*

 
dossier

Archief

Luchtig leesvoer

TIGRELLE UIJTTEWAAL − 12/01/98, 00:00

De meeste artikelen in de kerkbladen toveren geen glimlach op het gezicht maar zorgen voor gefronste wenkbrauwen. Deze bladen hebben uiteraard ook niet de ambitie om ons te vermaken. Maar naast beschouwingen over onze samenleving in mineur, bijbelstudies, theologische overpeinzingen en zware achtergrondartikelen is er soms een lichte goddelijke noot te bespeuren.

Neem het stuk in Hervormd Weekblad waarin Michel Montignac van de beroemde bestseller Ik ben slank, want ik eet vergeleken wordt met Jezus. Beiden zijn timmermanszonen, verkondigen een goedverkochte en veelvertaalde boodschap, hebben volgelingen en spreken over brood, tafel en spijs. “Vandaag klinkt de boodschap van Michel Montignac, 't verhaal van vetten en koolhydraten, 't evangelie van het eten. En voor mensen met goede voornemens om in 1998 aan het montignaccen te gaan, is er een onsje meer: het evangelie van brood voor het hart (. . .) Zijn boodschap is in alle talen en talloze exemplaren open gegaan. 'Here, zegen deze spijze van de Zoon van de timmerman.' ”

Of het verhaal over de cursus lekenpreken in het Algemeen Doopsgezind Weekblad. In deze cursus leren leken de verschillende onderdelen van de dienst - lezing, gebed, preek, liederen, muziek - in goede banen te leiden. Ook steken de cursisten iets op over het belang van uiterlijk vertoon want voordracht en expressie bepalen voor een groot deel of de woorden hun gehoor bereiken.

Deze communicatietraining heeft de moderne leek die preekt, veel te bieden. Als ze maar niet gaan preken zoals de juffrouw spreekt: “Je leert toch dingen waar je zelf misschien niet zo snel bij stilstaat. Zo heb je als je een preek houdt zelf al tijden over een verhaal nagedacht en heb je dus een voorsprong. Kan de gemeente je dan nog wel bijbenen? Ben je te verstaan? Passen de liederen wel bij je preek? Allemaal dingen waar een ander je in kan coachen.”

Hoewel dit dan nog minder erg is dan de taal die studenten theologie te horen kregen van dr. C. A. van der Sluis in zijn lezing over 'Het kenmerkende van de gereformeerde prediking': “In dit postmoderne tijdperk kan aldus het transcendente of alle verstandelijkheid radicaal ontstijgende en overstijgende Woord van God ten volle zijn beslag krijgen in de incarnatie of vleeswording van dit Woord en in de inculturatie van het Evangelie.” De Waarheidsvriend. God beware ons dat die theologiestudenten ooit in zulke bewoordingen zullen preken.

De Reformatie vertelt over de martelaren van Gorinchem. Negentien rooms-katholieke geestelijken weigerden hun geloof op te geven toen ze gevangen waren genomen door de geuzen in 1572. Ze doorstonden veel beproevingen en werden uiteindelijk ter dood veroordeeld. In 1675 werden de martelaren zalig verklaard en in 1867 volgde de heiligverklaring. Van het bedevaartsoord dat in 1873 is opgericht, rest nu alleen de kerk. Bedevaartgangers komen er nauwelijks meer.

In het Katholiek Nieuwsblad vertellen de zusters van het Sint-Antonius Abt over hun leven. “De zusters zoeken niet alleen in het getijdengebed of de bestudering van de bijbel de eenheid met Christus, zij houden hun maaltijd op hun kamer - 'cel' zoals zij het zelf noemen - en bidden 's avonds afzonderlijk nog in hun eigen cel.” Naast bidden en studeren voorzien de zusters ook nog in hun eigen onderhoud door pottenbakken, houtsnijwerken, broodbakken en het maken van kaarsen, kleding, schoenen, iconen en kerstkaarten.

'Op vele wijzen bidden' in het Katholiek Nieuwsblad lijkt in het begin aanlokkelijk luchtig: “In een boekwinkel zocht ik naar literatuur over gebed of medidatie. Het schap waar ik terecht kwam was vooral gevuld met bundels van Toon Hermans.” Maar helaas, alleen de poort van dit stuk over godsbeleving is versierd, de rest is sobere, ernstige godvruchtigheid.

Het is jammer dat zelfs het luchtige leesvoer als columns en artikelen over leuke onderwerpen vaak op een serieuze manier en met bittere ernst wordt gebracht. Wellicht zouden de bladen wat meer moeten denken aan de 'Tip van de dominee' in het Algemeen Doopsgezind Weekblad: “Vergeet vooral de humor niet in een serieus verhaal.”

mailIcon print |