AMERSFOORT - Het eiland Saba wil over tien jaar op zon en wind draaien. Over vijf jaar moet al 30 procent van de elektriciteit duurzaam worden geproduceerd.
Op het tropische Saba (dertien vierkante kilometer) schijnt de zon bijna tweemaal zoveel als in Nederland. Van oudsher wonen de 1 250 inwoners in houten huizen; witgeschilderd, groenwitte luiken en rode daken. Ook de nieuw gebouwde huizen volgen dit patroon. Om het schilderachtige karakter van het vulkanische eiland te behouden, worden de zonnepanelen niet op de daken geplaatst, maar achter of naast de woningen. Omdat in Saba's ecotoerisme ook geen snorrende windmolens passen, is het verder de uitdrukkelijke wens van het eiland dat de windmolens er aanvaardbaar uitzien. Voor de invulling van de details is vorige week een overeenkomst gesloten met het Energie-onderzoekcentrum Nederland (ECN).
Het projectteam dat zich over het ambitieuze voornemen buigt, bestaat uit Nederlandse en Antilliaanse partners. Op de Antillen wordt samenwerking gezocht met de Universiteit van de Nederlandse Antillen en de Saba Conservation Foundation, een natuurbeschermingsorganisatie. Nederland gaat in zee met de TU Delft, Novem en Profin (Project en Financiering). Profin kijkt in een latere fase hoe dit project gefinancierd kan worden.
De gevolmachtigde minister van de Nederlandse Antillen in Den Haag, Dito Mendes de Gouveia, was medeondertekenaar van de overeenkomst. Hij is enthousiast over het plan, omdat Saba een eiland is dat toch al voorop loopt als het om natuurbescherming gaat. “Op Curaçao komt binnenkort een tweede windmolenpark, op Bonaire zijn ze ermee bezig en ik heb begrepen dat Sint-Eustatius nu ook geïnteresseerd is. Het is een goede stap in de richting van CO2 -reductie.”
Een van de voorwaarden van het onlangs door orkaan Georges getroffen eiland is dat windmolens en zonnepanelen orkaanbestendig zijn. Verder mag de energieprijs voor de bevolking niet stijgen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.