AMSTERDAM (ANP) - Musea voor moderne kunst moeten jaarlijks minder tentoonstellingen organiseren. De hoeveelheid exposities gaat ten koste van de reflectie, overdracht, wetenschap en zelfs de zorgvuldigheid van de presentatie zelf.
Dat zei Melle Daamen, directeur van de Mondriaan Stichting, gisteren in het Stedelijk Museum in Amsterdam tijdens de gezamenlijke nieuwjaarsreceptie van de Mondriaan Stichting, het Stedelijk Museum en de Nederlandse Museumvereniging. Daamen steunt daarmee Rudi Fuchs, directeur van het Stedelijk, die onlangs ook pleitte voor minder tentoonstellingen en meer aandacht voor de vaste collectie. Volgens Daamen dreigt een oppervlakkige zap-cultuur haar intrede te doen bij de kunstmusea, waarbij het accent te veel ligt op primeurs.
De kunstmusea moeten zijns inziens een voorbeeld nemen aan volkenkundige, technische en natuurhistorische musea. Die bereiden hun tentoonstellingen in de regel zorgvuldiger voor, met goede begeleidende teksten en educatieve programma's. Er heerst in tegenstelling tot de instellingen voor moderne kunst minder de wens om veel te maken en de eerste te zijn.
Nederlandse musea lopen ten opzichte van het buitenland ook achter bij het gebruik van nieuwe media voor bijvoorbeeld presentatie, ontsluiting en educatie. Terwijl in de kunst sprake is van een ware explosie van het gebruik van video, cd-roms en computers, blijven de moderne musea ouderwets presenteren.
Bij de discussie over het beleid van musea en de overheid met betrekking tot beeldende kunst, heeft Daamen de inbreng van staatssecretaris Nuis en de politiek gemist. “Ik zie het als plicht en noodzaak dat de overheid zich legitimeert voor haar kunst- en cultuurbeleid. Ik roep hen op dat te doen, en het niet over te laten aan het veld en een enkele fondsdirecteur”, aldus Daamen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.