Een van de ontroerendste titels die ik ken, is 'Van een liefde die vriendschap moest blijven'. Het boekje van H. C. ten Berge betreft de liefde tussen Slauerhoff en de domineesdochter Heleen Hille Ris Lambers.
Tot tweemaal toe leken ze voor elkaar bestemd, maar iets stond het grote samen-zijn in de weg. Vooral Slauerhoffs uiterst grillige karakter moet daarbij een rol gespeeld hebben. En dus trokken ze nooit naar Vlieland, noch begonnen ze (Heleen was verpleester) een artsenpraktijk in een ver land, zoals Slau voorstelde. Het bleef bij een jeugdliefde en enkele perioden waarin de twee wat meer contact hadden zoals in 1931 in het Italiaanse Merano waar Heleen destijds werkte en Slau (hij had tbc) kuurde. En verder? Restte vriendschap en verlangen.
Ik kwam erop toen ik onlangs Geert Maks kleine geschiedenis van Jorwerd las. Het eerste waar ik naar zocht was de naam Hille Ris Lambers. Want Heleen groeide er op in de Hervormde pastorie. Maar nee. Het enige wat de oudere Jorwerters zich nog van de domineesfamilie herinneren was dat de (vrijzinnige) vader van Heleen tijdens de Eerste Wereldoorlog kans had gezien gas uit de vaart achter de pastorie te vangen ('en op dat strontgas kookten ze ook nog'). Verder waren de 'kerkvorst' en de 'dichtersvorst' zoals Slau en de dominee elkaar noemden in het dorp vrijwel even zo snel vergeten als God eruit verdween. 'Schrijven is eigenlijk niets' schreef Slau aan Heleen in de zomer van '31 toen hij ernaar verlangde haar snel weer te kunnen zien. Moeilijk toegeven, maar ik denk dat hij gelijk had.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.