*

 
dossier

Archief

KLERE!

DILLIAN HOS − 07/10/95, 00:00

Het is nog vakantie en we zijn al tijden niet meer naar een voetbalwedstrijd geweest. Bovendien hebben we de nieuwe Kuip nog niet gezien, en dat kun je als Feyenoord-liefhebber toch ook niet maken. Het belooft trouwens een mooie wedstrijd te worden, tegen Ajax om de Supercup. Dus voor veertig piek een kaartje aangeschaft.

Het lange wachten en fouilleren is even vervelend. Goed, het moet nu eenmaal, maar je voelt je door die talrijke club-stewards toch als een crimineel behandeld. Maar ach, niet te lang aan denken, de aanblik van de nieuwe Kuip maakt veel goed. Niet uitverkocht helaas, geen vuurwerk, maar Ben Cramer en Lee Towers doen op de middenstip hun best om de sfeer er in te houden. Aangerukte pupillen en ballonnen openen het voetbalseizoen, waarna de wedstrijd kan beginnen. Aan de overkant, aan de Ajax-zijde, lopen de ME'ers zich alvast warm. Het deert ons niet. Gezeten in vak UU, achter een van de doelen in een Feyenoord-vak, zijn wij veilig.

Koud vijf minuten is de wedstrijd bezig, of de achterburen beginnen zich te roeren. “Pak die klerejood”, klinkt het. “Godverdomme, die teringjood mag doorspelen”. “Hé, joden, jullie zijn ze vergeten te vergassen”. Dat is dus dat verbale geweld waar staatssecretaris Terpstra een kwartier eerder over sprak, toen zij een actie voor sportief gedrag opende! Ze had nog wel een kaart getekend, waarmee ze protesteerde tegen het gedrag waaraan de vier achterburen zich nu schuldig maken. Bij die actie hadden wij achter ons al luid hoongelach gehoord, maar ging dat daarover?

Aan de overkant wordt inmiddels gevochten. De ME veegt een van de Ajax-vakken schoon. Aan onze kant niets van dat al, maar de dreiging is er niet minder om. Tien centimeter achter onze ruggen springen vier kleine Hitlertjes bij elke Ajax-bal op. Met gebalde vuist schreeuwen ze bedreigingen. En ook als ze zitten, zijn ze niet stil. Ze hebben het druk met elkaar op te fokken. De haat moet immers verantwoord worden. “Daar doe je niks aan hè, die joden hebben altijd geluk”, zegt de een. “Die scheids is een vriend van die vuile kankerjoden”, antwoordt zijn maat. Hij spuugt de woorden bijna uit.

Wij voelen ons niet meer ons gemak. Sterker nog, wij voelen ons bedreigd. De agressie achter ons is zo groot geworden, dat wij niet meer naar de wedstrijd kunnen kijken. In de rust durven we voor het eerst achterom te kijken. Drie rijen achter ons zien we een jongetje van hooguit een jaar of tien. Hij is er met zijn vader, die hem aanmoedigt. “Kankerjoden”, gilt het joch.

Zullen we weggaan? Moeten wij ons dan laten wegjagen? Er iets van zeggen? En dan een mes in je lijf zeker. Waar zijn de clubstewards? Bij de ingang stonden er nog zo velen, hier is er geen te bekennen.

We zitten het uit en proberen het te negeren. Nog drie kwartier lang horen we de medische encyclopedie langskomen, met achter ieder woord steevast 'joden' geplakt. Het is een opluchting, als Feyenoord in de verlenging sneuvelt.

De volgende dag gaat een brief op weg naar het bestuur van Feyenoord. Een brief met het verzoek dergelijk gedrag te bestraffen. We doen een suggestie: zet genoeg clubstewards in het vak en haal de plegers van verbaal geweld eruit. Als Feyenoord niet van plan is om meer te doen, dan zijn die borden met de tekst 'Voor Feyenoord, tegen racisme' langs het veld wel erg hypocriet.

Vijf dagen later antwoordt de senior manager van Feyenoord, Fred Blankemeijer. Hij vindt het ook erg, maar kan er weinig tegen doen. Hypocriet? Ja, inderdaad. Wij zijn erg hypocriet. “Waarom heeft u als directe getuige niet zelf ter plekke aangedrongen op maatregelen door politie of stewards? Het antwoord kennen we natuurlijk. Hierover een brief schrijven is uiteraard minder risikovol”, schrijft Blankemeijer.

O, we hebben het dus verkeerd begrepen. Niet de gastheer van de wedstrijd is verantwoordelijk voor de goede orde, de goedwillende supporter is dat. Dááom betalen wij veertig gulden. Aha, is dat het! We schrijven een brief terug. Hebben we het nu goed begrepen? We horen niets meer. Ook niet van de staatssecretaris en de KNVB trouwens, die we op een afschrift trakteren. Zij hebben het waarschijnlijk te druk. Een paar weken later is er namelijk een Kamerdebat, waarin Terpstra aankondigt dat er clubkaarten komen en dat clubstewards meer toezicht op de tribunes gaan houden.

Wij zullen het niet zien.

mailIcon print |