De markt voor autobladen staat onder druk. Volgens de jongste cijfers van de Nederlandse Organisatie van Tijdschrft-Uitgevers lopen de oplagen van twee van de drie Nederlandse autobladen terug. Alleen de grootste, Autoweek, draait lekker door met een oplage van bijna 135.000 stuks in 1995 (een kleine duizend meer dan in het jaar ervoor). ANWB's Autokampioen zakte (met zes procent) tot 61.500.
Bij de kleinste, Autovisie, daalde de oplage met bijna vijf procent tot 56.000 exemplaren. Maar dat kan even de pret niet drukken bij dit tweewekelijkse autoblad van de Telegraaf Tijdschriften Groep, want Autovisie bestaat veertig jaar. Reden voor een jubileumnummer, waarin naast veel terugblik van de opa's uit het autowezen (oprichter en eerste hoofdredacteur van Autovisie Fred - 'Wereld op Wielen' - van der Vlugt en voormalig hoofdredacteur Nico de Jong) ruime aandacht voor een verdwenen fenomeen: de pin-up, de autopoes. Alleen in Azië wordt vrouwelijk schoon nog gebruikt bij de promotie van auto's.
Helemaal weg uit de Nederlandse autosector zijn de dames trouwens nog niet, de bandenboeren en de onderdelenhandel geven nog altijd blote kalenders uit voor werkplaats en autospuiterij. Voor één keer heeft Autovisie de pin-up teruggehaald. Bij een artikel over de Porsch 911 GT2 poseert Monique Sluyter.
Maar de gemiddelde lezer van Autovisie zit niet meer op bloot te wachten, meldt de huidige hoofdredacteur Ton Roks in het blad. “Ik krijg nog steeds post als we een pikante foto hebben geplaatst. Bovendien wordt Autovisie inmiddels door zeventien procent vrouwen gelezen en dat percentage stijgt nog steeds.”
Autovisie was veertig jaar geleden een opmerkelijke loot in de autobladensector. De onafhankelijke autojournalistiek stond nog in de kinderschoenen. Het blad had van aanvang af de gewoonte de opgaven van fabrikanten over prestaties van nieuwe auto's nauwgezet te controleren. Ook de 'auto van het jaar'-verkiezing is door Autovisie (in 1963) bedacht.
De lezer van Autovisie wil rijden en dóórrijden, blijkt ook uit de brievenrubriek. J.A.M. Otte uit Halsteren bijvoorbeeld schrijft de redactie: “Ik krijg de indruk dat er in Nederland een nieuwe criminele organisatie snel aan populariteit wint: de mistlampenmafia. Ik bedoel daarmee de automobilisten die het voeren van de nog steeds verboden combinatie van dimlichten en breedstralers onder alle omstandigheden tot gewoonte hebben gemaakt. (...) Vooral op regenachtige dagen zorgt hun overdadige verlichting voor verblinding bij anderen. Ik hoor en lees veel klachten over dit verschijnsel, maar blijkbaar is dat voor de politie in Driebergen geen aanleiding om nu eens op te treden. Haar prioriteit ligt bij het in een verwarmde auto naar een radarkast zitten turen. (...) Daarom denk ik dat de enige oplossing om aan dit hinderlijke verschijnsel aan einde te maken de aanval met gelijke wapens is. Ik ben al aan het sparen voor een 200 Watt vèrstraler voor op m'n hoedenplank, precies op ooghoogte.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.