NEW DELHI - De tegenaanval is ingezet. De grootste oppositiepartij in India, de Bharatiya Janata-partij (BJP), is een campagne begonnen die moet bewijzen dat de premier van India, Narasimha Rao, één van de corruptste politici van het land is. De BJP hoopt daarmee de aandacht af te leiden van de beschuldigingen tegen de eigen partij.
Twee weken geleden barstte in India een enorm corruptieschandaal los toen de inlichtingendienst, de CBI, zeven vooraanstaande politici in staat van beschuldiging stelde. Onder hen is L. K. Advani, de leider van de oppositionele BJP. Maar ook tegen drie ministers van de regerende Congrespartij is een onderzoek gestart. Het drietal is inmiddels afgetreden.
Alle tien politici komen voor in het dagboek van een van de gebroeders Jain, Indiase zakenlieden die de afgelopen jaren in ruil voor contracten zo'n dertig miljoen gulden steekpenningen hebben betaald aan meer dan honderd politici, ambtenaren en collega-zakenlui. Het dagboek van J. K. Jain bevat de namen van bijna iedereen die in India een hoge machtspositie bekleedt.
De naam Rao staat in het dagboek niet genoemd. De premier geldt wel als de man die de aanzet heeft gegeven tot de actie van de Indiase inlichtingendienst. De CBI kwam, na jaren vooronderzoek, met zijn beschuldigingen enkele maanden voor de algemene verkiezingen. Daarmee zou Rao de oppositie de wind uit de zeilen hebben willen nemen.
Inmiddels echter heeft de oppositiepartij BJP een mondelinge verklaring openbaar gemaakt van een van de gebroeders Jain. Daaruit zou blijken dat Rao in totaal ruim twee miljoen gulden aan smeergeld heeft ontvangen. De premier heeft de beschuldiging laten afdoen als “volstrekt ongegrond”. De BJP zegt met meer aanklachten tegen de Indiase regeringsleider te komen.
'Elke week een nieuw schandaal' is de slogan waarmee de oppositiepartij poogt de aandacht te richten op de vermeend corrupte praktijken van de premier. Zo hoopt de BJP nieuwe bewijzen te leveren voor de zogeheten affaire-Mehta, een Indiase aandelenhandelaar die Rao enkele jaren geleden een koffer met een half miljoen gulden aan contanten zou hebben gegeven.
Rao zelf geeft vooralsnog geen krimp. De premier, die bekend staat als de pruilende sfinx van de Indiase politiek, heeft nog maar één keer direct op het corruptieschandaal gereageerd. “Ik heb al verschillende keren bij verschillende gelegenheden gezegd dat het recht zijn loop zal hebben”, aldus de premier. “We moeten geduldig zijn.”
Ondertussen rollen elders in de Indiase politiek nog steeds nieuwe koppen als gevolg van de zaak-Jain. Begin deze week was het de beurt aan de voorzitter van een andere oppositiepartij, de Janata Dal. De enige partijen die niet bij het schandaal betrokken lijken te zijn, zijn de communistische. Zij hebben echter wel een politieke alliantie met de Janata Dal.
Als het gaat om berichten over corruptie zijn Indiërs het nodige gewend. Toch heeft 'de moeder van alle schandalen', zoals de zaak-Jain reeds is genoemd, het vertrouwen van de kiezers in hun leiders nog verder doen afnemen. Uit een recent onderzoek blijkt dat nog maar vier procent van het electoraat gelooft dat politici niet corrupt zijn.
De geduldige Narasimha Rao meent dat door het schandaal “het imago van alle partijen is bevlekt”. In elk geval is het hem gelukt om de BJP het onderwerp corruptie als belangrijkste verkiezingsthema te ontnemen. Volgens een lid van het partijbestuur van de Congrespartij heeft de premier juist ook bewezen “uitgestegen te zijn boven partijbelangen”.
Anderen zijn daarvan minder overtuigd en vrezen een boemerang-effect op de Congrespartij. Voorlopig evenwel heeft Rao niet alleen de oppositie mede in de beklaagdenbank gezet, maar is hij er ook in geslaagd dissidenten binnen zijn eigen partij tot zwijgen te brengen. De kans is zeer gering dat de CBI, die rechtstreeks onder het bewind van de premier valt, tegen Rao zelf een strafrechtelijk onderzoek zal beginnen.
De zeer intieme verstrengeling tussen en het Indiase bedrijfsleven en de politiek maakt het onwaarschijnlijk dat ooit de volledige waarheid over alle vormen van machtsmisbruik in de zaak-Jain boven tafel komt. Volgens de woordvoerder van de Congrespartij kent het Indiase rechtssysteem 'een gouden draad': iedereen is onschuldig totdat het tegendeel is bewezen. Maar onafhankelijke bewijzen maken juist weinig kans.
Daarmee is voor velen in het Zuidaziatische land het failliet van de politiek bewezen. Een Indiër heeft zich zelfs al hardop afgevraagd of het Indiase leger niet beter de macht kan overnemen. Leger, politiek en kiezers voelen hier weliswaar niets voor, maar de politici “zijn hun geloofwaardigheid kwijt”. De opvallende uitspraak komt van iemand met kennis van zaken: een politicus.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.