*

 
dossier

Archief

FNV Bondgenoten wil meer doen aan internationaal vakbondswerk

ESTHER LAMMERS − 28/01/98, 00:00

AMSTERDAM - Er moet meer geld komen voor ontwikkelingsprojecten bij de FNV. Internationale solidariteit is meer dan ooit nodig. Dat vindt voorzitter Henk Krul van de nieuwe megabond FNV Bondgenoten. “Maar dat geld moet wel gaan naar concretere, voor leden herkenbaarder projecten.”

Krul wil tijdens de oprichtingsvergadering van FNV Bondgenoten, die morgen in de voormalige Westergasfabriek in Amsterdam plaatsvindt, duidelijk maken dat de FNV zich niet alleen met de belangen van Nederlandse werknemers gaat bezighouden. De bond wil ook meer aan internationaal vakbondswerk gaan doen.

Om het belang hiervan te onderstrepen, zal Krul morgen een fors bedrag aan de FNV cadeau doen, expliciet bedoeld voor ontwikkelingswerk. “Bovendien gaan we bevorderen dat er bij nieuwe CAO's wordt afgesproken dat werknemers een half procent van de loonsom beschikbaar stellen voor ontwikkelingswerk”, zegt Krul.

Krul bracht eind vorig jaar samen met FNV-voorzitter Lodewijk de Waal een bezoek aan de vakbonden op de Filippijnen. De FNV steunt in dat land diverse vakbondsprojecten. Door dit bezoek is hij kritischer tegen de ontwikkelingshulp van de FNV gaan aankijken. Krul: “Het is mooi, al die projectjes die we hier en daar steunen. Maar het effect ervan is nauwelijks te meten. De FNV-steun zet op deze manier structureel te weinig zoden aan de dijk.”

Er moet een koerswijziging komen in de manier waarop de FNV ontwikkelingshulp geeft, vindt Krul. “Want internationale vakbondssteun op zich, is nu meer dan ooit nodig. Het is de enige manier om tegenwicht te bieden aan de trend van bedrijven om steeds goedkopere arbeidskrachten te zoeken.”

Bierkaai

Krul vervolgt: “We moeten niet meer proberen om die laag-betaalde arbeid in Nederland te houden. Dat is vechten tegen de bierkaai. Maar in ontwikkelingslanden moete we de vakbonden versterken: zij moeten voorkomen dat werknemers onderling tegen elkaar worden uitgespeeld en uiteindelijk hun arbeid alleen nog kunnen aanbieden tegen een loon waarvan ze niet kunnen leven. Wij kunnen niet zeggen dat we het niet geweten hebben, want het gebeurt onder onze ogen. Dus moeten we er iets aan doen.”

Krul somt zijn wensenlijstje op: “De FNV-steun moet selectiever, efficiënter en effectiever worden. Voor leden moet duidelijk worden dat het geld terecht komt waar het hoort en dat er zo min mogelijk aan de strijkstok blijft hangen.” Bondgenoten draagt al een half procent van de contributie-inkomsten af aan ontwikkelingshulp. Als werknemers een deel van de loonsom beschikbaar stellen, gaat die bijdrage fors omhoog. Daarom vindt Krul dat Bondgenoten in ruil daarvoor moet mogen meepraten over het gebruik van deze gelden.

Zo wil hij bijvoorbeeld dat niet elke buitenlandse vakorganisatie zomaar steun van de FNV kan krijgen. “Alleen vakbonden met dezelfde uitgangspunten als de FNV, algemene en/of christelijk-sociale, met een open democratische structuur en bonden die in potentie veel mensen kunnen organiseren, moeten we steunen. Geen vakbonden die geweld als middel aanvaardbaar vinden.”

Bovendien moeten de projecten herkenbaar voor leden zijn. “Als er in de metaal of banken-CAO geld beschikbaar wordt gesteld, zou dat geld bijvoorbeeld naar een buitenlandse bond moeten gaan die in dezelfde bedrijfstak opereert. Deze steun moet vooral zijn gericht zijn op het versterken van de infrastructuur van vakbonden. Leren onderhandelen, een organisatie runnen en kaderleden opleiden. Wij zijn een vakbond en daar moeten we onze hulp dus ook op concentreren. Ik ben ervan overtuigd dat onze leden veel meer bereid zijn een klein beetje van hun loon opzij te leggen als ze zien wat er met dat geld gebeurt.”

mailIcon print |