*

 
dossier

Archief

Kosten omlaag door Jif op een plek maken

HARRIET SALM − 11/02/97, 00:00

Unilever, de ijsjes- en waspoedergigant, blijft maar hervormen en hervormen. Een jaar geleden kwam dat nog niet tot uitdrukking in omzet- of winstgroei over 1995. De Brits-Nederlandse multinational maakt vandaag bekend hoe het in 1996 gevaren is. Vooral de hogere dollar heeft hoop gewekt dat de cijfers dit keer beter zullen uitvallen. Maar de problemen, vooral in Europa, blijven groot.

Reorganisatie volgt al jaren op reorganisatie bij de fabrikant van uitsluitend A-merken. Unilever produceert talloze sterke en bekende namen op het gebied van schoonmaak en voeding, zoals Magnum ijsjes, Unox rookworst, Blue Band margarine, wasmiddel Omo, Robijn wasverzachter, Iglo vissticks. Vandaag bij de presentatie van de cijfers over 1996 zal blijken in hoeverre de miljarden guldens die over de jaren in al die veranderingen zijn gaan zitten, ook tot betere resultaten hebben geleid.

Een jaar geleden nog moest het concern teleurstellende resultaten bekendmaken. De omzet daalde van 82,6 miljard gulden in 1994 tot 79,7 miljard in 1995. De winst nam af met 600 miljoen gulden tot 3,7 miljard.

Een deel van het probleem voor Unilever - actief in totaal 90 landen, wereldwijd ruim 300 000 werknemers - ligt in de verankering in Europa. Ongeveer de helft van de omzet van het bedrijf komt uit dit werelddeel. Veel groei in verkoop van voedings- en schoonmaakmiddelen van het concern is daar niet meer te halen. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Aziatische en Zuid-Amerikaanse markt, waar het aantal mensen met geld nog altijd hard stijgt. In zulke landen groeit de verkoop van Unilever-producten mee. Maar in Europa is daar geen sprake van. Het is een grotendeels verzadigde markt.

Om sterke merken ook sterk te houden, is wél geld nodig. Dat gaat niet alleen naar reclame-uitgaven, waar overigens enorme bedragen in verdwijnen, maar ook naar vernieuwing van de producten. Komt dat geld niet langer uit groei van de verkoop van producten, dan moet dat geld komen uit lagere productiekosten. Efficiënter produceren, heet dat, de kosten moeten omlaag. Al jaren is Unilever daarom in Europa aan een structurele reorganisatie bezig: “en daarmee zijn we nog niet klaar, nee, dat proces gaat nog steeds door”, zei gisteren de woordvoerder.

Het Jif-voorbeeld geeft een van de 'trajecten' aan, die Unilever in Europa volgt op de weg naar efficiëntie. Niet langer moet elk Europees land eigen fabrieken hebben waar de hele range van schoonmaakproducten van Unilever worden gemaakt. Nee, kijk waar welk product goedkoop gemaakt kan worden, en exporteer dit product binnen Europa. Jif dus in Vlaardingen, andere producten die vroeger in Vlaardingen gemaakt werden, elders in Europa.

Niall FitzGerald, de man die sinds 1 september met Morris Tabaksblat, de hoogste positie bekleedt bij Unilever, stippelde het tweede traject dat tot grotere efficiëntie moet leiden, vorige zomer uit. Unilever moet het onkruid in zijn achtertuin wieden, zei hij. Twintig procent van alle Unilever-producten lijkt niet genoeg winst te maken. Die producten dienen onder de loep te worden genomen en zo nodig verkocht, of juist hernieuwd. In dit kader werden vorig jaar in Nederland Calvé borrelnootjes en vleeswarenfabriek Zwan verkocht.

Maar de drang tot verandering in Nederland gaat verder dan slechts de verkoop van slecht renderende producten. Vijftig procent van de producten van Unilever Nederland zorgt voor 100 procent van de winst, meldde het concern na de zomer. Dat was reden voor de samenvoeging van de twee Unilever-dochters UVG (Unox en Royco) en Van den Bergh (Becel, Croma, Bona). De fusie maakt het gemakkelijker efficiënter te werken, denkt het concern.

Welke merken hierdoor zullen verdwijnen, is nog niet duidelijk. Of bijvoorbeeld het matig groeiende Royco zal overleven - het merk voor droge soepen - moet nog maar blijken. En de diepvriesdochter van Unilever, Iglo/Ola, maakte bekend de merken Caraco en Davino eruit te gooien. Hertog IJs uit Melissant onderging een ander lot. Dit merk verkoopt juist wél goed. De fabriek werd eerst gekocht door Unilever. Vervolgens werd de productie van het merkijs overgenomen door Iglo/Ola uit Utrecht. De fabriek in Melissant is daarop verkocht aan de Brinkers Groep, die er nu bavarois en andere desserts gaat maken.

Ook in andere Europese landen worden dergelijke maatregelen genomen. Maar het gaat analisten allemaal lang niet snel genoeg. Unilever ondervindt in Europa hinder van strenge sociale wetgeving, die het sluiten en verhuizen van fabrieken maar bemoeilijken, stellen zij. Overigens waarderen beleggers de maatregelen die vorig jaar genomen zijn om de herstructurering van het miljardenconcern te versnellen. De koers van Unilever steeg vorig jaar telkens wanneer er weer een aankondiging tot reorganisatie kwam. Begin augustus kostte een aandeel Unilever rond de 235 gulden, terwijl dit nu boven de 310 schommelt.

Of het concern vandaag wederom belangstelling zal wekken en een koerswinst kan noteren, hangt van de cijfers en “het verhaal eromheen” af, denkt analist Peter Beijers van Kempen & Co. Wel is al zeker dat voor het eerst in jaren de koers van de Amerikaanse dollar en het Britse pond in het voordeel van het bedrijf werken, aangezien het bedrijf afrekent in guldens. Een winststijging over 1996 ligt in de verwachting. “Verder is de snelheid waarmee de aangekondigde reorganisaties worden doorgevoerd, van belang.” Kan de top hard maken dat de vaart er goed in zit, dan zullen beleggers dat zeker positief waarderen, denkt hij.

mailIcon print |