*

 
dossier

Archief

8 550 belijdende leden en 9 779 doopleden, samen 18 329

Door: redactie − 30/01/97, 00:00

In 1995 telde de lutherse kerk in Nederland volgens de eigen tellingen 8 550 belijdende leden en 9 779 doopleden, samen 18 329 evangelische lutheranen.

Dat waren er schrikbarend veel minder dan in 1994: 413 belijdende leden en 487 doopleden minder, om precies te zijn. In één jaar tijd verloor de Evangelisch-lutherse kerk dus vijf procent van haar leden. Een zeer sterke vergrijzing en de onvermijdelijk daarmee samengaande hoge sterfte vormen de hoofdoorzaak voor dat snelle slinken. De Evangelisch-lutherse kerk is vanouds een kerk voor stedelingen, met sterke concentraties in Amsterdam (3 719 leden), Haarlem, Den Haag, Rotterdam, Utrecht, Arnhem, Leiden en Zwolle. In Brabant, Limburg, Friesland en Groningen speelt ze geen rol. “We zijn een béétje een kerk voor notabelen, maar niet zo sterk als bijvoorbeeld de remonstranten”, zegt de Amsterdamse voorganger H. Donga. “Hier in Amsterdam-Noord hebben we ook wel een paar werkloze scheepsbouwarbeiders in de gemeente.” De ELK telt maar 37 predikanten, 15 geestelijke verzorgers en 29 emeritus-predikanten.

mailIcon print |