*

 
dossier

Archief

Hebron enige Arabische stad met Joodse kolonisten in het centrum

Door: redactie − 16/01/97, 00:00

Van onze buitenlandredactie TEL AVIV - Hebron, gelegen 32 kilometer ten zuiden van Jeruzalem, telt ruim 120 000 Arabieren, 450 Joden en drie christenen, dienaren van de Russische kerk. Nog zo een zesduizend Joden wonen in de aanpalende nederzetting Kirjat Arba.

Tot de bouw van die nederzetting werd besloten nadat in 1968 (een jaar nadat Israël de westelijke Jordaanoever en dus ook Hebron had veroverd) een groepje fanatieke religieus-nationalistische joden onder leiding van rabbijn Levinger zich in een hotel in Hebron had gevestigd en weigerde de stad weer te verlaten. Juist om tegen te gaan dat er zich Joden in hartje Hebron zouden vestigen, waar frictie met de Arabieren onvermijdelijk zou zijn, bood de Israëlische regering aan een nederzetting naast Hebron te bouwen: Kirjat Arba. In de loop van de tijd wisten echter ook Levinger en een harde kern van extremisten zich toch in Hebron te nestelen, grotendeels in huizen die in 1929 door de daar wonende Joden waren verlaten na een slachtpartij onder de Joodse gemeenschap aldaar.

De kolonisten voeren aan dat Hebron een van de oudste Joodse gemeenschappen is waar door de eeuwen heen altijd Joden hebben gewoond. Al in de bijbel komt Hebron voor als de plaats waar Abraham voor vierhonderd zilveren sjekels een graf kocht voor zijn vrouw Sara. De Hebreeuwse naam Chewron (verwant aan het woord chawer) betekent vriend en is een benaming voor aartsvader Abraham, evenals de Arabische naam voor de stad: Al Halil, dat ook vriend betekent, de vriend van God. Volgens de overlevering liggen de aartsvaders Abraham, Isaak en Jakob, en de aartsmoeders Sara, Rebecca en Lea begraven in deze Grot der aartsvaders, die zowel voor de Joden als moslims een heilige plek is.

Een opstandige Israëlische archeoloog beweert overigens dat de graven op een heel andere plek in Hebron liggen, maar zijn onderzoek wordt weggemoffeld vanwege de te grote gevoeligheid van deze materie.

Drie jaar geleden richtte een kolonist uit Kirjat Arba een bloedbad aan in de islamitische gebedsruimte daar. Hij schoot 29 biddende moslims dood. Het bloedbad in 1929 en dat in 1994 zijn overigens slechts de meest bekende in een lange reeks van incidenten in de stad die - volgens de bijbel - rond 1720 voor de jaartelling werd gesticht. Volgens een van de overleveringen zouden ook Adam en Eva er begraven zijn.

Toen Israël en de Palestijnen drie jaar geleden in Oslo hun akkoorden ondertekenden, was er al rekening gehouden met de speciale situatie van Hebron als enige Arabische stad waar kolonisten zich in het centrum hadden gevestigd. Israël zou verantwoordelijk blijven voor de Joodse bevolking aldaar. Vandaar dat er niet sprake was van ontruiming door Israël, maar van hergroepering.

Door bloedige aanslagen in Israël werd die hergroepering uitgesteld. Vervolgens besloot de regering van de Arbeiderspartij met het oog op de naderende verkiezingen weer tot uitstel, tot na de verkiezingen op 29 mei.

Daarmee creëerde zij een uiterst gecompliceerde erfenis voor de winnaar van die verkiezingen, Benjamin Netanjahoe, die tot dan had uitgeroepen dat de hergroepering een ramp voor Israël was. Netanjahoe eiste het openbreken van de akkoorden “om de veiligheid van de kolonisten te garanderen”. Arafat weigerde dat. Dus heet het nu bereikte akkoord een protocol over de hergroepering in Hebron. Het herziene akkoord verschilt weinig van het oorspronkelijke. Ook de situatie blijft even precair en explosief in de stad der aartsvaders met zijn lange historie van geweld.

mailIcon print |