatoren voelen zich in deze zaken niet gebonden aan het regeerakkoord. Zes van hen stemden begin dit jaar dan ook tegen het referendum-voorstel, dat in de komende periode nog een keer langs beide Kamers moet, maar nu een meerderheid van tweederde vergt.
Het zal duidelijk zijn dat verwerping van het referendum de stabiliteit van het kabinet niet ten goede zal komen. Voor de paarse onderhandelaars is dat een punt van later zorg.
Een tweede stap zal bestaan uit een nader onderzoek, mogelijk door een staatscommissie, naar de haken en ogen die aan de directe verkiezing van de burgemeester zitten. Tegenstanders, die goed aanvoelen dat het tij aan het kenteren is, meten de bezwaren dezer dagen breed uit. Maar ook de voorstanders onderkennen dat, als de burgemeester over een eigen mandaat van de kiezers beschikt, een andere verhouding ontstaat tot de (eveneens gekozen) gemeenteraad en tot de wethouders.
Het is niet onzinnig over de consequenties goed na te denken, ook voor de positie van de burgemeester als lokale arm van Den Haag en als beheerder van het politiekorps. Per slot van rekening hebben we in ons bestel geen enkele ervaring met bestuurders met een zelfstandig mandaat en met de problemen die ontstaan bij conflicten.
Er is geen reden bij voorbaat voor die consequenties terug te schrikken. Het mag zo zijn dat ons bestel vernuftig in elkaar zit (Ien Dales waarschuwde tijdens haar ministerschap van binnenlandse zaken dat als je één draadje lostrekt, de hele kous uit elkaar rafelt), daar staat tegenover dat het met de lokale democratie niet goed gaat.
De commissie-Van Thijn constateerde vijf jaar geleden dat het gemeentebestuur 'zich heeft opgesloten tussen de vier muren van de raadszaal.' De burgemeester is dan nog wel een onafhankelijke en gezichtsbepalende figuur, maar over het beleid heeft hij nauwelijks wat te vertellen, wethouders en raadsleden worden gerecruteerd uit een gesloten circuitje en de meeste burgers laat het allemaal tamelijk koud.
Om aan te geven dat er in het CDA niet eensluidend wordt gedacht (netzomin als in de andere grote partijen trouwens), pleitte fractieleider Brinkman in dezelfde periode voor dualisme tussen college en raad. Nu was het lokale bestuur een loodgrijze bal gehakt, waarin de burgers niet of nauwelijks wethouders, ambtenaren en raadsleden van elkaar konden onderscheiden.
De dalende opkomstcijfers sedertdien - naar minder dan vijftig procent in de grote steden bij de laatste raadsverkiezingen -, hebben dat beeld van Van Thijn en Brinkman alleen maar treuriger gemaakt.
Van institutionele veranderingen moeten uiteraard geen wonderen worden verwacht, maar er moet wel iets gebeuren om de geleidelijke implosie van de lokale democratie tegen de gaan. Het is niet uitgesloten dat een stevige verkiezingsstrijd tussen personen (en programs) daarbij kan helpen.
De ambtenaren van Dijkstal hebben inmiddels uitgevogeld dat het mogelijk is met rechtstreekse burgemeestersverkiezingen te experimenteren zonder in strijd te komen met de grondwet. Dat biedt dus perspectief voor de derde stap waarover de paarse onderhandelaars hebben gesproken.
Misschien kunnen de eerste proefverkiezingen in Groningen worden gehouden. Voor deze post hebben twee nationale politici van naam, Wallage (PvdA) en Sorgdrager (D66), onlangs warme belangstelling getoond. Dat zou een mooi gevecht kunnen worden, zeker nu Wallage, met zijn opmerking dat de ontslagen procureur-generaal Docters van Leeuwen op zijn post kan terugkeren Sorgdrager alsnog, nu het voor de coalitie geen kwaad meer kan, een motie van wantrouwen heeft uitgereikt.
Sorgdrager kan niet zoeter wraak nemen dan door Groningen te veroveren.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.