*

 
dossier

Archief

Scheiden? Nooit doen

AFRA BOTMAN − 28/03/98, 00:00

Wim de Bie gaat volgend seizoen in zijn eentje een televisieprogramma maken, heeft hij afgelopen zondag aangekondigd. Kees van Kooten voegde daar gelijk aan toe dat hij op de achtergrond wil meewerken. Hun publiek kan voorlopig alleen gissen hoe dat er uit gaat zien. Wordt Van Kooten een Hekking-achtige achtergrondfiguur? Wordt De Bie een tobberige meneer Foppe, een mopperige leraar Duits, een parodie op Wim Kaizer?

Kan een zo met elkaar vergroeid duo eigenlijk wel op de solotoer? Nooit uit elkaar gaan, adviseert de een. Samen zijn ze veel sterker. Als De Bie een heel andere vorm vindt, heeft hij kans van slagen, zegt de ander. Er zijn voorbeelden van komische partners die wél een solo-carrière opbouwden. Johnny Kraaykamp en Rijk de Gooyer bijvoorbeeld. Of Freek de Jonge en Bram Vermeulen.

Een mooi, zielig verhaal is dat van het zeer populaire Engelse duo Eric & Ernie, oftewel Morecambe & Wise. Ze kenden elkaar van jongs af aan, waren altijd bezig met grappen maken. Het was vanzelfsprekend dat ze samen het vak ingingen, met een komisch variéténummer. Ze hadden aanvankelijk een klassieke rolverdeling, met Ernie als aangever en de lange Eric als afmaker van de grappen. Later ontwikkelde Eric zich tot een serieuzer, droog type, dat Ernie, de dromerige nepfilosoof ('Wat zijn we anders dan lege schelpen die ooit mannen waren?'), door het leven hielp.

Als televisiekomieken bij de BBC bereikten ze in de jaren zeventig de toppen van hun roem. Ze werden zodanig als een twee-eenheid beschouwd, zoals ook Laurel en Hardy was overkomen, dat het publiek ervan overtuigd was dat ze na hun optreden in één auto stapten en naar hun gezamenlijke flat reden.

Toen Morecambe in 1984 op 58-jarige leeftijd stierf, kwam Wise alleen te staan. Zowel het publiek als Wise kon het ontbreken van Morecambe niet verwerken. Wise eindigde zijn carrière als scriptadviseur. “Ik word nooit meer voor een tv-optreden gevraagd”, beklaagde hij zich in een interview. Toen de BBC in 1994 de hoogtepunten van hun tv-optredens herhaalde, bleef heel Engeland daarvoor thuis.

Recensenten verbaasden zich erover dat de twee kalende mannen met hun handelsreizigersuiterlijk het verwende televisiepubliek nog zo aan het lachen wisten te krijgen. “Iedereen kan grappig zijn met schokkend taalgebruik, of door ergens tegen aan te schoppen”, zei comedyschrijver Tim Firth in een commentaar achteraf. “Morecambe en Wise hadden dat niet nodig. Wat hen grappig maakte was subtiel, heel gecompliceerd, iets wat alleen kan bestaan door hun sterke band. Je voelt hun warmte, hun diepte, een band die alleen kan bestaan tussen mensen die elkaar zo lang hebben gekend.”

Morecambe en Wise zijn in Nederland nooit bekend geworden. Hun grappen werden wel gebruikt, door de televisiekomieken De Mounties en door 'Het Paar Apart', oftewel Johnny Kraaykamp en Rijk de Gooyer. De Mounties, aanvankelijk Piet Bambergen en Fred Plevier, waren begonnen als variété-nummer. In 1961 werden ze uitgenodigd door Rudi Carrell voor een optreden in zijn tv-show. Carrell wilde eigenlijk de komische Piet Bambergen alleen hebben, maar die wenste samen met zijn partner op te treden. De Mounties kregen in 1965 een eigen tv-show. Tijdens een van de opnamen stierf Plevier aan een hartaanval.

Ook toen durfde Bambergen het niet alleen aan. Vanaf 1968 vormde hij een duo met René van Vooren, de zoon van theaterondernemer René Sleeswijk. Hun succes duurde tot midden jaren zeventig. Hun oubollige humor begon het toen af te leggen tegen de steeds scherper wordende concurrentie. René van Vooren werd tv-producent, maar een paar jaar later kwamen ze samen terug in komedies, op toneel en op televisie. Halverwege de jaren tachtig zette Van Vooren definitief een punt achter zijn theatercarrière. Bambergen trad tot zijn dood in 1996 nog veel op in komische toneelstukken en films. Hij stierf als een gewaardeerde komiek, maar toch vooral als 'de dikke van de Mounties'.

Een komisch duo ontstaat in de meeste gevallen aan het begin van de theatercarrière van komieken. In hun eentje durven ze een zaal niet aan en ontdekken ze, vaak toevallig, dat ze samen grappiger zijn. Rinus Ferdinandusse, journalist en ooit zelf cabaretier, noemt het voorbeeld van Dean Martin en Jerry Lewis. Als komisch duo bereikten ze de top. “Toen ze elkaar niet meer nodig hadden zijn ze uit elkaar gegaan. Dean Martin had het ook verder niet nodig, maar het heeft Jerry Lewis zijn hele leven achtervolgd dat hij in zijn eentje minder leuk was dan samen met Dean Martin.”

