Waar ik moeite mee heb, is de koppeling in Van Drimmelens fake-verhaal over pedofilie aan de veroordeling van een ex-pastoraal werker uit Driebergen. Immers, Van Drimmelen grijpt deze zaak aan om duidelijk te maken dat er bij veroordeling van pedofilie sprake is van discriminatie vanwege seksuele geaardheid. Hij schetst de pedofiel als een mens die zo op kinderen is gesteld dat deze liefde door een kind (h)erkend wordt. Het kind doet andersom. Het gaat hier niet om erotiek en seksualiteit. Dat is iets voor later. Dat weet iedere pedofiel. Pedofilie is een vorm van integere liefde en diep respect voor het zich ontwikkelende kind. Vandaar de pijn bij pedofielen als ze het kind moeten laten gaan. Het kind wordt volwassen. Pedofielen leven in een voortdurend terugkomend rouwproces. Gelukkig is er steeds weer het moment dat een kind jou benadert. Tot zover de kijk van Van Drimmelen op pedofilie.
Nu is Van Drimmelen ook kerkjurist. Wat opvalt is dat hij met geen woord ingaat op het gevoerde proces tegen de kerkelijk werker. Ik begeleid de groep slachtoffers. Van Drimmelen vindt het tendentieus om van slachtoffers te spreken. De rechter niet. Die luisterde naar de verklaringen van de mensen die aangifte deden en van getuigen, hij stelde op grond van bewijs de straf vast. Het ging in deze zaak niet om jongeren die vragend voor de kerkelijk werker stonden, maar die dankzij zijn charisma een warme vriendschapsband met hem hadden, die door hem werden misbruikt en geseksualiseerd. De man was vaak een huisvriend van hun ouders. Door nee te zeggen tegen deze man zeg je ook nee tegen een goede vriend van je ouders. Zullen zij je geloven? In die zin lijkt de situatie op incest van een familielid. Langzaam maar zeker kom je als kind in een web terecht waar je niet meer uit kunt. Je wordt gechanteerd en bedreigd. Er wordt een beroep gedaan op je geloof, vertrouwen, zorg voor de naaste, in casu degene die je misbruikt. De daziet zijn handelen als pure liefde en ervaart de aanklagende omgeving als een hetzerige dreigende wereld. Het was opvallend rondom deze zaak dat het woord hetze vooral uit de mond van de dader kwam.
De slachtoffers hebben tegen hem geen hetze willen starten. Natuurlijk zijn er bij de slachtoffers momenten van dreiging, woede, ontlading. Een van de doelen van het begeleiden van deze groep was nu juist om over die woede te spreken, zodat deze niet leidt tot het spelen van eigen rechter. Nu lijkt het alsof in deze zaak niets anders aan de hand was dan een vorm van hetze tegen een weerloos slachtoffer. Hier vindt omkering plaats. De slachtoffers worden tot dader gemaakt en de dader tot slachtoffer.
Aan de rechter werden adhesiebetuigingen overhandigd aan de dader, die zoveel goeds gedaan had binnen de werk. Dat betekent niet dat hij niet ook een groot aantal jongeren ernstig schaadde. Die adhesie deed de slachtoffers pijn. Zij voelden zich zowel voor als na het proces daders. Zij hebben de naam van deze integere man aangetast, zij hebben vriendschapsrelaties verstoord, zij hebben binnen een kerkelijke gemeenschap een diepe wond geslagen. Zij, omdat ze het lef hebben gehad om nee te zeggen.
Zij zijn in de problemen geraakt, omdat een nabije vriend het verschil tussen nabijheid en distantie niet in het oog wist te houden. Het verschil in macht was zo groot. In deze relaties was geen sprake van gelijkwaardigheid, maar van machtsmisbruik. De rechter heeft dit onderkend. Vandaar de veroordeling. Met alle pijn. Jammer dat die pijn in een aantal kerkelijke kringen vooral gevoeld wordt in de richting van de dader.
Door met het pleidooi in voor de fake-vorm te kiezen hebben de initiatiefnemers uitgerekend dat bereikt wat de groep slachtoffers heeft willen vermijden. Zij hebben gepoogd niet de weg te zoeken van de publiciteit, maar van het zoeken naar recht in de rechtszaal. Dat recht hebben zij gekregen. Nu lijkt het erop alsof vanuit de kerk dit recht uitgerekend aan hen ontnomen wordt. Voor de slachtoffers is de vraag des te klemmender: waar vinden zij in de kerk een veilige plek?
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.