*

 
dossier

Archief

West-Overijssel beschermd tegen 'vergeten gevaar'

Door: redactie − 16/01/98, 00:00

Van onze correspondent RAMSPOL - Nederland kan binnen afzienbare tijd weer een nieuw waterbouwkundig hoogstandje toevoegen aan de toch al indrukwekkende lijst van bouwwerken die water van zee en rivieren tegenhouden.

Bij Ramspol, op de grens van de provincies Overijssel en Flevoland, komt een zogeheten balgstuw als stormvloedkering in het water te liggen. Een opblaasdam, noemde minister Jorritsma van verkeer en waterstaat de kering gisteren bij de officiële aanvang van de bouw. Niet alle techneuten van het waterschap Groot Salland en aannemer HBW waren even gecharmeerd van deze term, maar het maakt het principe wel duidelijk.

De drie reusachtige rubberen balgen die samen de balgstuw (geraamde bouwkosten ruim 100 miljoen gulden) vormen, worden in geval van overstromingsgevaar bij storm gevuld met lucht en water en kunnen zo water uit het IJsselmeer tot een hoogte van drie meter boven Nieuw Amsterdams Peil tegenhouden. Die situatie zal zich naar verwachting elf keer in de tien jaar voordoen. De balgen zijn in een uur opgepompt en hebben drie uur nodig om weer leeg te lopen. In rust ligt de balgstuw op de bodem van het Ramsdiep en de Ramsgeul en kan het scheepvaartverkeer ongehinderd doorvaren.

De bouw belooft een spectaculaire klus te worden. Het kunststof doek voor de drie balgen van elk 60 meter lang komt in zijn geheel vanuit Japan naar Nederland. Bij Ramspol wordt het doek op een speciaal geprepareerd terrein uitgevouwen, door drijvende bokken opgepakt, naar de betonnen drempel gevaren en daarop gemonteerd.

De techniek van een balgstuw is op zichzelf niet nieuw. In onder meer Japan en de Verenigde Staten zijn vergelijkbare systemen in gebruik. Een balgstuw als stormvloedkering is wel een wereldprimeur, net zoals het vullen van de balgen met lucht en water.

De kering bij Ramspol is onderdeel van het Deltaplan grote rivieren, dat is opgesteld na de hoge waterstanden in 1993 en 1995. Voor de IJsseldelta komt het gevaar van het IJsselmeer en de rivier de IJssel. Het IJsselmeer is een 'vergeten en onderschatte' gevarenbron. Sinds de afsluiting van de vroegere Zuiderzee in 1932 zijn eb en vloed verdwenen, maar daarmee is het IJsselmeer bepaald geen kalm binnenmeertje geworden. Door de aanleg van de Noordoostpolder, de Flevolanden en de dijk Enkhuizen-Lelystad heeft het meer enigszins de vorm van een trechter gekregen. Bij zware noordwester storm stuwt het water richting Ketelmeer, beneden-IJssel en Zwartemeer en Zwartewater. In drie uur tijd kan het water dan meer dan drie meter stijgen, wat tot in de wijde omgeving van Zwolle en Kampen merkbare gevolgen heeft.

In opgeblazen toestand zorgt de balgstuw in Zwolle en Kampen voor een hogere waterstand als de wind van zuidwest naar noordwest draait. Om die reden is vanuit beide IJssel-steden geprotesteerd tegen de bouw van de stormvloedkering en de vraag opgeworpen of het wel nodig is om zo'n kostbare voorziening te treffen. Het waterschap wil in Kampen de huizen aan de kade langs de IJssel en restanten van de vroegere stadsmuur als waterkering gaan gebruiken. Dat - bij bewoners zeer omstreden - plan moet gelijktijdig klaar zijn met de balgstuw, medio volgend jaar. Lukt dat niet, dan loopt Kampen het risico om bij noordwesterstorm onder water te komen staan.

West-Overijssel moet, net zoals andere deltagebieden, voor de toekomst rekening houden met zwaardere en misschien ook woestere stormen, zei minister Jorritsma gisteren. Dat is een gevolg van de verandering in het klimaat en de voortschrijdende bodemdaling. De overheid probeert daar beleidsmatig op in te spelen met een 'duurzamere aanpak van hoogwater.' In de Vierde nota waterhuishouding is de notie van 'nog maar eens een dijkverhoging' ingeruild voor meer natuurlijke processen. “De rivier moet de ruimte weer krijgen, zodat het water langer wordt vastgehouden”, aldus Jorritsma.

Na lang wikken en wegen - in totaal zijn 34 varianten onderzocht - is de keuze op een balgstuw gevallen. De kering biedt West-Overijssel een goede bescherming tegen hoogwater en verstoort het landschap aanzienlijk minder dan het traditionele verhogen en versterken van de dijken. Toch ontkomt het waterschap Groot Salland er niet aan ook de dijken en andere waterkeringen achter Ramspol aan te pakken, zij het niet de oorspronkelijke 115 kilometer, maar 50 kilometer. Dat kost nog eens zo'n 50 miljoen gulden.

Het waterschap is er niet in geslaagd om grondeigenaren achter de kering te laten meewerken aan het overstromen van hun land. Door de balgstuw neemt de frequentie van overstromingen af. Voor flora en fauna in buitendijks gelegen gebieden zou het gewenst zijn om de frequentie op het oude peil te houden, maar daar voelen de grondeigenaren niets voor. Het waterschap heeft besloten om 600 000 gulden als compensatie uit te trekken voor natuurontwikkeling.

mailIcon print |