Een zeer succesvol theaterduo in Nederland vormden Gerard Cox en Frans Halsema. Michel van der Plas schreef de teksten: “Ik heb twee programma's voor ze gemaakt, in het eerste traden ze overigens op als trio, samen met Adèle Bloemendaal. Ze vulden elkaar goed aan”, verklaart Van der Plas achteraf hun succes. “Halsema had iets ernstigs, Cox was wat lolliger. Ik vond het een ideaal koppel. Ze jutten elkaar op, om het zo maar te zeggen, inspireerden elkaar. Maar in een duo zit ook een gevaar, en wel dat je elkaar vliegen gaat afvangen. Je mag absoluut niet egoïstisch zijn, je moet de ander zijn succes gunnen. Ik heb achteraf de indruk dat dat wel eens de oorzaak geweest kan zijn van het uit elkaar gaan van die twee.”

Zowel Cox als de inmiddels overleden Halsema was solo ook succesvol. “Maar ik heb toch het gevoel dat het nooit het succes heeft geëvenaard van hun gezamenlijke optreden”, zegt Van der Plas. Hij vond het destijds niet verstandig dat de twee uit elkaar gingen: “Ik kon me toen niet voorstellen dat ze uit elkaar zouden gaan. Ik wou net beginnen met het schrijven van het derde programma toen Frans Halsema tegen me zei: Ik ga in mijn eentje verder. Ik heb het hem afgeraden, heb gezegd: Ik weet niet of jij in staat bent om een hele avond te vullen met een eigen programma. Dat dacht ik ook toen ik hoorde dat De Bie alleen gaat werken. Het was voor mij een herhaling van zetten. Ik dacht: nooit doen. Niet uit elkaar gaan.”

“Toen ik stopte met de revu, zei iedereen: Dat moet je niet doen”, zegt André van Duin. Hij moest het hebben van de typetjes en had als vaste aangevers Frans van Dusschoten en Corry van Gorp. Van Duin stopte tegen de adviezen in toch, omdat hij vond dat hij 'dat hoofdstuk wel had gezien'. Van Van Gorp en Van Dusschoten is sindsdien niet veel meer vernomen, maar Van Duin is nog net zo gevierd als altijd.

Van Duin heeft gezien zijn eigen loopbaan alle begrip voor het besluit van Van Kooten en De Bie. “Maar ik betreur het bijzonder. Ze staan bij mij heel hoog genoteerd.”

Van Kooten en De Bie horen op tv. Hun pendanten Bram Vermeulen en Freek de Jonge horen in de zaal. Zij werkten samen als het cabaretduo 'Neerlands Hoop'. Ze begonnen in hun studententijd in 1967 en gingen in 1979 uit elkaar. Ze waren 'artistiek op elkaar uitgekeken', zoals het heet. Freek de Jonge ging voort op het succes en werd als solo-cabaretier minstens even gevierd. Bram Vermeulen liep een veel moeizamer parcours en verscheen op een gegeven moment zelfs als quizmaster op tv. Freek de Jonge maakte daar rake opmerkingen over en achteraf geeft ook Bram Vermeulen toe dat dat een dieptepunt was in zijn loopbaan. Sinds een paar jaar heeft ook hij zijn draai gevonden met een muzikaal theaterprogramma, waarmee hij alle lof oogst.

Komische duo's zijn vaak erg met elkaar verbonden, vooral als ze uit zijn op de lach van het publiek, zegt Rinus Ferdinandusse. “Duo's die voor een zaal staan werken hun rol perfect uit. Snip en Snap hadden een tekst van niks, maar ze wisten precies: als we het zo doen, lachen de mensen het hardst. Het waren vakmensen, ze konden de lach helemaal uitmelken. Maar Van Kooten en De Bie waren niet uit op de lach van het publiek. Je kon merken dat ze nooit voor een zaal stonden, het waren echte televisiekomieken. Ik heb Van Kooten eens gezien toen hij Willy Walden naspeelde. Toen speelde hij op de lach en die kreeg hij ook. Natuurlijk kan hij dat, hij is een raskomiek.”

“Je kunt altijd merken dat het Van Kooten en De Bie niet kan schelen of het publiek lacht. Ze hebben ook vaak opmerkingen tussendoor die helemaal niet grappig zijn bedoeld, die ze gewoon kwijt willen. Als mensen zeggen: vroeger moest ik om ze lachen, nu niet meer, betekent dat niet dat Van Kooten en De Bie vroeger leuker waren. Het betekent dat het publiek vroeger meer geneigd was er om te lachen. Snip was niks zonder Snap, die zijn dan ook nooit uit elkaar gegaan. Maar bij De Bie en Van Kooten ligt dat anders. Ik kan echt niet voorspellen of De Bie erin slaagt om in zijn eentje iets op te bouwen. Het kan best zijn dat hij in zijn eentje heel aardig is. Hij zal met een heel andere vorm komen, niet wekelijks, een maandelijks magazine misschien.”

mailIcon print |