DELFT - Aparte rijstroken op de snelweg voor vrachtverkeer en andere doelgroepen, containers die zonder chauffeur over een kettingbaan door Nederland toeren, beeldschermpjes in de auto met informatie over de toestand op de wegen, een 06-achtig mobiliteitsbureau dat vervoersprobleem voor je oplost (inclusief je fietsreparatie), knooppunten waar je kunt vergaderen én telewerken én sporten én uitgaan.
Zo kan de situatie op en om de snelwegen er over dertig jaar - of zoveel eerder - uitzien, denkt Ton Maagdenberg. De onderzoekscoördinator wegenbouw bij Rijkswaterstaat laat zich even verleiden tot een blik in de toekomst. Hij is bepaald geen figuur uit Startrek, wel lid van het projectteam 'Wegen naar de toekomst', dat werkt aan oplossingen voor de problemen op de snelwegen.
De aannemers en andere deelnemers aan het Nationaal wegencongres kunnen vandaag op het puntje van hun stoel gaan zitten, als Maagdenberg ze een schets geeft van 'Wegen naar de toekomst'. Want de eerste concrete plannen moeten al in 1998 vorm krijgen.
Van pleisters plakken kan daarin geen sprake meer zijn. De problemen in het verkeer kunnen volgens Maagdenberg niet alleen meer worden opgelost door nieuwe wegen aan te leggen of bestaande te verbreden. Nog afgezien van de vraag of dat oude recept helpt, de weerstand in de samenleving wordt steeds groter. En de procedures vreten alsmaar meer tijd en geld. Voor de korte termijn gaat het programma 'Samen werken aan bereikbaarheid' van Verkeer en waterstaat nog wel even door. Het is een inhaalrace om achterstanden in te lopen. Knelpunten worden opgelapt (en zullen elders wel weer voor nieuwe files zorgen). Maar voor de volgende eeuw eist de samenleving oplossingen die werkelijk soelaas bieden. Je kunt uiteindelijk niet door blijven bouwen.
Oplossen
'Wegen naar de toekomst' is geen project van Rijkswaterstaat alleen. De dienst vraagt deskundigen op het gebied van verkeer en vervoer, maatschappelijke organisaties en 'gewone' mensen om de tafel om samen verkeersproblemen in kaart te brengen en op te lossen. Mobiliteit is immers niet alleen een probleem van Rijkswaterstaat maar van elke burger, zegt Maagdenberg. Deze 'dialoog met de samenleving' moet ideeën opleveren. “De Willy Wortels zitten overal in Nederland, we moeten ze alleen bij elkaar halen.”
Het is even wennen, zo'n geluid - zeker op een moment dat grote groepen in de samenleving te hoop lopen tegen plannen voor grote infrastructurele werken als de hoge-snelheidslijn en de Betuwelijn. “We willen af van het beeld dat wat Rijkswaterstaat bedenkt en doet, ook meteen beleid is. We willen ook geen ouderwetse inspraakavonden meer waar iedereen met een katterig gevoel vandaan komt, maar ruimte om nieuwe ideeen in de praktijk uit te proberen. Als we nu om de tafel gaan zitten, komt er ook geen oplossing van Rijkswaterstaat tevoorschijn maar zoeken we daar al pratende naar. De reacties zijn positief. Mensen hebben het gevoel dat ze niet voor niets zijn uitgenodigd, maar serieus een inbreng hebben. Die openheid is verrassend.”
De maatregel om op de A 28 (Utrecht-Amersfoort) de vluchtstrook in de ochtendspits voor het verkeer open te stellen, is een voorbeeld waarbij de communicatie met de samenleving goed heeft gewerkt. Maagdenberg: “Toen Rijkswaterstaat het plan vier jaar geleden opperde, zat de kat in de gordijnen. Hoe kon je zoiets verzinnen! Twee jaar geleden hebben we weggebruikers, omwonenden en deskundigen bij elkaar gehaald en over een mogelijke oplossing gepraat. Daarbij bleek dat niet de files het grootste probleem zijn, maar de onveiligheid en de onzekerheid over de reistijd. Breng je de snelheid op de weg terug van 120 naar 80 kilometer, dan krijg je een rustiger verkeersbeeld en kun je 'smaller' rijden. De oplossing was dus de vluchtstrook in de ochtendspits openstellen voor het verkeer. Vier jaar geleden ondenkbaar, nu met grote instemming op proef ingevoerd en inmiddels definitief geworden. Een bescheiden stap, maar met grote mogelijkheden.”
