*

 
dossier

Archief

cabaret

FRANK VERHALLEN − 04/01/97, 00:00

Van di 7 t/m za 11/1 in De Kleine Komedie, Amsterdam. Tournee t/m mei

“Er was eens...”, zo begint Jaap Mulder 'De opmars van de wilde artisjok', zijn zesde theatervoorstelling die ik vorige week zag in het theater De Purmeryn in Purmerend. Meteen heeft hij je in zijn greep. Mulder is dan ook een rasverteller.

Net als zijn voorbeeld Freek de Jonge voorziet hij zijn verhalen en anekdotes van intrigerende symboliek en scherp, intelligent engagement. En hij lardeert ze humoristisch met actuele terzijdes en gewiekste omkeringen. “De dodo is al honderd jaar uitgestorven... Maar... mist u hem?”

In eerdere programma's was het procédé dat hij volgde soms zo geraffineerd doortrapt, dat zijn publiek het zicht op het geheel verloor. Mulder heeft ervan geleerd en zijn meest recente programma, uit 1994, was veel toegankelijker. Deze keer dreigt de weegschaal zelfs wat door te slaan en nu lijkt het of hij onnodig veel concessies meent te moeten doen aan het bevattingsvermogen van zijn publiek. Dat is jammer, want het gaat ten koste van de kwaliteit van de voorstelling.

Overbodig Zo wisselt Mulder zijn boeiende vertellingen en conferences en zijn knappe typeringen af met enkele liedjes die allerminst bijzonder zijn en ook wat overbodig klinken. Want hoe verdienstelijk hij ook zingt en piano speelt, die nummers zijn nauwelijks van betekenis voor het thema dat de titel verraadt en dat zich gaandeweg de voorstelling steeds duidelijker aftekent.

Aan het slot ventileert Mulder die opvatting letterlijk wanneer hij stelt, dat we met zijn allen achter maatschappelijke trends aanlopen en klaarblijkelijk niet bij machte zijn een halt toe te roepen aan de waanzin en onnozelheid die zich van ons meester maakt. “Ik wil niet zeggen dat het vroeger beter was, maar toch...”

Mulder behoort tot de kleine groep cabaretiers die nog een boodschap heeft.

mailIcon print |