De zendingsijver van de drie monotheïstische godsdiensten verschilt sterk. Zijn de joden ronduit afwerend, de islam en de oosterse orthodoxie zijn ondanks de opdracht in koran of bijbel ook vrij terughoudend. Deel 2 in een serie van 3.
Vergeleken met de afhoudende joden zijn de moslims en de christenen fanatieke zendelingen. Zowel de islamitische koran als het christelijke evangelie kent dan ook een zendingsopdracht.
In de islam wordt die de oproep of de uitnodiging tot de islam (dawa) genoemd. P.S. van Koningsveld, hoogleraar islamologie aan de universiteit van Leiden, zegt dat de islamitische zending in de praktijk vrij terughoudend is. ,,In Nederland opent men centra om andersdenkenden informatie te verschaffen en welkom te heten. Daar kun je ook toetreden tot de islam. Dat gebeurt niet veel. In totaal zijn ongeveer vijfduizend Nederlandse vrouwen toegetreden tot de islam, de meesten in het kader van hun relatie met een moslim-man. Daarnaast bekeren jaarlijks zo'n honderd tot honderdvijftig Nederlandse mannen zich tot de islam, veelal uit overtuiging. Doordat die mannen betrekkelijk vaak hoog opgeleid zijn en zij de Nederlandse taal goed beheersen, treden ze vaak naar voren als woordvoerder. Een voorbeeld is Abdulwahid van Bommel.''
Naast de externe zending houdt de islam in Nederland zich ook bezig met 'inwendige zending à la de EO', vertelt Van Koningsveld. ,,Dat is een vorm van verkondiging die is gericht op de re-islamisering van de eigen geloofsgroep. Dan moet je denken aan mensen die in de openbare ruimte - koffiehuizen, stationsrestauraties - geloofsgenoten herinneren aan hun godsdienstige plichten. Met deze 'zending' wil men verdwaalde schapen binnen de islam zelf op het rechte pad brengen.''
Hoe kan de verbreiding van de islam worden verklaard vanuit een zo bescheiden opgevatte zendingsopdracht?
Van Koningsveld: ,,De uitbreiding van de macht van het islamitische rijk was aanvankelijk vooral een politiek-militaire onderneming die niet parallel liep aan de islamisering van de veroverde gebieden. De veroveraars bekommerden zich niet zo om zending. En de islamitische overheersers in die gebieden hadden helemaal geen belang bij de bekering van de ongelovige bewoners. Van christenen en joden konden ze namelijk meer belasting vragen dan van moslims. Zodoende hebben landen als Palestina, Syrië, Egypte, Irak en Libanon nog lange tijd hun eigen godsdienst behouden. Die gebieden kennen trouwens nog steeds betrekkelijk grote christelijke gemeenschappen zodat de islamisering daar in zekere zin nog steeds niet is voltooid. De islamisering van het islamitische rijk is veel geleidelijker verlopen dan de politieke vestiging van dat rijk. Bekering tot de islam vond niet plaats onder dreiging van geweld, maar wel in het vooruitzicht van de economische privileges die moslims genoten.''
Van Koningsveld vertelt dat in de negentiende eeuw een open competitie ontstond tussen moslims en christenen met als inzet de bekering van Indonesië. ,,Omdat de koloniale overheden die concurrentie zoveel mogelijk wilden inperken, was de afspraak dat ze niet elkaar zouden gaan bekeren. De zending moest beperkt blijven tot gebieden waar het monotheïsme nog geen voet aan de grond had gekregen.''
Eenzelfde soort competitie tussen islam en christendom bestaat nu nog steeds in Afrika. Volgens Van Koningsveld heeft de islam daarbij het voordeel dat ze laagdrempeliger is en dichter bij de leefwereld van de Afrikaanse bevolking staat dan het christendom. Van niet te overschatten belang is bovendien dat de islam wordt gezien als de godsdienst van de Derde Wereld, terwijl het christendom veel meer wordt geassocieerd met het kolonialisme van het Westen. Anderzijds heeft het christendom weer het voordeel dat het goed onderwijs en goede medische zorg in de aanbieding heeft. Van Koningsveld zegt dat beide godsdiensten verschillen in de stijl van hun verkondiging: de islam stelt zich afwachtender op en het christendom actiever.
Toch zijn er ook verschillen in bekeringsstijl tussen de twee in 1054 gescheiden hoofdtakken van het christendom. Het orthodoxe of Byzantijnse christendom dat vooral in Oost-Europa en Rusland wordt aangehangen, kent een veel minder actieve verkondiging van de blijde boodschap dan zijn westerse tegenhanger.
Maxim Heeringa van het orthodox-christelijk informatiecentrum in Zwolle en de Russisch-orthodoxe priester Alexis Voogd uit Amsterdam illustreren de passiviteit van de orthodox-christelijke 'missie' met de manier waarop het christendom in Rusland is verbreid. Die kerstening begon met priesters die zich door God verlicht wisten en de eenzaamheid introkken waar zij zich overgaven aan intensief gebed en vasten. Mensen kwamen met hun problemen naar hen toe en merkten dat zij te maken hadden met een heilig man. Sommige bezoekers kwamen zozeer onder de indruk dat ze bleven. Zo kwamen kloosters tot stand. Enkele kloosterlingen trokken dan weer verder de wildernis in waar zich een soortgelijk proces voltrok. Zo werd Rusland geleidelijk gekerstend, niet door een actieve verkondiging van het geloof, maar door het 'er zijn', door het zichzelf tonen als een door God verlicht mens. Alexis Voogd tekent hierbij aan dat de christelijke bekering van Siberië en Alaska (toentertijd Russisch) veel actiever verkondigend in haar werk is gegaan.
Dat weet ook islamoloog Jan Slomp: ,,Vanaf de heerschappij van Iwan de Verschrikkelijke heeft een geweldige expansie van het orthodoxe christendom naar het oosten plaatsgevonden. Daarbij werd ook geweld gebruikt. Toen de orthodoxe missie stuitte op de islam verloor ze aan kracht. Onder Catharina de Grote gingen de Russen beseffen dat de orthodoxe missie contraproduktief uitwerkte. Het ging Rusland uiteindelijk niet zozeer om bekering als wel om gebiedsuitbreiding. Als ze de gebieden van de moslims maar te pakken kregen dan mochten die hun geloof wel houden.''
Maxim Heeringa zegt dat de orthodoxe 'zending' nog steeds op een vrij passieve, 'ontvangende' wijze verloopt. ,,Orthodoxe immigranten uit Oost-Europa stichten hier een kerkje dat traditioneel voor iedereen openstaat. Vreemdelingen worden met dezelfde vreugde ontvangen als de eigen parochianen. Je kunt hun de christelijke boodschap vertellen, maar uiteindelijk moeten zij die zelf aannemen.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.