*

 
dossier

Archief

D66 mag zich van premier Kok geen slachtoffer voelen

TEUN LAGAS − 13/01/96, 00:00

DEN HAAG - Vlak voordat de vergadering van de ministerraad gistermorgen begon nam premier Kok minister Sorgdrager van justitie even apart. Een gevaarlijke partij-politieke opmerking van de D66-bewindsvrouw moest even uit de wereld worden geholpen.

Kok en Sorgdrager werden het snel eens. Haar nijdige constatering van de avond ervoor, dat D66-bewindslieden de laatste tijd wel èrg gretig onder vuur worden genomen, zelfs door de coalitiepartners PvdA en VVD, kon maar beter snel worden ingeslikt. Het zou de verhoudingen in de paarse coalitie geen goed doen.

Sorgdrager deed haar ontboezeming in het radioprogramma 'Met het oog op morgen'. Het was aan het slot van een hectische dag waarin ze het verwijt moest pareren dat ze het parlement onjuist zou hebben ingelicht over de achtergronden van het ontslag, met gouden handdruk, van de Amsterdamse procureur-generaal Van Randwijck. Een onzinnig verwijt, luidde haar verweer.

Getergd gooide Sorgdrager een partij-politiek sausje over haar verdediging. Ze riep in herinnering dat eerder deze week coalitiepartner VVD hard uithaalde naar haar partijleider Van Mierlo, wegens diens voorgenomen bezoek aan het PLO-kantoor in Oost-Jeruzalem, het Orient House. En donderdag deed vooral de VVD wel erg voorbarig mee met de kritiek van de oppositie op haar vermeende schimmigheid in de kwestie-Van Randwijck. “Het lijkt er beetje op of de jacht op D66-ministers is geopend”, vond Sorgdrager.

Kok zag in dat Sorgdrager onnodig met vuur speelde. Als D66 zich als slachtoffer van VVD en PvdA gaat zien wordt het debat van woensdag over de Van Randwijck-zaak alleen maar onnodig belast, besefte hij. Een debat waar de minister van justitie zich op grond van feiten vrij eenvoudig uit kan redden.

Kok suste derhalve de oprisping van Sorgdrager en kwam gistermiddag met de mededeling dat de bewindsvrouw 'na een nachtje slapen' dit zelf ook geen gelukkige opmerking vond. De premier: “Ik zeg ook namens haar: We zien niet in dat D66 in een slachtofferrol zit.”

Sorgdrager kan volgende week rekenen op steun van PvdA en VVD als ze in de Kamer moet uitleggen hoe het ontslag van Van Randwijck nu werkelijk is gelopen. Al blijft VVD-woordvoerder Korthals wel volhouden dat de minister in het eerste hectische debat van 31 oktober over de gouden handdruk niet al te goed duidelijk maakte dat eerst met Van Randwijck werd gepraat over vertrek wegens reorganisatie en pas later over gedwongen ontslag omdat hij zijn gezag in het ressort Amsterdam niet goed meer kon laten gelden.

Elegant

In haar brief aan de Kamer legt Sorgdrager uit dat Van Randwijck niet mee wilde werken aan een oplossing die de leidende procureur-generaal Docters van Leeuwen hem in april 1995 voorhield. Docters van Leeuwen tastte toen af of Van Randwijck wellicht zelf ook geen plek meer voor zich zag weggelegd in een gereorganiseerd college van vijf procureurs-generaal. Sorgdrager in de brief: “Ik vond dit een elegante handreiking aan zijn adres om gezamenlijk naar een oplossing te streven voor de situatie in Amsterdam.” Die situatie hield in dat Van Randwijck daar niet goed kon functioneren, deels door tegenwerking van anderen, zoals hoofdcommissaris Nordholt. Maar Van Randwijck nam de handreiking niet aan en bleef zich verzetten tegen zijn ontslag. Met als resultaat de gouden handdruk.

De Kamer kreeg in oktober de indruk dat Van Randwijck alleen weg moest vanwege zijn disfunctioneren. De oppositiepartijen CDA en GroenLinks zien dat als onjuist informeren van het parlement, een zwaar politiek verwijt. Sorgdrager zal woensdag staande houden dat zij in dat spannende oktoberdebat wèl duidelijk probeerde te maken dat er met Van Randwijck over het onderwerp reorganisatie is gepraat, maar dat de Kamer het die avond zo druk had met de gouden handruk, dat dit punt ondersneeuwde.

Ook Kok beaamde gisteren dat Kamerleden Sorgdrager erg voorbarig hebben aangevallen. Zijn verwijt betrof vooral de oppositie, maar Kok moet ook hebben ingezien dat PvdA en VVD zich opmerkelijk gretig dualistisch opstelden tegen de D66-bewindsvrouw. Voor hem had dat echter niets te maken met een 'structurele aanval' van de twee grootste coalitiepartijen op de kleinste regeringspartij.

De voorzitter van de D66-fractie in de Eerste Kamer, Schuyer, blijft dat een slag anders zien. Hij klaagde gisteren: “Het valt wel op dat onze ministers, die een zekere populariteit genieten onder de bevolking, wel erg gemakkelijk worden aangepakt.” De oude, al toegegeven fout van Sorgdrager om Van Randwijck een gouden handdruk te geven, wordt haar volgens Schuyer te vaak door PvdA en VVD nagedragen. “Wij doen zoiets toch ook niet met VVD-minister Voorhoeve in de kwestie Srebrenica?”, pestte Schuyer terug. Sorgdrager zal zich waarschijnlijk volgende week in de Kamer niet meer wagen aan dergelijke verongelijkte uitspraken over de positie van D66 in de coalitie. Want dat keert zich alleen maar tegen haar.

mailIcon print |