Art Depot. Meubels gemaakt van afvalmateriaal. Te zien op zondag 4 februari van 10 tot 17 uur in het Home Trade Center, Symfonielaan 1 in Nieuwegein.
Guus Voermans (46) nam samen met Gregoor van Zummeren en Henk Tinga het initiatief voor 'Art Dépot'. De kunstenaars worden begeleid door grafische duizendpoot Coen Tuerlings, die er bovendien voor zorgt dat de capriolen van het trio onder de aandacht komen. Zo haalde Art Dépot een opdracht van de gemeente Tilburg binnen om de wachtruimte achter de publieke tribune van het stadhuis opnieuw in te richten. Vanaf 26 februari, als het project wordt opgeleverd, kan het publiek zich vergapen aan meubilair, een koffiebar en een garderobe, geconstrueerd uit dakgoten, samengeperste melkpakken, traproedes, kapotte gloeilampvoetjes en een spatbord van een kinderfiets, te gebruiken als kleerhanger. Zondag kan het resultaat alvast worden bezichtigd op de voorjaarsmeubelbeurs in het Home Trade Center in Nieuwegein.
Kunstenaar Guus Voermans heeft een technische achtergrond. Hij werkte onder meer als constructeur bij Philips, bezocht de kunstacademie, had een bedrijf in schilderij-lijsten en is aangesloten bij de Nederlandse Orde van Uitvinders. In 1991 zette hij de stap naar het zelfstandig kunstenaarschap. “Wat wij doen, was honderd jaar geleden ondenkbaar. Modieus verslijt bestond niet. Een bot keukenmesje werd tegen de muur geslepen. Tot er echt niks meer mee te doen was. Tegenwoordig is sprake van een industrieel mestoverschot. Art Dépot geeft vormen, ooit toch ook bedacht door kunstenaar-ontwerpers, een nieuwe kans.”
In het atelier zijn daarvan enkele fraaie staaltjes te zien. Zoals de lamp met de mechanische dimmer, gemaakt van zwenk-wieltjes, of de tafel van samengeperste pakken melk, waarin de streepjescode nog te zien is. Een salontafel kan heel goed van gesmolten tonic-stampers worden gemaakt. En een naaimachinespoeltje is, voorzien van speld, plotseling een sieraad op het rever. Pronkstuk is echter een lamp, die op een ruimteschip lijkt en waaruit een bewegende kolibri (aangedreven door een motortje van de tijdklok van een wasmachine) zijn nektar haalt. In de lamp lijkt de complete winkel van sinkel verwerkt: het fluitje van een fluitketel, de deksel van een pan, enkele soeplepels, een bloemenvaas, een autospiegel, een buis van een stofzuiger, een Turks schaaltje en - als rozet - een fietslamp.
Voermans: “Het gaat erom dat je het ontwerp in je hoofd krijgt. Verder is het dan nog een kwestie van even de handjes laten wapperen.” Zijn inspiratie haalt hij overal vandaan. “Het moet iets verrassends hebben. Iets van: aha! Mijn naam is Voermans, Augustinus Henricus Adrianus. Juist ja: A.H.A...!” De filosofie is duidelijk: “Als een boom honderd jaar nodig heeft om boom te worden en je maakt van het hout een stoel, dan moet je die niet na vijf jaar weggooien. Dan ben je verkeerd bezig. (...) De reactie op ons werk is schitterend. Een voorbeeld? Op de meubelbeurs in Utrecht stonden wij met onze spullen tussen fabrikanten van grenen en zwaar eiken. Een vrouw die dat allemaal al lamg had gezien, viel bij ons in een stoel en verzuchtte: Zo. He, he, eindelijk rust...”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.