De nieuwe aanpak is al op meer plaatsen uitgetest. In Wassenaar bijvoorbeeld, waar Rijkswaterstaat zich met de gemeente, omwonenden en weggebruikers hebben gebogen over een oplossing voor de 'rampweg' N 44. De gemeente is al zo verrukt over het feit dat iedereen wil meedenken, dat zij het project met dertig miljoen gulden steunde. Ook het idee van het inhaalverbod voor vrachtwagens op de A 50 (Arnhem-Apeldoorn) is uit de maatschappelijke discussie naar boven gekomen. Het is niet vanachter het bureau bedacht, zegt Maagdenberg, maar als resultaat van een werkproces. “Zo'n toestand als met de carpoolwisselstrook moeten we nooit meer hebben: zomaar een ballon oplaten en uitvoeren zonder draagvlak is er niet meer bij.” Ook het experiment op de A 50 is inmiddels definitief.
Leken
Afgelopen zomer hebben honderden mensen alternatieven aangedragen als mogelijke oplossing van het bereikbaarheidsprobleem. De 'leken' zijn als het ware zó van de straat geplukt. “Het was geen kwestie van melken met kouwe handen, maar serieus: wat gaan 'we' eraan doen?”
De snelweg meer op maat maken stond hoog op de lijst van de denktank. Maagdenberg: “Dat betekent dus scheiding van de verschillende vervoerssystemen. De capaciteit van de weg loopt aanzienlijk terug als personenauto's en vrachtverkeer er tegelijk gebruik van maken. De ervaringen met een aparte rijstrook voor vrachtwagens op de Brienenoordbrug zijn zeer positief. Misschien moet die wel worden doorgetrokken door de hele Randstad, langs de grote industriecentra waar de economie op draait.”
Pay-lanes zijn eveneens als oplossing genoemd. Dat zijn rijstroken waarvoor apart betaald moet worden maar die wel een gegarandeerde reistijd opleveren - voor vrachtverkeer, vertegenwoordigers en anderen die voor hun werk op de weg zitten. Ook die kunnen vol raken, maar geen nood: 'hoe groter de vraag, hoe hoger de prijs', denkt het projectteam. Bovendien wordt serieus gedacht aan het systeem van een kettingbaan voor containers. De bloemenveiling van Aalsmeer past het allang toe voor het transport van bloemenkarren. “Het is als bij zoveel plannen”, zegt Maagdenberg. “Alles is al een keer bedacht: is het niet door Jules Verne, dan wel door de gebroeders Das. De techniek is er, de proefbaan ligt al op de Maasvlakte. Je moet alleen een keer het lef hebben om het uit te voeren.”
Een van de knelpunten in het verkeer is de informatie over de situatie op de wegen. De filemeldingen op de radio zijn volgens veel weggebruikers grotendeels achterhaald. Automobilisten ergeren zich rot aan het feit dat ze wel weten hoe lang een file is maar niet hoe lang die duurt. “Er is behoefte aan duidelijke informatie. Ik zie in de toekomst een soort vervoersmaatschappij in Nederland, die voor jou uitdoktert hoe je je het beste kunt verplaatsen. Afhankelijk van het verkeersaanbod. Moet je vanuit Leiden om 10 uur in Delft zijn, dan weet je gegarandeerd dat je op tijd bent. Of dat nu met de helikopter is, de trein of de kruiwagen. Ook hier geldt dat de informatiemiddelen er zijn. Alleen, wanneer pas je ze toe?”
De eerste experimenten van 'Wegen naar de toekomst' worden over twee jaar verwacht. Als Rijkswaterstaat twee eeuwen bestaat.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.