*

 
dossier

Archief

VBO/MAVO, HAVO EN VWO ECONOMIE

DICKY NIEUWENHUIS − 19/05/95, 00:00

Charlotte Dijkstra is een beetje van de kaart van het VWO examen economie. Ze praat zo snel over hoe ze het vond, dat het bijna onverstaanbaar is. “Ik ratel altijd wel, maar nu is het wel erg ja.”

Gewapend met geodriehoeken en rekenmachines komen de havo- en VWO-leerlingen die economie hebben gedaan op Het Wagenings, de zaal uit. Het havo examen viel mee, zo lijkt het algemene oordeel, maar het VWO examen was hartstikke moeilijk. Charlotte: “De theorievragen gingen fantastisch, daar kon ik wel wat zinnigs opschrijven. Maar al die berekeningen, dat kan ik niet goed. Dat is altijd zo. Ik vind het leuk in de klas over economische onderwerpen te discussiëren, maar bij de sommen haak ik af.”

Cindy Boshoven heeft het in tegenstelling tot haar klasgenootjes wel moeilijk gehad met het havo examen. De eerste bladzijde met vragen heeft ze helemaal wit moeten laten in het begin, omdat ze geen antwoorden wist. Maar verderop werd het makkelijker en later lukten die eerste serie vragen ook wel weer. Maar of het voldoende is? Ze moet een 5,8 halen heeft ze uitgerekend, dus het is erop of eronder.

Economie is minder moeilijk dan handel, vertelt Cindy. In dat vak moet ze volgende week examen doen. Daarvoor moet je pas echt sommen maken. Economie is meer theorie. Maar ze heeft beide vakken nodig omdat ze later een parfumeriezaak wil beginnen. Ze heeft dan ook hard gewerkt. Gisteravond is de TV uitgegaan en is ze gaan leren. Nou ja, ook omdat het journaal te eng was. “Dat ging over klopgeesten en bewegende tafels. Brr, toen ben ik gaan leren.”

“Simpel! Makkelijk!” joelen de mavo-4 leerlingen die op een kluitje in het portiek van 'Het Wagenings' staan. Ze hebben net het D-examen economie gemaakt. Het groepje is vroeg. De leerlingen die nog in de gymzaal zitten, hebben nog drie kwartier. “Ik hoefde er helemaal geen moeite voor te doen”, zegt Daniëlle Uittenbogaart, “Behalve de open vragen over de rijksbegroting, die waren wel balen.” “Daar moest je bij nadenken”, merkt iemand spottend op.” “Maar die meerkeuze stelden niks voor,” roept een ander, “dat was gewoon multiple-gokken!“

De mavo-4 examenkandidaten die om half vier - de tijd dat het examen sluit - naar buiten komen, zijn wat minder luchtig. “Niet moeilijk, wel rottig”, noemt een D-leerling het examen. Vooral vraag 10, waarbij de vaste maandlasten van de familie Oudewater berekend moesten worden, was volgens de meesten erg lastig. Weliswaar een meerkeuzevraag, maar door één klein foutje in de berekening kan het antwoord helemaal fout zijn. Zowel in de C- als in de D-examens kwamen de onderwerpen budgetteren, sparen, schijventarieven, sociale zekerheid en verzekeren aan de orde. De afsluitende vraag ging over de arbeidsmarkt voor vrouwen. “Erg makkelijk”, volgens de leerlingen.

Veel C-kandidaten moesten hard zwoegen voor de economie-opgaven. Slechts een enkeling kan instemmen met de uitroep 'simpel!' van zijn D-klasgenoten. Zoals de jongen aan wie Petra Leenarts vraagt “Hoe ging het?” “Heel goed” is het antwoord aan z'n klasgenoot die net heeft verkondigd dat ze het examen zo moeilijk vond. Petra weet wel hoe dat komt: “Jongens hebben het altijd veel makkelijker dan meisjes, echt waar. Ze zijn veel economischer ingesteld.”

mailIcon print |