*

 
dossier

Archief

Vos: 'Dit gaat te ver'

KOERT VAN DER VELDE − 01/02/96, 00:00

AMSTERDAM - “Ik ben helemaal niet ouderwets, ik ben juist heel modern”, reageert godsdienstfilosoof H. Vroom op de suggestie dat hij de klok wil terugdraaien op de theologische faculteit van de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Vroom heeft samen met twee collega's een nota geschreven waarin hij pleit voor het omvormen van de theologische opleiding tot een weer echt christelijke. In het er op volgende debat vond Vroom de nieuwtestamenticus J. Vos tegenover zich.

De twee staan lijnrecht tegenover elkaar.

Vos: “De theologische faculteit is de laatste decennia steeds verder geseculariseerd, net als de hele VU. Ik zie dat als vooruitgang. Dit proces is niet terug te draaien.” Vroom: “De faculteit is helemaal niet sterk geseculariseerd, ze is nog steeds christelijk. Ik wil niets terugdraaien, maar alleen bijsturen. Dat is in deze tijd hard nodig.”

Vroom legt uit waarom: “Het geloof is minder vanzelfsprekend geworden. Het komt daarom aan op het vermogen van de predikant te inspireren. Er moet meer aandacht worden besteed aan de geestelijke ontwikkeling van de theologiestudent. De opleiding moet bijdragen aan de verdieping van het geloofsvertrouwen en het christelijk zicht op de wereld. Het zwaartepunt moet meer komen te liggen op de bestudering van de Bijbel als getuigenis van Gods geschiedenis, op geloofsverantwoording en op de christelijke praxis.”

De discussie over hoe geloof en wetenschap zich tot elkaar dienen te verhouden is al oud. Als gevolg van het debat van meer dan een eeuw geleden richtte Kuyper de Vrije Universiteit op. Tegenwoordig is er nog maar weinig verschil met openbare Rijksuniversiteiten, ook bij theologie. Zo is het vak van Vos, nieuwe testament, sterk geseculariseerd, evenals de vakken oude testament, kerkgeschiedenis, godsdienstwetenschappen, -sociologie en -psychologie. Vos: “Of docenten een voorbehoud maken of niet, ook zij moeten openstaan voor kritische toetsing van de vooronderstellingen volgens de ook aan de openbare universiteiten gangbare spelregels. Zelfs Kuyper accepteerde dat al.”

Het Nieuwe Testament wordt tegenwoordig volgens dezelfde spelregels bestudeerd als een tekst van een Griekse filosoof: historisch kritisch. Teksten worden literair kritisch geanalyseerd en in hun historische context gezet.

Vroom vindt deze methode echter te beperkt. In zijn ideale opleiding zou de Bijbel ook op andere, minder kritische manieren worden benaderd. “De theologie moet de Bijbel niet bestuderen als een verzameling literaire geschriften, maar als getuigenis. Behalve door haar kritisch te ontleden, kun je bijvoorbeeld ook onderzoeken hoe je de Bijbel naar de actualiteit kunt vertalen. De Heilige Schrift is namelijk de bron en norm van de hedendaagse kerkelijke verkondiging. Daarom moet in de opleiding theologie de bijbels-theologische inbedding in het leven centraal staan: het leven speelt zich af binnen de grote verbanden tussen schepping en eschaton, met daarin het tegendraadse bericht van de opstanding van de gekruisigde als het fundament.”

Volgens Vroom is dit soort denken wel degelijk wetenschappelijk te noemen. “Neutrale wetenschap bestaat namelijk nauwelijks. Het is de verdienste van Kuyper dat hij dit erkende.” Ook volgens Vos is de grens tussen wetenschap en religie moeilijk te trekken. Daarom mag er op de faculteit best aandacht zijn voor subjectieve zaken als de vertaling van bijbelse thema's naar de actualiteit. Maar er zijn grenzen: “Veronderstelde grote verbanden tussen schepping en eschaton mogen alleen op een bijbelschool aan het begin van de uitleg van bijbelse teksten staan. Op de universiteit mogen er geen aparte regels voor de uitleg van de Bijbel gelden. Bovendien heeft de historisch-kritische methode ons genoeg te bieden: Door de secularisatie is de wereld van de Bijbel ons steeds vreemder geworden. Daarom is een grondige, kritische verdieping van de historische context nodig.”

