*

 
dossier

Archief

Afzeggingen om ei en breiwerkje

BIJDRAGE LOES SMIT − 18/01/97, 00:00

De eerste voorstellingen was er nog niks aan de hand. Een keer of vijftig brachten theatermaker/acteur Peter Zegveld en Beatrice van der Poel het stuk 'Net echt' voor kinderen van basisscholen op de planken. De meeste in Nederland, een paar in Duitsland en een stuk of wat in België. Na de zomervakantie volgden er nog zo'n honderd voorstellingen en toen ging het mis. Een mevrouw van een christelijke school in Hardenberg had zich geërgerd, vertelde dat door en vervolgens kwamen de afzeggingen. Voor de meesten kon het blootpak met in ribsteek gebreid piemeltje er niet mee door, anderen vonden een scène over hellevuur veel te ver gaan.

Het stuk gaat, zegt Mirjam Nebbeling van theaterbureau Frontaal en tevens Peter Zegvelds agent, over een man en een vrouw die verliefd worden en samen een ei krijgen, een erg lastig ei, waarop de vader soms zo kwaad wordt dat hij het dreigt te bakken en op te eten. Het angstige ei vlucht naar de kelder, ontmoet daar het blauwe beertje en komt in de brandende kachel terecht, maar gelukkig is het maar een droom en wordt het paar uiteindelijk met een echt mensenkind wakker.

In het stuk kleden de acteurs zich een keer uit, ook net echt, want hun 'blote' uitmonstering is van textiel en bovendien, zegt Nebbeling, in een fel, zuurstokachtig roze. “Trouwens, ze houden heel lang een onderbroek en bh'tje aan. Het is een schattig, vertederend stukje, heel kinderlijk, waarin ze achterelkaaraan rennen. De kinderen in de zaal liggen dan helemaal dubbel van het lachen, net als wanneer het ei opgegeten dreigt te worden.”

“Peter Zegveld is nu eenmaal zo: open, confronterend en eerlijk. 'Net echt' beeldt de gezinssituatie uit, de relatie man-vrouw-kind. De roze wolk wordt op de hak genomen. Ouders zijn niet altijd zo lief en aardig tegen hun kroost, dat herkennen de kinderen heel goed.”

Toch zijn er voorstellingen geweest, waarin juist in de ei- en vooral de roze-pakkenscènes rumoer in de zaal ontstond: ouders trokken onwillige kinderen hun jasje aan en rukten ze mee, deuren opensmijtend. Dat gebeurt met name onder de vrije voorstellingen, waarbij veel meer ouders aanwezig kunnen zijn dan bij de door een commissie geboekte schoolvoorstelling. Des te slechter voor het kind, vinden Nebbeling en Zegveld, omdat het harmonieuze einde van het stuk ze onthouden wordt.

“Niet alle christelijke basisscholen reageren zo, maar als het gebeurt, komt het wel uit die hoek, vooral in Zeeland, rondom Hardenberg en Hoorn in Noord-Holland. Er zijn een stuk of zes afzeggingen geweest, niet zoveel dus. We hebben sterk het gevoel dat de commissies steeds bekrompener in hun keuze worden, dat er meer taboes zijn. Als eerste vragen ze of er niet erg in gevloekt wordt en er geen vieze woorden in voorkomen. Ontzettend hypocriet eigenlijk, want op tv zien kinderen ook van alles.”

Voor problemen met de nieuwe serie voorstellingen (van 19 februari tot eind april) is ze niet bang. “Ze zijn allemaal al geboekt. Duitsland heeft er zelfs om gevraagd en in België hebben slechts twee theaters afgezegd. Vanwege de kelder en de kwestie-Dutroux.”

mailIcon print |