Echt Annie Proulx-weer, daar in het noordoosten van de Verenigde Staten. Scheepsberichten-Annieproulxweer bedoel ik. In haar ansichten en accordeonmisdrijven stormt het ook wel eens, maar bij de ijsschotsen en wind, zweet en scheuren uit de Scheepsberichten wordt het pas echt menens: Koude Noorders, kruiende ijsschotsen, ongewassen lichamen onder dikke wollen truien, ingevroren vis.
Ik vroeg me af hoe het kwam dat al die elektrische zagen in Maine en Vermont het nog deden, terwijl de elektriciteitspalen toch zichtbaar onder de last van de ijspegels bezweken waren. Maar dat was tv. De hele week droom ik al van Maine. En Vermont. Stikjaloers ben ik. Vorig jaar voer ik op de ochtend van de Elfstedentocht met de eerste veerboot van Vlieland naar Harlingen. Tussen de ijsschotsen buiten, tussen de fanfareleden binnen. Van de dokter tot en met de slager, allemaal waren ze er. Alleen een asielzoeker ontbrak, maar die kwam later pas.
Nu is het meteen voorjaar. Alleen de januariwind laat van zich horen. Verder is het weer zo zacht als een babydolfijntje. Ik grijp naar 'Wind, zweet en scheuren', een bijzonder guur boekje van schaatser-schrijver Dicky Hoekstra, voor Grietje. Onderwerp: de tocht der tochten. Dicky zou een emigrant kunnen zijn, die met zijn elektrische zaag zijn huis ijsvrij zaagt. Maar 't blijkt een heuse Bob Evers. Hij schaatst in een scheur bij ('Nu moet je in ieder geval verder komen en dat lukt je wel, zei ik tegen mezelf') Harlingen, zijn zaklamp ('Wat zullen we nou krijgen?, dacht ik.') gaat kapot bij ('Kut! zei ik luidop.') Franeker en tot overmaat van ramp krijgt hij ook nog eens kramp ter hoogte van ('Easy now, Hoek. Geen paniek, want daar heb je niks aan. Ontspannen met die hap, zei ik half luidop tegen mezelf.') Dokkum. Die Dicky! dacht ik luidop bijmezelf.
Ik verlang naar echte winter, warme chocolademelk en een echt avontuur. Van E. Annie Proulx.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.