Vroom reageert: “Ik heb niets tegen kritisch denken. Maar dat moet dan wel gebeuren binnen het kader van de christelijke traditie. Een kritische geest is een hulp, maar zonder engagement en 'esprit de finesse' is ze een ontleedmes dat niets heel laat. Dertig jaar geleden was zulke kritiek nog modern, maar tegenwoordig valt onze open cultuur ten prooi aan een laf soort relativisme van hen die doen alsof alles even veel waard is. Het is vele malen makkelijker om kritiek te hebben, dan om zich een verantwoorde mening over het christelijk geloof te vormen.”

Vos: “Kritisch onderzoek betekent dat richting en eindpunt openstaan. Dat is een voorwaarde om iets nieuws te kunnen ontdekken. De wetenschapper moet vanuit de verschillende modellen en vooronderstellingen durven denken. Dat is inspirerend. Wanneer een kritische instelling de inspiratie kan bedreigen, mag men die inspiratie wel eens onder de loep nemen. Inspiratie die leeft bij de gratie van een verminderde kritische instelling kan alleen vermeende inspiratie zijn. Ik ervaar juist het radicaal zoeken naar waarheid als een uiting van spiritualiteit en engagement. Heinrich Heine was vlijmscherp in het ontmaskeren van het religieuze theater, maar ik ben er meer door gesticht dan door menig vroom woord. In de opleiding draait het erom dat studenten en docenten hun eigen waarheden leren vinden en verliezen. Of dat christelijke waarheden zijn, is niet belangrijk. Andere levensovertuigingen zijn even waardevol.”

Volgens Vrooms ideaal zouden alle levensbeschouwingen hun eigen universitaire opleiding tot voorganger moeten hebben. Het protestantisme is al zover, het heeft onder andere de VU. In onze pluralistische cultuur zijn volgens Vroom de vragen fundamenteler geworden: waarom juist Jezus? Een protestants christelijke opleiding is daarom van het grootste belang. Maar Vroom is tegen isolement: ook met de andere tradities wil hij een 'kritische maar welwillende dialoog' voeren. Vos: “Mijn ideale profiel gaat in tegengestelde richting: het aanbod op de VU moet zo groot mogelijk zijn, zowel in wetenschappelijke als in existentiële benaderingswijzen. In mijn ideale profiel is er dezelfde plaats voor theologie met of zonder overtuiging, voor evangelikaal en vrijzinnig, joods en moslims.”

Vroom: “De zogenaamde kritischen op de faculteit willen overal over discussiëren behalve over hun eigen geloof. Ik wil dat juist wel.” Vos fel: “Natuurlijk is iedere wetenschapper bereid om de eigen vooronderstellingen - zijn geloof - ter discussie te stellen.”

Op Vrooms ideale, door hem 'juist modern' genoemde theologie-opleiding aan de VU is niet veel plaats voor andersgelovigen. “De docenten zouden allen vanuit hun geloof les moeten geven. Wie zijn geloof helemaal verliest, trekt de consequenties en vertrekt.” Vos nog feller: “Daar schrik ik van. Dit gaat mij absoluut te ver. Het betekent beperking van ruimte voor onderzoek en lesgeven. Wetenschap moet je zo vrij mogelijk bedrijven. Ik hoop dat daarvoor binnen deze universiteit net zoveel ruimte blijft bestaan als aan openbare universiteiten.”

Al zal de discussie bij gebrek aan mogelijkheden om de faculteit programmatisch te 'moderniseren' waarschijnlijk doodbloeden, het onderwerp doet de gemoederen toch hoog oplopen. Het faculteitsblad Kabats meldde na een bijeenkomst over het onderwerp: “De faculteit is weer eens in rep en roer. Het was een middag vol onbegrip en frustratie.” In het komende nummer van Kabats wijst Vos op het belang te blijven nuanceren. Degenen die terughoudend staan tegenover een 'theologie met overtuiging' worden volgens hem bestempeld met stereotypen: ze zouden 'een hekel hebben aan gelovige types', 'gemakzuchtig zijn', 'zich verschuilen', 'allergisch zijn voor vroomheid', en 'de studenten in de steek laten'. Weliswaar wilde de commissie-Vroom “om de discussie zuiver te houden alleen spreken over de opvatting van theologie, en de eventuele consequenties voor het meerjarenplan er voorlopig buiten houden.” Maar de discussie nam al gauw een andere wending. In Kabats wordt al gespeculeerd over een 'moderne' verdeling van leerstoelen. Want hier ligt de belangrijkste mogelijkheid om het beleid op de faculteit te beïnvloeden. De stoelendans kan beginnen.

mailIcon print |