*

 
dossier

Archief

Clinton wilde pronken met State of the Union

BERT VAN PANHUIS − 26/01/98, 00:00

WASHINGTON - Het was een meesterlijk scenario, dat de publiciteitsmachine van president Bill Clinton had uitgedokterd: Vóór de Congresverkiezingen van 3 november moest hij het imago van een krachtdadig leider zien te vestigen, na een jaar van ingetogen stuurmanschap in 1997.

Clinton zou níet wachten tot hij alle plannen voor 1998 in de State of the Union op tafel kon leggen, de Amerikaanse vorm van de troonrede die Clinton in de nacht van morgen op woensdag uit gaat spreken. Hij zou de gerechten afzonderlijk opdienen, als in een veel-gangen-diner, met de State of the Union als een soort grand dessert.

Op maandag 5 april diende de president een aperatief op. De begroting voor 1999, die hij in het regeringssysteem van de Verenigde Staten al in februari moet indienen, zal er een zijn waarin inkomsten en uitgaven in evenwicht zijn. Sinds 1969 heeft het huishoudboekje van de staat er nog niet zo florissant uitgezien.

De president gaf zichzelf een schouderklopje voor dit resultaat, volgens hem het gevolg van verstandig en terughoudend omgaan met belastinggeld.

Hier en daar werden door deskundige buitenstaanders wat kanttekeningen gemaakt. Zo moest gememoreerd dat Clintons voorganger, George Bush, flink heeft geholpen met belastingverhogingen, die er trouwens mede voor zorgden dat Bush in 1992 tegen Clinton verloor.

Een tijd later, tussen 5 en 15 januari, ging er geen dag voorbij of Clinton was met plannen op de voorpagina's van de kranten te vinden: meer geld voor kinderopvang, meer geld voor verbetering van het onderwijs en meer restricties voor de tabaksreclame.

Populair is ook Clintons voorstel om Amerikanen die tussen de 55 en 64 jaar oud zijn, de gelegenheid te geven zich in te kopen in Medicare, de staatsziektekostenverzekering. Nu kunnen alleen gepensioneerden en gehandicapten daarop een beroep doen.

De zeepbel had net de prachtigste kleuren gekregen, toen hij nattig uit elkaar spatte en de contouren zichtbaar werden van drie vrouwen. In elk geval één van hen kende Clinton goed, misschien zelfs wel intiem: Paula Jones, ex-ambtenaar en voorheen uit Little Rock, Arkansas. Als hij al geen lichamelijk contact met haar heeft gehad in 1991, dan heeft Clinton de vrouw wel uit de publiciteit leren kennen. In het kielzog van Jones werden afgelopen week de dames Tripp en Lewinsky zichtbaar.

Het werd voor de president een week om nooit te vergeten. Een week die de State of the Union van komende week tot een niemendalletje deed verbleken.

En dat terwij er zulke interessante discussies op gang kwamen, voordat het Lewinski-schandaal alle andere staatszaken naar de achtergrond verdrong: Wat moeten regering en Congres doen als er na 1999 een overschot op de begroting komt? Clinton betoogt dat zijn dure begrotingsplannen binnen de dan ontstane financiele speelruimte passen. Kortom: een sluitende begroting is op zichzelf mooi genoeg voor het huishoudboekje, het surplus hoeft niet naar de spaarbank of de portemonnee van de burgers.

De fiscaal-conservatieve vleugel van de Republikeinen, die een meerderheid hebben in beide onderdelen van het Congres, wil het overschot teruggeven aan de belastingbetaler. Onvoorwaardelijke belastingverlaging dus. Deze republikeinen menen dat de doorsnee Amerikaan zelf honderd keer beter kan beslissen wáár hij zijn geld aan wil uitgeven dan het overheidsapparaat.

Tussen beide opvattingen door manoeuvreert Newt Gingrich, de Republikeinse Speaker van het Huis van Afgevaardigden. Hij realiseert zich ook wel dat de plannen van Clinton populair zijn bij de bevolking. En hij heeft een oogje op het Witte Huis als dat vrijkomt. In het jaar 2000. Of eerder.

mailIcon print |