*

 
dossier

Archief

Kok is Den Uyl niet, maar de PvdA is er ook nog

HANS GOSLINGA − 07/05/98, 00:00

PvdA-leider Wim Kok heeft dan eindelijk zijn grote verkiezingsoverwinning behaald. Hij heeft net niet het record van tien zetels van zijn voorganger Den Uyl in 1977 gebroken, evenmin heeft hij het verlies van twaalf zetels van vier jaar geleden volledig goedgemaakt, maar voor het eerst sinds hij twaalf jaar geleden in de Haagse politiek aantrad heeft hij op overtuigende wijze gewonnen.

Kok mag de acht zetels winst als een persoonlijke overwinning beschouwen. Hij heeft de PvdA weten om te vormen van actiepartij-in-oppositie tot een solide regeringspartij in het centrum van de Nederlandse politiek. Die positie heeft hij verstevigd. Niemand kan om hem heen.

Daar komen nog twee dingen bij. Kok begon vier jaar terug met paars aan een ongewis avontuur. Ook al werd de coalitie al snel als de gewoonste zaak van de wereld ervaren, het vergde toch politieke moed met de oude aartsvijand in zee te gaan. De kiezer heeft die moed nu beloond en tegelijk ook aangegeven dat het beleid van het eerste kabinet-Kok kan worden voortgezet.

Het moet al heel gek lopen als dat tweede kabinet-Kok er niet komt. 'Kok is Den Uyl niet', zeiden ze gisteravond al bij de VVD, om aan te geven hoezeer niet alleen de PvdA, maar ook het politieke landschap in Nederland is veranderd. Hoeveel te klein zou het linkse huis twintig jaar geleden zijn geweest bij zo'n daverende zege van een premier van PvdA-huize en een verkiezingsuitslag waarin met een ruwe blik een mogelijke 'progressieve meerderheid' kan worden gelezen?

Die bijna-meerderheid van 75 zetels tekent zich op papier af, als de zetels van PvdA, D66, GroenLinks en SP domweg bij elkaar worden opgeteld. Politiek kan dat natuurlijk niet. De partij van de radde prater Jan Marijnissen bevindt zich mijlenver van de PvdA en nog veel verder van paars. Onder de leus 'Stem tegen, stem SP' mobiliseerde zij de onvrede in de samenleving en deed dat op een slimmere manier dan de CD van Janmaat, die dan ook volledig werd weggevaagd. Het lijkt er dan ook veel op dat de SP de extreem-rechtse CD heeft opgegeten.

Dat neemt niet weg dat de ouderwetse linkse oppositie garen heeft gesponnen bij paars. GroenLinks brak onder aanvoering van Paul Rosenmöller door tot de status van middelgrote partij. We moeten ver in de historie teruggaan voor een vergelijkbaar resultaat (zestien zetels in 1972) van de toen nog kleine linkse partijen CPN, PSP en PPR. Rosenmöller zinspeelde er in de campagne wel op, maar het is onwaarschijnlijk dat hij zijn electorale winst kan omzetten in regeermacht. De politieke betekenis van een groter GroenLinks is dat de PvdA in een tweede paars kabinet onder grotere druk komt te staan, vooral waar het sociale en milieugehalte van het beleid in het geding zijn.

Dat paars als geheel licht versterkt uit de verkiezingen is gekomen, is ook aan de VVD te danken. Net als Kok beleefde politiek leider Bolkestein persoonlijk zijn finest hour door het recordresultaat van zijn partij (36 zetels in 1982) te verbeteren. Door de forse winst van de VVD wordt de verhouding met de PvdA getalsmatig niet zwaar aangetast. Het verschil was en blijft zes. Dat gegeven is van cruciaal belang voor de totstandkoming en levensvatbaarheid van het volgende kabinet-Kok.

De VVD was aan de vooravond van de verkiezingsdag erg beducht voor aantasting van het evenwicht. De liberalen haalden gisteravond bij de historische uitslag voor de partij wat opgeluchter adem, ook al in de wetenschap dat Kok er veel aan gelegen zal zijn het tweede paarse kabinet zo evenwichtig mogelijk samen te stellen. Maar zij moeten toch oppassen, de PvdA onder leiding van de wat onberekenbare Karin Adelmund is er ook nog en zal haar winst op een of andere manier willen verzilveren, ook al om zich de opdringende linkse oppositie van het lijf te houden. 'De kiezer legt ons het vuur op de rug', zei Adelmund in een eerste reactie.

Voor D66 heeft zich het oude liedje herhaald: winnen in de oppositie, verliezen in de regering. De partij gedijt gewoon niet in de macht. Bovendien moest zij de afgelopen periode een wisseling in het leiderschap verwerken, wat altijd lastig is, zeker als degene die terugtreedt een charismatisch leider en stemmentrekker als Van Mierlo is. Relatief heeft Els Borst het misschien dan nog niet eens zo slecht gedaan, absoluut is de terugval natuurlijk dramatisch, ook voor inhoudelijke D66-punten als het referendum en de direct gekozen burgemeester. Daar zit nu nog maar weinig politieke massa achter.

De betekenis van het verlies van tien zetels kan beperkt blijven, nu PvdA en VVD graag met D66 willen doorgaan, met het oog op goede verhoudingen, maar meer nog om de nachtmerrie van een twee-partijenkabinet te vermijden. Van belang hiervoor is dat de partij twee zetels meer behaalde dan de deadline van twaalf zetels die Borst voor doorgaan in de regering had gesteld.

Voor het CDA en voor zijn nieuwe kopman De Hoop Scheffer is het verlies van vijf zetels een bittere tegenvaller. De ijzeren voorraad leek met de terugval in 1994 bereikt, maar het lijkt erop dat het verdere terreinverlies de prijs is voor de verlegging van de koers. De kernvraag is of het CDA die koers zal vasthouden. Het lijkt erop dat de partij haar zetels vooral aan de VVD is kwijtgeraakt. Er zal zonder twijfel een roep ontstaan om rechts van de liberalen positie te kiezen. Maar lang mag die discussie niet duren, wil de partij over vier jaar een helder alternatief voor paars bieden.

mailIcon print |