*

 
dossier

Archief

Kamer somber over verbetering mensenrechten

Door: redactie − 18/04/97, 00:00

Van onze parlementsredactie DEN HAAG - De Tweede Kamer is uiterst ontevreden over het trage tempo waarmee Turkije verbeteringen doorvoert op het front van de mensenrechten. Tegelijk houden alle fracties, op de VVD na, de optie open dat het land ooit toetreedt tot de Europese Unie.

De Turkse regering krijgt een uitnodiging om, samen met elf andere kandidaat-lidstaten uit Midden- en Oost-Europa, deel te nemen aan een speciale topontmoeting met de EU, na de Eurotop van Amsterdam, waarmee het Nederlandse voorzitterschap wordt afgesloten. Minister Van Mierlo van buitenlandse zaken liet gisteren doorschemeren dat Turkije wel degelijk een uitnodiging krijgt. Daaraan voorafgaand worden geen nieuwe speciale eisen aan Ankara gesteld.

Kamerleden bleven in een debat met de minister over de mensenrechtensituatie in het land uiterst sceptisch. In officiële stukken van Van Mierlo staat: “De situatie van de mensenrechten en het respect voor de identiteit van de minderheden hebben nog niet het niveau dat van een democratisch land mag worden verwacht.” De Kamerleden drukten zich minder diplomatiek uit. Lillipaly (PvdA): “De mensenrechtensituatie was slecht en is slecht gebleven. De kritische dialoog met de Turkse regering bracht geen verbetering.” De kritiek behelst onder meer de behandeling van de Koerdische minderheid inclusief het stelselmatig platbranden van dorpen in zuidoost Turkije, de aangetoonde martelpraktijken van de politie, de foltering van kinderen en het monddood maken van artsen, journalisten en advocaten.

Van Mierlo is het in grote lijnen eens met de sombere analyse van de Kamer over de huidige toestand, maar zegt toch enige verbetering te zien. “Er is wel degelijk goede wil, ook de bij de ministers in Turkije. De kritische dialoog tussen Europa en Ankara, die bij een land als Iran niet werkte, heeft in Turkije wel effect. Er zit beweging in. Maar er is nog een lange weg te gaan.”

De minister zag niets in een voorstel van PvdA en GroenLinks om namens Nederland een officiële statenklacht in te dienen bij de Raad van Europa, waar Turkije lid van is. In zijn ogen leidt zo'n klachtenprocedure tot een confrontatie tussen beide landen, terwijl de Nederlandse regering nu juist probeert via een dialoog verbetering los te maken.

De recente opmerking van VVD-leider Bolkestein, dat Turkije nimmer welkom is in de EU omdat het Islamitische land geen gemeenschappelijke geschiedenis met Europa heeft, is opnieuw scherp veroordeeld door de andere fraties. CDA-woordvoerder Gabor vindt dat Bolkestein daarmee onjuiste criteria hanteert om de eventuele toetreding te beoordelen. Lillipaly verwijt de VVD-leider dat hij Turkije zover laat wegdrijven van Europa dat ook de integratie van Turken in Nederland gevaar loopt. Van den Bos (D66) zegt dat de liberaal met dubbele tond spreekt: “Eerder betoogde Bolkestein dat één Europees volk niet bestaat. Nu zegt hij dat de Turken geen deel uitmaken van het Europese culturele erfgoed.”

Van Mierlo zegt zich niets aan te trekken van de uitspraak van de leider van één van de coalitiefracties. Bolkestein heeft zijn verzet tegen de Turkse toetreding nooit uitgesproken binnen de muren van het parlement. “In parlementaire zin wordt er dus niet gemorreld aan de uitgangspunten van de regering”, redeneert de minister. VVD-woordvoerder Blauw is het wel eens met zijn politiek leider maar weigerde in het debat uitleg te geven over het VVD-standpunt.

mailIcon print |