*

 
dossier

Archief

Fitter en beter, maar in halve finale Top Twaalf ook kanslozer dan ooit

FRED BUDDENBERG − 05/02/96, 00:00

CHARLEROI - Ze was fitter dan ooit (zei ze zelf), ze was beter dan ooit (zei coach Vlieg), maar in de beslissende fase van de Top Twaalf in Charleroi was Bettine Vriesekoop ook kanslozer dan ooit.

Voor het eerst in vijf jaar bereikte Vriesekoop weer eens de halve finales van het Top Twaalf-toernooi, dat zij in een ver verleden (1982 en '85) op haar naam schreef. Maar haar aanwezigheid op de afsluitende dag duurde slechts 32 minuten. In dat ultrakorte tijdsbestek zette de Hongaarse Batorfi een streep door de snode plannen van Vriesekoop: 21-13, 21-14, 21-11. Een dergelijk pak slaag kon zij zich niet heugen en zeker niet tegen een Europese speelster. In de finale moest Batorfi zelf ervaren hoe het is om linea recta van tafel te worden gemept. Tegen Ni Xialian, een 32-jarige Luxemburgse met Chinese tongval, kreeg zij minder games dan zij eerder aan Vriesekoop toestond: 21-12, 21-12 en 21-11.

Tegen Batorfi miste Vriesekoop het gevoel en de coördinatie die haar eerder in het toernooi door de moeilijke momenten hadden geholpen. Zoals altijd werd het een service-gevecht, maar er was ditmaal maar een speelster die serveerde en dat was Batorfi. “Zij serveerde gevarieerd en diep”, meende Vriesekoop, “en ik haalde totaal geen rendement uit mijn service.” Vergeefs wachtte Vriesekoop op een mindere fase van haar tegenstandster, die tegen haar gewoonte in, geen moment haar concentratie en motivatie liet vieren. “Ik heb verloren van iemand die beter speelde.” Toch keek zij niet geheel ontevreden terug op het toernooi, hoewel ze erkende dat het wel erg moeilijk gaat worden nog een grote prijs in de wacht te slepen. “Een gemiste kans, inderdaad.”

Al na een paar klappen moest Vriesekoop afstappen van het beeld dat zij van de partij tegen Batorfi in het hoofd had. Vorig jaar won zij in Luxemburg simpel van de Hongaarse, die toen kennelijk een baaldag had opgenomen. Coach Jan Vlieg voelde al nattigheid tijdens het inspelen. “Ik zag toen al dat ze niet het gevoel had”, zei de Groninger, die zijn pupil tijdens de partij niet kon bijsturen. “Het was als bij een lekgeslagen onderzeeër. Het water kwam van alle kanten binnenstromen en waar begin je dan met dweilen?” Tot zijn spijt had Vlieg bij Vriesekoop weer geen glimlach gezien, maar wel weer die verduvelde spanning. “Als zij tachtig procent van haar niveau haalt, is zij veruit de beste speelster. Maar het grote probleem is om haar voor tachtig procent te laten functioneren.”

Op zaterdagochtend trok Vriesekoop de lijn door die zij op de openingsdag tegen Timina en Svensson had uitgezet. Ook de derde winstpartij, tegen de Hongaarse Toth, vergde te veel tijd en energie (21-19 in de vijfde game). Met drie uit drie was Vriesekoop nog niet zeker van een plaats in de halve finales. Om zover te komen moest zij een van de twee afsluitende poule-wedstrijden winnen: of van Jie Schöpp of van Ni Xialian, twee 'Europeanen' met Chinees bloed in de aderen. Met gemengde gevoelens begon Vriesekoop aan de klus tegen Schöpp, die zij op de Top Twaalf-toernooien in Arezzo en Dijon had verslagen. Maar die partijen hadden fysiek en mentaal zoveel van haar gevraagd, dat zij daarna volledig uitgeput was.

Ook ditmaal werd het een slijtage-slag waarin Vriesekoop fitter oogde dan in Arezzo en Dijon. De wedstrijd kreeg een beslissende wending na een incident in de vijfde game. Bij de stand 3-2 voor Schöpp gaven de scheidsrechters een punt aan de Duitse, hoewel Vriesekoop zeker wist dat het oranje balletje de blauwe tafel niet eens had geschampt. De Duitse bondscoach Schimmelpfennig hield voet bij stuk dat het punt voor zijn pupil was, maar Schöpp stemde er uiteindelijk mee in dat het 3-3 werd in plaats van 4-2. Een sportief gebaar met verstrekkende gevolgen. Vriesekoop liep direct een paar punten weg van Schöpp, hoewel het verschil aan het einde minimaal was: 21-19.

Vriesekoop vond het stijlloos dat Schimmelpfennig zich zo partijdig had opgesteld. “Onsportief, een ander woord heb ik er niet voor”, zei Vriesekoop, die wel meende te weten waarom de Duitse coach zich zo had gedragen. “Hij wilde me terugpakken na een incident in een partij tegen Nemes in Stuttgart.” Dat kon kloppen. Tijdens het duel Nederland-Duitsland op de Europese kampioenschappen van 1992 claimde Vriesekoop een punt, dat in de ogen van Schimmelpfennig aan Nemes toebehoorde. Het was destijds Vlieg die na emotionele discussies als vredesrechter optrad en het punt aan Nemes gaf, die uiteindelijk ook de partij naar zich toetrok. Als dank van Duitse zijde werd Vlieg in Stuttgart uitgeroepen tot de beste coach.

Na de overwinning op Schöpp verkeerde Vriesekoop in de luxe situatie dat de laatste partij tegen Ni Xialian alleen van belang was voor de verdeling van de eerste en tweede plaats in de poule. Het had ook geen zin met een schuin oog naar de andere poule te kijken, omdat daarin de eindstand nog niet bekend was. En dus vond Vriesekoop een compromis voor de partij. “Ik probeerde met zo min mogelijk energie zo goed mogelijk te spelen”. Die halfslachtige instelling was tegen Ni Xialian niet voldoende voor een goed resultaat. De Luxemburgse met Chinese tongval verbruikte nog veel minder energie, maar speelde wel een paar klassen beter: 21-9, 10-21, 21-16 en 21-12.

“Ik hoop op Batorfi in de halve finales en op Ni Xialian in de finale”, zei Vriesekoop na die partij. Deel een van de wens kwam uit, maar die duurde slechts 32 minuten. In nog minder tijd liet Ni Xialian het grootste succes voor Luxemburg in het internationale tafeltennis aantekenen. Na de overwinning in de halve finales op de Duitse nummer een van Europa, Struse, speelde zij in de eindstrijd van haar eerste Top Twaalf een spelletje kat en muis met Batorfi, die eerder op de dag al een rol in dat spel had gespeeld. Alleen was zij tegen Vriesekoop de spinnende kat en tegen Ni Xialian de piepende muis.

mailIcon print |