AMSTERDAM - Het veertig jaar oude Nationaal Jeugd Orkest heeft de wintertournee er weer op zitten. Het concerteerde in enkele Nederlandse steden, en wipte even over de grens, naar Antwerpen en naar Hannover. De belangstelling om mee te kunnen spelen is groot. Aangezien ongeveer twintig procent van de spelers per seizoen wordt vervangen (de leeftijdsgrens is 27 jaar, voor deelname tekent men voor minimaal één jaar) is het dus een soort doorgangshuis voor jonge mensen op weg naar het concertpodium. Dat is precies de functie van het NJO zo legt de jeugdig ogende, maar toch al 40-jarige directeur Arthur van Dijk uit.
“We betalen niets. Iedereen krijgt alleen reis- en verblijfkosten vergoed. Wat de musici er aan over houden is ervaring in een pre-professioneel orkest. Tijdens de repetitie-periodes werken ze onder leiding van doorknede orkestmusici aan hun partij. Bovendien hebben we twee studieleiders aangetrokken die de ontwikkelingen van de musici volgen. Zij, de violist Johan Kracht en de trompettist Theo Wolters, beiden verbonden aan het Concertgebouworkest, bewaken het niveau van het orkest.”
Is zo'n nationaal orkest nodig. Verscheidene conservatoria hebben toch hun eigen orkest?
Het NJO biedt extra ervaring om straks sterker in de schoenen te staan op de arbeidsmarkt. Er is maar één manier om de arbeidsmarkt voor musici te vergroten, namelijk door het niveau van die musici te verhogen. Er komen geen orkesten meer bij, maar het aanbod aan buitenlandse musici, tengevolge van de open grenzen, neemt wel toe. Bij audities leggen Nederlandse musici het nog al eens af tegen buitenlanders. In Duitsland bijvoorbeeld is de werkloosheid onder de strijkers hoog. Om Nederlanders een goede start te bieden is het NJO nodig. Regelmatig vinden onze musici een baan bij een Nederlands orkest; de eerste trombonist is aangenomen bij het Rotterdams Philharmonisch. ''
Het viel op dat de vrouwen verre in de meerderheid zijn in het NJO. Zijn vrouwen beter?
Die tendens zie je over heel Europa. Zelfs in Wenen bij de Wiener Jeunesse Orchester: 70 procent. In de landen van het vroegere Oostblok steeg in korte tijd het percentage vrouwen van 30 naar 70. Als verklaring wordt dáár gegeven dat het in deze economisch moeilijke tijd voor mannen gevaarlijk is om zo'n onzeker beroep als orkestmusicus te kiezen. Of dat ook voor West-Europa geldt, weet ik niet. Of vrouwen beter zijn, weet ik ook niet.''
Hoe komt het NJO aan zijn musici. Is een conservatorium-studie verplicht?
“Gemiddeld spelen er vijf musici mee die niet op een conservatorium zitten, maar die iets anders studeren, maar zo goed zijn dat ze worden aangenomen. Iedereen doet auditie. Als we veel strijkers nodig hebben, en er zijn er te weinig van een goed niveau, vragen we oud-leden er bij. We verlagen niet onze kwaliteitseis. Als iemand is aangenomen, kan hij of zij tot zijn/haar 27-ste jaar blijven. We raken dit jaar in een keer onze hele trombone groep kwijt.”
Tijdens de tournee werd een stuk van Kodály gespeeld, waar een cimbalon in voorkomt. Waar kwam de zestien-jarige bespeler vandaan?.
“Niet van een conservatorium. We kregen een tip. Je hebt hele families die zulke bijzondere instrumenten bespelen. Maar deze jongen heeft wel ook auditie gedaan.”
Is het NJO ook een opstapplaats voor de directeur?
Een luide lach is de eerste reactie.
“Voor mij niet. Ik werk bij het leukste orkest van Nederland: een kleine organisatie, en uitsluitend musici die uit vrije wil in het orkest zitten, die graag muziek maken. Ik kan spannende dingen organiseren. Toen ik hier vijf jaar geleden kwam, begon ik internationale contacten te leggen. Dat is uitgegroeid tot een Europese Federatie groter dan ik in mijn stoutste drommen durfde hopen. Ik werk nu aan een groot project waar vijftien jeugdorkesten aan deelnemen in 2000. In de komende zomer maken we een uitgebreide tournee door landen rond de Baltische en Oostzee. Het NJO is een van de beste in Europa. Dat wij een vijfde Mahler aankunnen, is bijzonder.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.