Uitzending op radio 4: 15 sept. 20 uur. In de matinee op 16 sept. introduceert Edo de Waart zijn Australische orkest, het Symfonie-orkest van Sydney met 'Eine Alpensinfonie' van R. Strauss als hoofdwerk.
De Finse componiste Karija Saariaho schreef haar tweedelig 'Graal Théâtre', duur ruim 25 minuten, voor Gidon Kremer en op diens artistieke en technische kwaliteiten. Zij verwerkte in de compositie haar ervaringen met de klankenwereld van de elektronica en gebruikte de computer voor de regulering van het artistiek proces.
Toch kwam daardoor niet iets vreselijks tegendraads tot stand voor het in de romantiek geheiligde solo-instrument en voor een traditioneel symfonie-orkest. De toevoeging daaraan van een ruime verscheidenheid van slagwerkinstrumenten kan zelfs niet spectaculair worden genoemd.
Voorgegaan door Gidon Kremer en geleid door Esa-Pekka Salonen (Finse generatiegenoot van Saariaho en óók werkzaam als componist) ontsloot het Rotterdams Philharmonisch Orkest een wereld gevuld met veel heldere, bijna voortdurend in diverse trillingen verkerende klanken. 'Delicato' noemde de componiste het eerste deel, een spaarzaam gebruikte term in partituren.
Klokjesgeluiden uit de slagwerkwinkel, glinstering in de hoge strijkers, toegevoegde kleuraccenten uit de blazers omgaven dikwijls als sneeuwvlokken de zilverglanzende libelle die de viool verbeeldde. Misschien nog beter om te spreken van weerkaatsend en bundelend licht in een labyrintisch theater van fijne spiegeltjes. De viool zocht zich met schrijnende klanken een weg, zoals een graalridder verontrust zoekt naar het hoge doel.
Het pulserend effect van de pauk zorgde daarbij voor een theatrale onderstroom, even herinneringen oproepend aan hèt concert van Beethoven, inspiratiebron waaruit die hele waaier aan romantische vioolconcerten ontstond. Dramatisch werkte ook een enorme beweging van hoog in de eerste violen komend tot diep in de bassen weggrommend.
Het tweede, iets kortere deel, maakte zijn karakteraanduiding 'impetuoso' (onstuimig, heftig) meteen waar in de felle solo-inzet, waar het orkest massaal op reageerde. Het schreeuwen van de viool en de dramatische bewegingen in het orkest (o.a. door het hele spectrum van de blazers) wekten de indruk dat het spiegeltheater tot een spookwereld werd. Ineens doemde midden in die onrust een harp op, een soort fee die de viool leidde naar rustiger oorden, een ontknoping die prachtig verstierf in het hoogste register van de solist.
Een vreemd stuk, avontuurlijk in zijn verbeelding en toch binnen het traditionele bereik van het instrumentarium geschreven; krachtig, met overtuiging voorgedragen door Kremer, met scherpe gebaren gedirigeerd en uitgeteld door Salonen zodat het orkest deze première meer dan gekund uitwerkte. Het publiek van de matinee had er een stevig waarderend applaus voor, ook voor de aanwezige componiste. Het sprookjesballet 'De vuurvogel' van Stravinsky in complete vorm zorgde voor een uitstekend tweede luik aan deze opvallende seizoensopening.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.