DEN HAAG - Premier Kok heeft de jongere teruggebracht bij de PvdA. Verloren de sociaal-democraten sinds de jaren '80 steeds meer aanhang onder nieuwe kiezers, gisteren stemde 23 procent van de kiezers jonger dan 24 jaar op de partij van de premier.
Vier jaar geleden, toen de PvdA een historisch verlies van twaalf zetels leed, verkeerde ook de aanhang onder jongeren op een dieptepunt. In '94 stemde slechts 13 procent van de jongste kiezers op de PvdA. De tien procent winst in deze leeftijdscategorie is zelfs groter dan de gemiddelde winst van de sociaal-democraten, zo blijkt uit een onderzoek van het bureau Inter/View, dat werd uitgevoerd in opdracht van het ANP en de NOS.
Voor de VVD is dat beeld veel evenwichtiger. Lijsttrekker Bolkestein wist in '94 al een meer dan proportioneel deel van de jonge kiezers aan zich te binden. Ook in '98 is de VVD de grootste partij onder de jongeren, met een aandeel van 26 procent. Opvallend is dat een partij als GroenLinks daarbij ver achterblijft. De partij van lijsttrekker Rosenmöller kreeg vijftien procent van de stemmen van kiezers tot 24 jaar. Zelfs het CDA haalt onder jongeren een groter aandeel dan GroenLinks, hoewel de partij van De Hoop Scheffer met spijt zal terugdenken aan de ook in andere opzichten bijzondere jaren tachtig, toen lijsttrekker Lubbers 33 procent van de jongeren aan zich wist te binden.
De PvdA is, blijkens het onderzoek van Inter/View, de partij die haar stemmen het meest evenwichtig trekt uit de verschillende inkomensgroepen. 41 procent van de PvdA-kiezers heeft een laag inkomen, 33 procent een gemiddeld inkomen en 43 procent verdient een meer dan gemiddeld inkomen. De VVD voldoet wat dat betreft beter aan de vooroordelen: maar liefst 74 procent van de liberale kiezers verdient meer dan gemiddeld. De Socialistische Partij is het verwachte tegendeel. De partij van Jan Marijnissen haalt haar stemmen voornamelijk weg bij mensen met een laag inkomen (38 procent, het grootste aandeel onder laagbetaalden).
Uit de eerste resultaten van het Nationaal Kiezersonderzoek, dat de verzamelde Nederlandse politicologen bij elke verkiezing uitvoeren, blijkt wellicht de belangrijkste oorzaak van het succes van de paarse coalitie van gisteren. Volgens de eerste onderzoeksresultaten is het belangrijkste verschil met vier jaar geleden de waardering voor het beleid dat het kabinet voerde. Het kabinet-Lubbers/Kok was van niemand, het eerste kabinet-Kok kennelijk van iedereen. Ook de mensen met sympathieen voor het CDA en GroenLinks hebben blijkens het onderzoek waardering voor het beleid.
Dat D66 als enige van de paarse partijen klappen te verwerken kreeg, valt aan de hand van het Nationaal Kiezersonderzoek ook beter te verklaren. Lijsttrekker Borst heeft zich in het jaar dat bekend is dat ze de lijst van de democraten zou aanvoeren, niet geliefd weten te maken bij de partijaanhang. Volgens de politicologen is ze beduidend minder populair dan haar voorganger Van Mierlo. Ook haar gedoodverfde opvolger, fractievoorzitter Thom de Graaf, gaat haar voor in populariteit. Borst moet zelfs met PvdA-leider Kok en zijn GroenLinks-collega Rosenmöller wedijveren om de gunst van de D66-stemmer. Die bevindingen worden bevestigd door het Inter/View-onderzoek. Maar liefst 3,7 procent van de grofweg zes procent die de PvdA gisteren won ten opzichte van '94, komt van D66. Van de bijna vijf procent winst van Rosenmöller komt 1,4 procent van de democraten.
Het CDA mag door de kille cijfers tot de conclusie komen dat de campagne volledig mislukt is, uit het Nationaal Kiezersonderzoek blijkt dat het het partijbestuur wel is gelukt de partij een socialer gezicht te geven. De christen-democraten worden in ieder geval linkser gesitueerd dan vier jaar geleden. Met name op het punt van het verkleinen van de inkomensverschillen is het CDA in de ogen van de kiezer opgeschoven.
Dat Kok niet kapot kan moge verder blijken uit het feit dat 62 procent van alle kiezers hem als premier wil zien terugkeren. Aan welke partij de kiezer de voorkeur geeft maakt daarbij verder niet veel uit. Alleen bij de VVD-aanhang is Bolkestein als premier net iets populairder (Kok 44 procent, Bolkestein 49 procent).
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.