De woorden die wij spraken tot elkaar haastige harde lieve onverstane de nacht die wij verzwegen voor elkaar de bange dromen de doorluchte wanen de dagen die wij gingen met elkaar in donker woud door schaduwlichte lanen
de mensen die wij werden een voor een spelende handen helderziende ogen lichamen stromend water steen en been vurige zielen vonken mededogen die ene die wij zijn en anders geen die anderen die wij nog worden mogen
dit niets dat overleeft ternauwernood dit alles dat ik ben in vrees en beven dit enig hier-nu tegen doem en dood dit korte lichte lange eigen leven dat wij ontvangen als genadebrood dat ons gegeven is en blijft gegeven.
Voor Beatrix, 60 jaar
Huub Oosterhuis
Melodie: De Heer heeft mij gezien.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.