AMSTERDAM - “Je eigen familie doden”, zegt psycholoog Charles Ewing, lijkt veel op zelfmoord. Je maakt letterlijk een deel van jezelf af. Ik bespeur er ook dezelfde opeenvolging van depressie en enorme hopeloosheid achter.”
Van Ewing komt dit jaar het boek Fatal families uit, de neerslag van 20 jaar omgang met mensen die iemand uit hun eigen gezin ombrachten. Ewing is hoogleraar forensische psychologie aan de universiteit van Buffalo in de staat New York. Regelmatig wordt hij gevraagd als getuige-deskundige in dergelijke moordzaken.
Geen vrolijke kost, maar Ewing heeft er een carrière op gebouwd: “Ik ben begonnen met onderzoek naar kindermishandeling en toen overgegaan op mishandeling door echtgenoten. Ik heb een boek geschreven over vrouwen die er in die omstandigheden toe komen hun man te doden.”
“Daarna bedacht ik dat er meer combinaties mogelijk zijn en zo kwam ik ertoe het doden binnen het gezin te verkennen, het hele scala: van uit de hand gelopen kindermishandeling, tot doden uit medelijden.”
Honderden moorden verwerkte Ewing in zijn boek; vele uit zijn ervaring van de laatste 10 jaar, andere uit vakliteratuur en uit de krant. Op zoek naar patronen, naar de grootste gemene deler in de schokkendste misdaden die te bedenken zijn.
De Amerikaanse cijfers zijn niet precies, maar naar schatting overlijdt minstens 1200 keer per jaar een persoon onder de 18 door mishandeling of verwaarlozing. In ruim de helft van die gevallen is een ouder de dader, meestal is het kind dan een stuk jonger dan 18.
Tegenover die 600 Amerikaanse kinderen staan in Nederland volgens het CBS bijna 11 kinderen onder de 15 die per jaar omkomen door moord of doodslag, inclusief verwaarlozing, door wie ook gepleegd. Honderd keer minder dus, in een land met 17 keer minder mensen. Gegevens over de familierelatie met de daders kan het CBS niet geven, maar schat dat het in hoogstens een derde van de gevallen om een ouder of verzorger gaat, dus om 3 of 4 kinderen per jaar.
Natuurlijk kan ook een forensisch psycholoog in moorddadig Amerika het vreselijke niet écht verklaren, hoogstens wat begrijpelijk maken. De omstandigheden zijn zo divers: conflicten, psychische problemen, vaak door een (dreigend) verlies, geestesziekte en gewoon diep medelijden, in een land waar de euthanasiepraktijk niet lijkt op die bij ons. “Het is moeilijk te generaliseren over dit soort dingen, sommige gevallen moet je gewoon uniek noemen.”
Mannen zijn vaker dader dan vrouwen: van de moorden op kinderen ook in de VS 80 procent. In sociobiologische verklaringen, die het doden van nageslacht soms een zeker nut toekennen voor de genen, zeker voor een man, die niet zeker weet dat zijn kinderen van hem zijn, gelooft Ewing niet erg. “Maar het is deels wel biologisch bepaald: er wordt wel gezegd dat het overgrote deel van geweld door mannen door één drug wordt veroorzaakt: testosteron.”
Afstraffing
“Bij kindermoord gaat het meestal om uit de hand gelopen afstraffingen: een vader of broer gaat slaan, verliest zijn zelfbeheersing. Als een vrouw de dader is blijkt vaak postnatale depressie in het spel te zijn. Maar het komt maar weinig voor dat een vrouw door die depressie zo psychotisch wordt dat ze dat doet. Moeders hebben toch die sterkere band met hun kind.”
De afgrond waarin iemand valt die bij zijn positieven komt en beseft zijn of haar kind te hebben gedood, is moeilijk te peilen. Maar zelfs zij kunnen herstellen. Ewing: “De menselijke geest is verrassend veerkrachtig. Natuurlijk kom je veel depressie tegen en verdriet en schuldgevoelens, ook of misschien juist bij mensen die iets goeds dachten te doen, omdat hun kind vreselijk pijn leed bijvoorbeeld. Maar mensen kunnen met de verschrikkelijkste dingen leven. Het vergt het uiterste, sommigen willen niet meer leven, maar anderen gaan naar de gevangenis en leven toch door. Het hangt van de persoon af. Het gemakkelijkst heeft het type van de psychopaat het: bijvoorbeeld iemand die het om het verzekeringsgeld deed. Die rationaliseert het en leeft er verder mee.”
Kinderdodingen als de recente in Nederland, waarbij meestal depressie en wanhoop een hoofdrol speelden, komen in de VS vrij zelden voor. “Minder dan tien procent van de gevallen. Ze lijken algemener, omdat dan alle kinderen worden gedood en dat is landelijk nieuws. Als het om één van de kinderen gaat, schrijven bij ons alleen de plaatselijke kranten erover.”
Soms merken die kranten een opeenvolging op van familiedrama's vlak bij elkaar en veronderstellen ze een verband. Ewing houdt het voor mogelijk, maar dan wel een zwak verband.
“Ik heb nooit een dader gesproken die zich door nieuws had laten inspireren. Ik heb wel, in computerbestanden met krantenartikelen, een paar van die 'mini-epidemieën gevonden, telkens twee of drie gevallen. Misschien is zo'n artikel soms de druppel die de emmer doet overlopen, maar mensen krijgen natuurlijk hoogstens het idee uit de krant, niet de motivatie. Die zit veel dieper.”
“Het probleem is verder dat je dit soort dingen niet kan onderzoeken. Hoe zou dat moeten? Het gaat om hele kleine aantallen en bovendien kun je het in veel gevallen de dader niet meer vragen, omdat die zelfmoord heeft gepleegd.”
“Zwijgen van fatsoenlijke kranten heeft geen zin. De sensatiepers, die onlangs foto's publiceerde van de lijkschouwing van een schoonheidskoninginnetje, is een andere zaak.”
Ewing schreef zijn boek voor rechters, aanklagers, hulpverleners. “Ik hoop dat het leidt tot meer aandacht voor de mogelijkheden om familiedrama's te voorkomen. Er is verband tussen de enorme stress in de Amerikaanse samenleving, de hopeloosheid van werklozen, gevangen in armoede waar ze niet uit komen en geweld in het gezin. En er moet aandacht komen voor het feit dat veel jonge ouders geen idee hebben hoe je een kind grootbrengt. Er zijn nu experimenten om die moeders al in het ziekenhuis te herkennen en extra aandacht te geven.”
“Vuurwapens zijn ook een factor. Sinds een paar maanden mag hier iemand die ooit is veroordeeld voor geweld tegen een gezinslid geen vuurwapen meer bezitten. Levenslang. Maar er is al sprake van intrekking van die wet, nu blijkt dat wel érg veel politiemensen hun dienstwapen en daarmee hun baan verliezen.”
De schokkende minderheid aan kinderdodingen waarin een vader of, zoals in Hoofddorp, de ouders samen hun kinderen doden, daar is veel minder aan te doen. “Dat vind ik trouwens heel ongewoon. Er zijn zelden twee daders. Dat komt doordat die er dan met elkaar over moeten praten. En als mensen over dat soort dingen praten, doen ze het meestal niet.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.