Van onze buitenlandredactie AMSTERDAM - Jose Ramos Horta reageerde gisteren ietwat teleurgesteld op de toekenning van de Nobelprijs voor de Vrede. Hij had zich beter gevoeld als de prijs niet naar hem, maar naar Xanana Gusmao was gegaan, de Oost-Timorese verzetsheld die gevangenzit in Jakarta.
De 46-jarige Ramos Horta geldt als de 'minister van buitenlandse zaken' van Oost-Timor. Drie dagen voor de inval van Indonesische troepen in de voormalige Portugese kolonie, op 7 december '75, wist hij naar het buitenland te ontkomen. Daar begon de jonge buitenland-secretaris van de verzetsbeweging Fretilin onmiddellijk met de organisatie van de voorlichting over Oost-Timor.
Sindsdien leidt Ramos Horta een lobby voor zijn bezette land en andere onderdrukte volkeren. Hiervoor reist hij de gehele wereld af. Verder geeft hij in Sydney colleges over diplomatie. Ramos Horta heeft rechten gestudeerd in de Verenigde Staten. Hij ontving eerder dit jaar in Den Haag de Unpo-award, een prijs van de organisatie van niet-vertegenwoordigde naties en volkeren. De 'chef van de nationale raad van het verzet van maubere' (het volk van Oost-Timorezen) viel tweeëneenhalf jaar geleden woedend uit naar Peter Kooijmans, destijds de Nederlandse minister van buitenlandse zaken. De bewindsman had gezegd dat niemand de berichten kon bevestigen dat Indonesische militairen overlevenden hadden vermoord van het bloedbad dat zij in november '91 in Dili aanrichtten. Kooijmans was als rapporteur van de VN op Oost-Timor toen het bloedbad plaatsvond.
De immer correct geklede en altijd met een vlinderdasje gesierde Ramos Horta treedt ook op als persoonlijk vertegenwoordiger van Fretilin-leider Xanana Gusmao die momenteel op Java een gevangenisstraf uitzit van twintig jaar. “Zijn leider” had de Nobelprijs moeten krijgen, zo liet hij gisteren vanuit Lissabon weten, waar zijn moeder woont.
“De bisschop verdient de onderscheiding”, zei Ramos Horta, “maar hij had 'm samen met Gusmao moeten krijgen. Dat is een bijzonder voorvechter voor vrede en democratie. Ik heb mijn best gedaan, maar daar is niks exceptioneels aan als je land is bezet”, vervolgde hij bescheiden.
De Oost-Timorees hoopt dat de prijs aan Jakarta duidelijk maakt, dat het Oost-Timorese volk nu lang genoeg heeft geleden en dat er serieus gesproken moet worden over een oplossing. De gesprekken die momenteel plaatsvinden onder VN-auspiciën, hebben niets opgeleverd, aldus Ramos Horta. En hij verwacht weinig van de nieuwe ronde op 21 december. “Ik sta klaar, ik heb het al vaker gezegd, om af te reizen naar Indonesië voor een echte dialoog”, onderstreept de onderscheiden woordvoerder van het verzet.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.