Van een onzer verslaggevers ROTTERDAM - De milieudienst Rijnmond (DCMR) maakt voorlopig weinig kans om grond, die na de Bijlmerramp van 1992 elders werd verwerkt, te onderzoeken op de mogelijke aanwezigheid van verarmd uranium. De dienst is er, ondanks een nu twee weken durende zoekactie, niet in geslaagd de grond terug te vinden.
Ook concrete aanwijzingen in die richting ontbreken, zegt woordvoerder R. Kuijper. Hoewel de speurtocht wordt voortgezet, houdt de DCMR er rekening mee dat het beoogde uraniumonderzoek nooit zal kunnen plaatsvinden.
NBM Milieu, onderdeel van het bouwconcern NBM Amstelland, verwerkte in juni 1994, als onderaannemer, 1850 ton grond uit de Bijlmer. Deze partij werd destijds gereinigd in de grondverbrandingsinstallatie van NBM Milieu in Schiedam. De grond bleek toen vervuild met benzeen en kerosine. De mogelijke aanwezigheid van uranium kwam pas veel later aan het licht. Het deel van de grond dat na reiniging restte, werd afgevoerd naar de opslagplaats van het Centrum Hergebruik Grond in Moerdijk.
Volgens de DCMR is onduidelijk waar deze grond vervolgens is gebleven. Onderzoek in de archieven van NBM Milieu heeft vooralsnog niets opgeleverd. De dienst wijt dit mede aan de 'ontoegankelijkheid' van deze archieven. “Hoewel we er zeker de tijd voor nemen om de stukken te vinden, vergt dit een gigantische zoekactie”, zegt Kuijper. “Bovendien wordt het zoekwerk extra bemoeilijkt doordat die gegevens betrekkelijk oud zijn. Het is onzeker of we ooit nog achterhalen waar de partij grond, die in Moerdijk is opgemengd met andere hoeveelheden, is gebleven.”
De sluiting van de Schiedamse verbrandingsinstallatie van NBM, in 1996, en daardoor de verhuizing van dit deel van de archieven, vormt nog een belemmering bij de zoekactie. Kuijper: “Wij verwachten het meeste van NBM, omdat de stukken waarover zij moeten beschikken, inzicht geven in bijvoorbeeld de tijdstippen van transport. NBM zal die documenten best hebben, maar echt zorgvuldig is er niet mee omgesprongen. Wij verwijten hen niets, maar het antwoord op de vraag waar de grond is gebleven, wordt zodoende wel lastig.”
Woordvoerder B. Schoenmaker van NBM Amstelland is verbaasd over de opvatting dat de bedrijfsarchieven 'ontoegankelijk' zijn. “De keuringscerficaten en rapporten over de partij grond hebben wij, vrijwel meteen nadat de DCMR zijn onderzoek begon, gevonden en aan hen afgestaan. Wij hebben er geen zicht op wat het Centrum Hergebruik Grond uiteindelijk met de resten van die partij deed. Op het moment dat die grond in Moerdijk kwam, was het voor ons einde verhaal. Wij zijn ook nooit eigenaar van de grond geweest en traden slechts als dienstverlener op.”
Vertegenwoordigers van de DCMR spraken gisteren met de directie van het Centrum Hergebruik Grond. Over de inhoud wilde het Centrum niets zeggen. “We moeten tijd van leven hebben”, aldus een woordvoerster. “Als er concreet iets te melden valt, zullen we dat zeker doen.” De DCMR vestigt zijn hoop vooral op de provincie Noord-Brabant. Die kreeg eerder alle informatie over de vervuilde grond van de provinciebesturen van Noord- en Zuid-Holland. Dit in verband met de afvoer van de grond naar Moerdijk. “Het spoor leidt naar Noord-Brabant, zodat we daar op zoek zijn naar bronnen die ons kunnen helpen”, zegt Kuijper.
In het voortraject van het onderzoek raadpleegde de DCMR eerder de gemeente Amsterdam. De dienst is daar weinig wijzer van geworden. “Volgens Amsterdam is het 'bijna' uitgesloten dat er uranium in de grond zit”, zegt Kuijper. “Amsterdam baseert zich daarbij op het feit dat er nooit daadwerkelijk uranium is gevonden. Maar om het woordje 'bijna' te kunnen elimineren, is het juist noodzakelijk de grond te vinden en op uranium te onderzoeken.”
NBM Amstelland maakte gisteren bekend dat circa tien oud-medewerkers zich medisch willen laten onderzoeken. Zij behoorden tot de in totaal 25 NBM'ers die in 1994 in Schiedam betrokken waren bij de verwerking van de Bijlmergrond. Volgens het concern hebben de tien 'zekerheidshalve' ingestemd met het medische onderzoek. “Van klachten die direct verband zouden kunnen houden met de werkzaamheden van destijds is niets bekend.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.